
Eén oog ziet een gat, terwijl het andere oog een hand
ziet.
Je
hersenen
voegen
de
twee
beelden
samen
waardoor je een gat in je hand ziet
en de ovale cilinder voor je rechter.Kijk nu door beide
cilinders naar een verlicht scherm of witte muur en laat de ronde opening samenvallen
met de ovale.
Wat zie je nu? Een ronde opening of een ovale?
Verwissel de
cilinders en herneem
het
experiment. Wanneer je
voordien alleen een
cirkel zag zie je nu een ovaal (of omgekeerd).
Je hersenen proberen beide beelden te versmelten. Nu hebben de meeste mensen een
dominant oog en de hersenen zullen het beeld kiezen dat dit oog opvangt. Mensen die
geen dominant oog hebben zullen min of meer beide vormen terzelfdertijd waarnemen.
geopend en bedek met je duim een ver verwijderd voorwerp. Sluit nu je linkeroog en
kijk of het voorwerp nog steeds bedekt is. Doe vervolgens hetzelfde met je rechteroog.
Het oog waarbij het voorwerp door je duim bedekt blijft is je dominante oog.
Houd beide ogen open en kijk met één ervan door een ronde buis naar een scherm (of
witte muur).Noteer dat de lichtvlek die je doorde buisziet lichter toont dan de omgeving.
Herhaal de proef met de papieren cilinder die
je gemaakt
hebt van de
smalle strook
papier. Nu blijkt de opening donkerder te zijn dan de wand van de buis
signaal naar de hersenen, maar ook naar naburige receptoren, waardoor deze laatste
minder lichtgevoelig worden.Als je nu zonder buis naar een effen wit vlak kijkt worden
alle lichtreceptoren gelijkmatig geprikkeld en beïnvloeden ze elkaar allemaal op dezelfde
manier. Dit resulteert in een uniform verlicht beeld.