Maart 2003
INHOUD
Er rommelt wat in de wetenschappen en in het
onderwijs (Deel 2) |
VOB werd als lid van de Vereniging Vlaamse Leerkrachten (WL) samen met nog 13 andere leerkrachtenverenigingen uitgenodigd door minister Vanderpoorten voor een onderhoud dat doorging op woensdag 15 januari 2003.
Tijdens dit onderhoud werden o.a. de volgende punten besproken: het participatiedecreet, de 'rust' in het onderwijs, de lerarenopleiding, de 'verloning' van de leerkracht (met de BaMa structuur) en het probleem van de lessentabellen. De minister heeft aandachtig naar ons geluisterd en ook de nodige toelichting gegeven.Een kort verslag:
1) Participatiedecreet
In het kader van dit decreet zullen ook directies en leerkrachten een stem krijgen in de VLOR (of één van de deelraden in de VLOR). De minister was tevreden te horen dat er een overkoepelende leerkrachtenvereniging bestaat, en wil nu met de WL als gesprekspartner verder werken. Er komt per school ook een schoolraad, waarin ouders, leerlingen, de lokale gemeenschap en de leraren een gelijke stem hebben. Deze raad heeft als functies: advies, overleg en instemming. De minister verwacht dat het decreet op de schoolraad zal goedgekeurd worden mei /juni 2003.2) De rust'
'Rust roest" en dat mag niet volgens de minister. Veranderingen mogen er zijn, maar dan moeten de leerkrachten op die veranderingen voorbereid worden en begeleid bij het invoeren ervan. Om de planlast te beperken/verminderen kan eventueel via de schoolraad gewerkt worden (inspraak van de leerkrachten).
3) De lerarenopleiding
Ideale beeld: de directie zou in alle omstandigheden de 'beste' leerkracht moeten kunnen kiezen voor elke specifieke opdracht. Dat dit een utopie is, werd al snel duidelijk. Daarenboven is er nog geen duidelijkheid op het gebied van de bekwaamheidsbewijzen vanwege de BaMa structuur en de hiermee samenhangende aan te passen bevoegdheid van de leerkracht in functie van de gevolgde opleiding.
4) Lessentabellen
Dit is het probleem van de koepels en niet van het ministerie.
5) Nieuwe bijeenkomst.
Minister Vanderpoorten nodigde de gezamenlijke lerarenverenigingen een tweede maal uit op 26 februari 2003 om 17.00 uur op haar kabinet. Onderwerp: de autonomie van de scholen.
In het Biootje van januari werd onder deze titel eveneens melding gemaakt van de ongerustheid in verband met de lessentabellen derde graad ASO. Ondertussen hebben zowel het Gemeenschapsonderwijs, het Vlaams Verbond van het Katholiek Onderwijs en minister Vanderpoorten geantwoord op ons schrijven.
Vanwege het ministerie wordt nog eens benadrukt dat de bevoegdheid van het opstellen van de lessentabellen tot de autonomie van de inrichtende machten behoort. De overheid waakt er via de goedkeuring van de leerplannen wel over dat ze niet te overladen zouden worden.
Bij het ontwikkelen van de eindtermen voor de tweede en de derde graad ASO is de DVO uitgegaan van het principe dat de invoering van de eindtermen geen invloed mag hebben op de bestaande lessentabellen en dit op uitdrukkelijke vraag van de koepelorganisaties. Het aantal eindtermen 'natuurwetenschappen voor de derde graad ASO werd gereduceerd t.o.v. de tweede graad. Deze eindtermen kunnen door de inrichtende macht in een geïntegreerde vorm aangeboden worden. De scholen kunnen echter het urenpakket voor de basisvorming natuurwetenschappen uitbreiden met uren uit het complementaire gedeelte.
Bij de ontwikkeling van de decretale specifieke eindtermen voor de pool wetenschappen is de overheid uitgegaan van een geïntegreerd geheel van eindtermen waarbij niet de 'afzonderlijke' vakken het uitgangspunt vormden, maar wel de onderdelen 'structuren, interacties, veranderingen en processen, systemen, tijd, genese en ontwikkeling, wetenschap en cultuur, wetenschap en techniek en wetenschap en samenleving'.Op deze manier beoogt men een zekere samenhang tussen de 'vakken' te verwezenlijken, maar de specifieke eindtermen kunnen ook over de verschillende vakken verdeeld worden.De beide koepels benadrukken dat bij de ontwikkeling van de lessentabellen het onderwijsveld ruim geconsulteerd werd. De lessentabellen werden ook ter goedkeuring voorgelegd aan de bevoegde diensten binnen elke koepel. Men benadrukt ook dat bij volgende vergaderingen het gesprek verder zal gevoerd worden, waarbij naar alle standpunten zal geluisterd worden. Uiteraard staat steeds het belang van de leerling centraal en streeft men naar een kwaliteitsvol onderwijs in Vlaanderen.
Voorzitter Marleen Van Strydonck (Borgerhout)
| Zaterdag 10 mei |
Op die dag houden we onze jaarvergadering maar omdat bij het ter perse gaan alles nog niet in kannen en kruiken was krijg je eind maart nog een extra BIO met alle gegevens.
Houd die dag al maar vrij!
| Dislecticus, ook gehandicapt in de les wetenschap? |
Dyslexie is
- een hardnekkige primaire leerstoornis...
- die zich hoofdzakelijk uit in moeizaam lezen en gebrekkig spellen.
- De mondelinge taalvaardigheid is normaal, het tekstbegrip behoorlijk.
- Dyslexie staat los van de intelligentie.
Dyslexie komt voor bij
- ongeveer 7% van de leerlingen.
- Enkel lezen: dyslexie
- Enkel spellen: dysorthografie
- 95 % vertoont beide problemen: gemakhalve spreken we over 'dyslexie'
-komt 3 maal zoveel voor bij jongens als bij meisjes
Naast de meer bekende lees- en speltiingspklemen
- heeft de dyslecticus een kort werkgeheugen: hij kan slechts 3-4 elementen onthouden (normaal: 5-7 elementen);
- heeft hij moeilijkheden om losse cijfergegevens, symbolen te onthouden zoals telefoonnummers, parate kennis vermenigvuldigingstafels, chemische symbolen...
- is hij vlug zijn draad kwijt bij lange en bij vreemde woorden;
- verwart hij plaatsen, tijden, data...
- kan hij geen twee dingen tegelijk, zoals opletten en notitie nemen;
- verdraagt hij geen achtergrondslawaal, hij moet zich volledig kunnen concentreren
- heeft hij problemen bij inpakken en organiseren: boekentas, sporttas, reiszak inpakken is erg moeilijk. Verloren leggen komt vaak voor en dit is geen opzettelijke nonchalance!!
Hoe kan je als leraar helpen?
- Win informatie in over dit onderwerp, en toon er begrip voor.
- Geef een overzicht m.b.t. werk waaraan dagelijks, wekelijks, maandelijks gewerkt moet worden. Zet dit op papier, vertel het regelmatig.
- Een stuk leerstof staat nooit apart, leerstof is altijd een onderdeel van een groter geheel. Geef duidelijk aan bij welk groot geheel een stuk leerstof hoort. De leerling kan de leerstof dan makkelijker onthouden.
- Zorg dat de opdrachten goed begrepen worden. De leerling denkt vaak te snel dat hij de opdracht begrijpt. Wen hem er aan een opdracht twee keer' te lezen en laat hem vervolgens de opdracht in eigen woorden navertellen.
- Zet belangrijke punten waar hij aandacht aan moet geven op een kaart als geheugensteun.
Vanzelfsprekend is: calculator of vermenigvuldigingstafels bij de hand!
- Bij spellingsproblemen: laat het werk maken op PC met spellingscontrole.
- Corrigeer de spelling zonder ze te verrekenen (bijvoorbeeld in het groen).
- Laat een woordenboek, telefoonboek, allerlei informatiebronnen op CD gebruiken.
- Toets of verslag op school? PC in klas: laat de dyslecticus zijn toets daarop maken!
- Pas teksten aan: maak een grotere kopie (> 115%), gebruik een groter duidelijk lettertype, maak een bladstructuur met duidelijk gescheiden paragrafen. Beperk het aantal woorden per zin (maximum 10) en vermijd samengestelde zinnen.
- Laat teksten vooraf lezen
- Laat een dictafoon gebruiken.
- Lees vragen luidop en duidelijk voor.
- NIET:overschrijven van het bord (lettertype!), WEL: overschrijven van getypt blad
- Stel prioriteiten: eerst korte samenvatting leren, dan steeds meer en meer onderverdelingen en details leren.
- Gebruik ezelsbruggetjes.
- Juiste foutendiagnose.
Dyslexie is erfelijk!
Greet Cans - De Haan (greet.cans@yts.be)
| Oproep (3de maal) |
In het Bio-nummer van juli 2002 plaatsten we onderstaande oproep:
VOB wil al die interessante klasexperimenten (zowel leerlingen- als klassikale proeven) voor haar leden samenbrengen op cd-rom. Daarom deze oproep.
We vragen je om (leuke) experimenten die lukken, die je zelf 'verfijnd' hebt, die (vrij) gemakkelijk uit te voeren zijn met liefst eenvoudig (recup)materieel aan ons door te geven. Hiervoor vind je in deze BIO ook een formulier. Stuur zoveel mogelijk in. Wij verzamelen ze, klasseren ze en maken er een overzichtelijk geheel van.
Zo hopen we de cd-rom klaar te krijgen voor het Jaarboek 2004.Alle huidige en toekomstige collega's zullen je
eeuwig dankbaar zijn.
Komaan, gepensioneerde collega's (en jullie zijn met bijna 150), er is toch nog wel ergens een half uurtje te vinden om een experiment op papier te zetten! Natuurlijk mogen ook de leerkrachten die nog voor de klas staan hun ervaring meedelen!Toen kregen we hierop NUL reacties. In het Bio-nummer van januari 2003 deden we een 2de oproep. We hebben nu al EEN experiment binnengekregen...
Inmiddels vernamen we van de pedagogische begeleiding dat in de 2de graad van alle netten volgende leerlingenpractica VERPLICHT zijn.
In de richtingen met 1 lesuur biologie: minstens 2 eerlingenpractica per schooljaar.
In de richtingen met 2 lesuren biologie: minstens 7 leerlingenpractica per schooljaar.
Dit zal duidelijk omschreven worden in alle leerplannen.
Ook in de 3de graad zal het aantal leerlingenpractica verplicht opgelegd worden.Ervaren collega's: help de jonge leerkrachten. Stuur uw biologie-experimenten binnen (zie formulier in vorige BIO).
| Biologie op Internet |
http://www.becominghuman.org
Een fascinerende initiatie in het ontstaan van de mensheid, op voorwaarde dat je over een snelle internetverbinding en Macromedia Flash 5 beschikt. 'Becoming Human' is een boeiende ontdekkingsreis naar de mens, met bewegende beelden. Vier aparte delen: Evidence, Anatomy, Lineages en Culture. Bijkomende informatie met foto's en beschrijvingen. Links naar verwante sites.Bron: Artsenkrant, november 2002
Prokaryoten, eukaryoten en... archae
De Amerikaanse microbioloog Carl Woese (Universiteit Illinois) ontving in september ll. van de Koninklijke Zweedse Academie de Crafoord-prijs, een van de belangrijkste onderscheidingen in de biologie. Hij ontdekte door onderzoek van het ribosomale RNA in de jaren zeventig een derde categorie van levende organismen: de archae (vroeger archaebacteriën genoemd). Het zijn organismen die op bacteriën gelijken en die vaak de extreme omstandigheden van heetwaterbronnen of erg zout, zuur of zwavelrijk water leven.
Bron: De Standaard
Toetsvragen op het internet
http://www.vmbo-examengids.nl
http://www.nvon.nl/bio/
http://www.biologieolympiade.nl
http://home.wanadoo.nl/arnokalkman/Jean Van de Weerdt (Genk)
| Stages - bijscholingen - symposia |
Natuurwandelingen in Provinciaal Domein Lippensgoed-Bulskampveld
Datum: zondag van 10- 12 uur
Plaats: provinciedomein, Bulskampveld 9, 8730 Beernem, parking Drie Koningen aan de cafetaria.
Programma: gezinswandelingen
16 maart 2003 -Leuke voorjaarsbloeiers.
20 april 2003 - Te land en te... poel: amfibieen.
18 mei 2003 - Kruiden (14.30 - 16.30 uur)
Onkosten: geen - Aangepaste kledij en laarzen.
Info: Christine Van Rie 050/40 32 51
Vlaamse Onderwijsdagen 2003
Datum: 26-29 maart (10- 18 uur)
Plaats: Flanders Expo Gent
Programma: op het 'Gezondheidseiland' vind je stands van de Belgische federatie tegen kanker, De Sleutel, Leefsleutels, Lokaal Gezondheidsoverleg uit de provincies Antwerpen en West-Vlaanderen, Nutrition Information Centre, OIVO, Sensoa, Vereniging voor alcohol- en andere drugproblemen, Vlaams instituut voor gezondheidspromotie.Ongenode gasten: menselijke parasieten
Datum: woensdag 7 mei 2003 (14 - 17 uur)
Plaats: UIA, Universiteitsplein 1, 2610 Wilrijk, Aulagebouw (gebouw 0) promotiezaal, parking P3 of P4.
Doelgroep: leerkrachten en docenten biologie SO. en H. 0.
Programma: 'gewone' parasieten en parasitaire aandoeningen in België; geïmporteerde parasieten; onbelangrijke parasieten die plots zeer agressief worden.
Onkosten: €26,20 (koffie en syllabus inclusief)
Rekening 001-1165360-78 UIA-CBL, Wilrijk. Vermeld cursusnummer 02/BlO/247.
Inschrijven vóór 23 april.
Info: 03/820 29 60
| Zoo-flashes (6) |
Op donderdag 24 oktober is de grote container met Hermien aangekomen bij het nieuwe nijlpaardengebouw. Na een eerste, eerder stroeve kennismaking, botert het ondertussen best tussen Hermien en Heini. Er werd al verschillende keren gepaard, maar volgens de laatste berichten is er van dracht nog geen sprake. Het paren vindt plaats in het water en Hermien mag van geluk spreken dat Heinie niet het 'doorzettingsvermogen' heeft van een neushoorn, anders zou ze al lang verdronken zijn!Voor het overige zullen we het ditmaal uitsluitend hebben over "Zoo a la carte".
Als je geen thema's aankruist op het keuzeformulier, wordt dat bekeken als de aanvraag van een "standaard" bezoek. De
4 gidsen mogen dan de groepen begeleiden in de keuken van het nocturama, de filter van aquaforum (voorheen het dolfinarium), de publiekszijde van het groot perk (kamelen, lama's e.a.), achter de schermen van het aquarium (alleen de zoetwaterkant), het viskraam (kop van snoek, kaak van haai, eieren van rog en haai, exoskelet van langoest, kaken van octopus,... ), vriesland (pinguïns), het buffelgebouw en uitleg geven over het kweekprogramma van de kongopauw.De aandachtige lezer(es) merkt dat dat programma niet volledig overeenkomt met het vroegere schermenbezoek. De lokalen met de muizen-, sprinkhanen- en krekelkweek zijn voorlopig niet toegankelijk, en de filter van het aquarium mag om veiligheidsredenen niet worden bezocht tot de stabilisatiewerken zijn uitgevoerd (gepland voor 2003).
Om andere gebouwen te bezoeken moeten keuzes worden gemaakt.
Alleen als je "de dierenkeuken" aankruist, kunnen de gidsen de groep naar de grote dierenkeuken begeleiden.
Als je "zieke dieren: wat dan?" aankruist, kunnen we je begeleiden naar een lokaal waar de bokalen met dieren in formoloplossing, het geweer en de blaaspijp voor het verdoven van dieren tentoongesteld zijn. Dat is dus het materiaal dat vroeger te zien was in en bij het autopsielokaal dat nu voorlopig (?) gesloten is voor het publiek.
De zoutwaterkant achter de schermen van het aquarium bezoeken kan alleen maar als je "water in de zoo" hebt aangekruist.
Meer dan vier thema's aankruisen heeft geen zin. Als die onderwerpen breed verspreid zijn over de tuin, hebben wij minstens 2 uur nodig om rond te geraken. Soms vragen collega's ons om een thema te laten vallen als we onderweg zijn, en de vrijgekomen tijd bv. te besteden aan een bezoek van het nijlpaardengebouw. Dat kan natuurlijk wel.Hiermee sluit ik de korte reeks 'Zoo-flashes' af. Het lag in mijn bedoeling jullie te helpen bij de voorbereiding van een zoo-bezoek. Ik wil eindigen met lof toe te zwaaien aan de vele collega's - van Kortrijk tot Bree en van Halle tot Kalmthout - die extra tijd hebben besteed aan de persoonlijke voorbereiding van hun excursie. Meestal resulteert dat in up-to-date en prima verzorgde werkbladen. Proficiat!
Heet van de naald: zowel de bruine beer als de ijsbeer gaan naar andere dierenparken. Hun buitenverblijven worden met elkaar verbonden (onder de trap naar de zeeleeuwen door) en in het vernieuwde, aangepaste verblijf komen brilberen (Tremarctos ornatus).Frans Desfossés (Edegem)
| Gevraagd: artikels voor het VOB-Jaarboek |
Als we de in de laatste decennia verschenen Jaarboeken van onze Vereniging doorbladeren of als we op de webstek van de Vereniging het overzicht van de gepubliceerde artikels raadplegen, stellen we vast dat deze Jaarboeken een grote rijkdom aan informatie aanbieden. Iedere biologieleerkracht kan in een Jaarboek altijd wel iets vinden dat hij waardevol vindt.Ook in de volgende decennia moeten steeds verder artikels verschijnen die leden interessant vinden. Daarvoor moeten collega's de stap naar de publicatie van een of meer bijdragen zetten. Er is een Chinees spreekwoord dat zegt dat je in je leven drie dingen moet gedaan hebben. Eén, voor een nakomeling gezorgd, twee, een boom geplant en drie, een boek geschreven. Een artikel in het Jaarboek beantwoordt uiteraard ook aan het criterium "boek".
De Vereniging telt ongeveer 1200 leden. Als er daarvan jaarlijks één procent, d.i. 12 collega's, één artikel schrijven, zal het Jaarboek een bron van interessante bijdragen blijven. In BIO van 1 maart 2002 kan men een uitgebreide lijst vinden van onderwerpen waarover sommige collega's informatie vragen. We helpt?
Hieronder volgen een 40-tal suggesties van artikels die voor het Jaarboek welgekomen bijdragen zouden kunnen zijn. M. 0. betekent iedere keer middelbaar onderwijs. De ondergetekende is altijd bereid om voor bepaalde artikels een potentiële auteur op de weg te helpen of om eventueel documentatie ter beschikking te stellen. Misschien zijn sommige studies al gebeurd en al te onbekend gebleven.Walter Deconinck, Loncinstraat 15, 8500 Kortrijk.
Homeostase in het middelbaar onderwijs
Wat houdt dat begrip precies in? Geïllustreerd met vele voorbeelden. Een of twee voorbeelden van lessen. De rol van Claude Bernard (1813-1878; Le milieu intérieur) en van Walter Bradford Cannon (1871-1945; The wisdom of the body).
Aanpassing of adaptatie
Hoe kan dit onderwerp in het MO. behandeld worden? Welke voorbeelden? Verband met de evolutietheorieën. Wat met teleonomische verklaringen, d.w.z. verklaringen met betrekking tot de overlevingswaarde?
Misvattingen in het biologieonderwijs
In Pfundt, H & R. Duit (1991), Students Alternative Frameworks and Science Education (Institute for Science Education, University of Kiel) worden 208 publicaties over "misconcepties" of "misvattingen" die in verband staan met biologie vermeld. Het gaat hier over meningen over biologieonderwerpen die totaal verkeerd zijn. Welke misvattingen komen bij biologieleerkrachten en hun leerlingen zoal voor?Reageerbuisproeven op microschaal
Er zijn met enig zoekwerk talrijke experimenten te bedenken die in een reageerbuis uit te voeren zijn (enzymen, ademhaling, fotosynthese, vertering). Vooral interessant voor leerlingenproeven in grote klassen. De warme hand kan het warmwaterbad vervangen.
Experimenten met een ideale proefplant
Uitzoeken van alle experimenten die men met een beperkte reeks van proefplanten of plantendelen kan uitvoeren. Bijvoorbeeld: aardappel, ui, laurierkers, erwt, pelargonium, waterkerszaden, waterpest, Vallisneria. Biologieleerkrachten mogen het 'contact met de natuur' niet laten verloren gaan door overwegend de biochemische processen van de organismen te bespreken.Begrippenschema's
Voorstellen van begrippenschema's (begrippenkaarten, "conceptmapping") voor bepaalde biologieonderwerpen die in het lager en hoger M.O. behandeld worden. Eventueel de opbouw ervan in twee of meer fasen. Via internet is veel inspiratie te vinden.De nieuwe osmotische waarden
Zijn de 'nieuwe' begrippen 'osmotische potentiaal' en "waterpotentiaal" beter geschikt voor het M.O. dan de "oude" begrippen "osmotische waarde" en "zuigkracht"? Wat houden deze "nieuwe" begrippen precies in?
Experimenten met vluggroeiende planten
Planten van bepaalde rassen van koolsoorten groeien zeer snel. Welke experimenten op het niveau van het MO. zouden daarmee gedaan kunnen worden? Misschien zijn er nog andere soorten of rassen evengoed geschikt? Is de vlucht naar de biochemie en DNA-leerstof wel de best geschikte weg om leerlingen te blijven boeien?Biologische experimenten met een resultaat na één week
Welke experimenten lenen zich ertoe om uitdrukkelijk de verschillende fasen van de zogenaamde wetenschappelijke methode te volgen? Experimenten die bijvoorbeeld de ene week opgezet worden en de volgende week een duidelijk resultaat opleveren. Onderzoek van de kieming van zaden? Groei van vluggroeiende planten?Vergelijkende studie van een leerstofonderwerp in biologieleerboeken
Een bepaald onderwerp bestuderen in enkele gebruikelijke biologieleerboeken en de waarde ervan volgens verschillende criteria onderzoeken.Begrippenlijst biologie
Definities van de kernbegrippen die in het biologieonderwijs van het M.O. gebruikt worden. Kritisch onderzoek. Vergelijking van verschillende 'biologiewoordenboeken' en encyclopedieën.
Analyse van de biologietermen in de grote Van Dale
Nagaan van de juistheid van bijvoorbeeld 100 of 200 woordenboekdefinities die belangrijk zijn voor het biologieonderwijs.Taalkundige verklaring van in het M.O. gebruikte biologietermen
Bijvoorbeeld van 100 of 200 vreemde termen de Latijnse, Griekse of Franse oorsprong nagaan.Bibliografie van de artikels
Publicatie van de titels van de bijdragen die in het tijdschrift van de Vereniging verschenen zijn van 1955 tot 1977. Misschien zitten daar wel artikels bij die een collega kunnen interesseren. Op de webstek van de VOB zijn de artikels gerepertorieerd vanaf 1978.
Catalogus van de biologieleerboeken voor het M. 0.
Publicatie van een catalogus van alle biologieleerboeken voor het M.O. die vanaf de negentiende eeuw verschenen zijn. Inzamelactie. Bewaren in een archief of een bibliotheek (universiteit, onderwijsmuseum van leper).
Samenstellen van eenvoudige determineertabellen van planten
Te gebruiken in het lager MO. onder leiding van de leerkracht. Dienstig voor oefeningen in het determineren van planten.
De ideeën van Claude Bernard
Claude Bernard (1813-1878), de vader van de moderne fysiologie, heeft op een wezenlijke manier de kennis over de fysiologie van de mens vooruitgeholpen. Zijn onderzoekingen kunnen misschien voor een les een mooi voorbeeld geven van de toepassing van de
wetenschappelijke methode in het onderzoek van de fysiologie van de mens.
Excursiegids voor bijzondere gebieden
Uitgewerkte gids voor duinen, slikke en schorre, bos, heide, wegkant. Gesneden brood voor een welomschreven gebied.Historische studie van een ziekte en de behandeling ervan
Hoe heeft men de ziekte ontdekt? Welke symptomen? Hoe werd ze verklaard? Welke remedies? Welke gevolgen? Bijvoorbeeld: suikerziekte, vitaminetekort, besmetting, kraamvrouwenkoorts, gebruik van antibiotica, enz.
De geschiedenis van een biologische ontdekking
Hoe kwam voor een bepaald onderwerp de kennis die we nu bezitten tot stand? Welk onderwerp leent zich voor een of twee lesuren? Voorbeelden: vertering, bloedsomloop, suikerziekte, ademhaling, fotosynthese, virussen, minerale voeding, wetten van Mendel, enz.
Fauna, flora of wetenschappers op postzegels
Welke postzegelverzamelaar gespecialiseerd in die thema's stelt met afdrukken de mooiste of merkwaardigste exemplaren voor?Guido Gezelle als biologieleraar
Guido Gezelle (1830-1899) was een tijdje biologieleraar in het Kleinseminarie van Roeselare. Nu moeten leerlingen soms pannenkoeken verkopen voor de school. Gezelle liet zijn leerlingen een plaquette met het gedicht "Boodschap van de vogels en andere opgezette dieren" (1855) verkopen om zo zijn biologisch museum uit te rusten.
Het gedicht is te lezen op de webstek http://cf.hum.uva.nl/dsp/ljc/gezelle/vogels.html
Joseph Samyn, een bijzondere biologieleraar
Priester Joseph Samyn (1854-1909) was 16 jaar lang een toegewijd collegeleraar met een bijzondere belangstelling voor plantkunde. Zijn "Cours de Botanique" (1884) is bewaard gebleven. Hij zorgde voor de publicatie van Deken De Bo's Kruidwoordenboek (1888) en verzorgde ook de tweede uitgave van het West-Vlaams Idioticon (1892). Een biografie van zo iemand kan ons tonen hoe biologie door een gedreven leraar in de negentiende eeuw onderwezen werd.
Historiek van het biologieonderwijs
Wanneer werd het vak ingevoerd in de lagere en middelbare school? Hoeveel lesuren? Wie gaf dat onderwijs? Welke leerboeken werden er gebruikt? Wat stond er in de leerplannen? Deed men proeven?Augustin Germain, een pionier van het biologieonderwijs
Germain (1834-1905) was leraar aan de rijksnormaalschool van Brugge, onderwijsinspecteur, directeur-generaal en uiteindelijk secretaris-generaal van het Ministerie van Onderwijs. Zijn streven om natuurwetenschappen te laten onderwijzen in het lager onderwijs verwekte tot in het Parlement opschudding. Stel je voor! De delen van het menselijk lichaam bespreken! Zijn boek "La Question de l'Enseignement élémentaire des Sciences Naturelles (1876) is nog altijd zeer revelerend.De biologieleerboeken van Julius Mac Leod
De latere hoogleraar Julius Mac Leod (1857-1919) is in de jaren 1880 een korte tijd biologieleraar geweest in de Rijksnormaalschool van Brugge. Hij publiceerde voor het MO. leerboeken plantkunde, dierkunde en menskunde die herhaaldelijk heruitgegeven werden. Hij was waarschijnlijk de eerste Vlaming die over evolutie schreef. Welke kwaliteiten hadden die leerboeken? Hoe verschilt de inhoud van die van de hedendaagse leerboeken? Welke terminologie was toen gebruikelijk?
J. J. d'Omalius d'Holloy, een voorloper van Darwin
De beroemde Belgische geoloog Jean-Baptiste Julien d'Omalius d'Holloy (1783-1875) schreef reeds in 1831 dat in een evolutieproces soorten uit andere soorten ontstaan zijn. Charles Darwin vermeldt hem in een van de heruitgaven van zijn beroemd werk "On the origin of species". Een aangepaste biografie in het Jaarboek verdient onze belangstelling.
De geschiedenis van de Belgische flora's
De eerste Belgische flora met een classificatie volgens Linnaeus zou die zijn van Natalis (Noel) De Necker (geboren in Roeselare in 1729 en gestorven in 1793 in Mannheim), verschenen in 1768. Of zou het de in 1827 verschenen "Florula Belgica" van Barthélemy Du Mortier (1797-1878) zijn? De laatst verschenen flora zal wel die zijn van Joseph De Langhe en medeauteurs. Welke flora's zijn er in de tussentijd verschenen? De flora van De Necker "Deliciae Gallo-Belgicae silvestres" is te lezen op de webstek http://gallica.bnf.fr (Intikken van "Recherche" en bij "Mots du titre": "Deliciae").De receptie van de evolutie in het middelbaar onderwijs
Over de receptie van de evolutie in de Belgische universiteiten is al een en ander gepubliceerd. Maar hoe zat dat in het MO.? Wanneer verscheen het onderwerp in de leerboeken? In welke klassen werd daarover gesproken? Hoe was de verhouding met de lessen godsdienst? Heeft het creationisme in ons M. 0. enige aanhang? Zo ja, in welke soort scholen?Voortplantingsbiologie in het onderwijs
Wanneer werd de "hele" mens in de biologielessen bestudeerd? Wanneer verscheen het thema in de leerboeken? Welk verband was er met de seksuele opvoeding? Hoe kijken oudere collega's op hun onderwijs van deze materie terug? Welk verband was er met de lessen godsdienst of zedenleer? Hoe reageerden de leerlingen? Enquête bij biologieleerkrachten.Historiek van de dissecties in het middelbaar onderwijs
Wanneer werden er dissecties in het middelbaar onderwijs ingevoerd? Wat blijft daar nu nog van over? Hoe evolueerde de wetgeving? Voor- en nadelen van een dissectie. Wat met de dissecties op film of op het Wereldwijde Web?
De evolutie van de leerplannen biologie
Hoe veranderden de leerplannen biologie in de laatste honderd jaar? Welke onderwerpen vielen weg, welke kwamen erbij? Vergelijking van de leerplannen van het gesubsidieerd en van het officieel onderwijs.Evolutie van het leerplan natuurwetenschappen in het lager onderwijs
Er verschenen voor het officieel lager onderwijs leerplannen in 1842, 1880, 1897, 1922, 1936 en 1957. Hoe evolueerde het vak natuurwetenschappen, onderwezen in de derde graad, in deze leerplannen? Hoe evolueerde dat in de leerplannen van het gesubsidieerd onderwijs en in het stedelijk onderwijs van bijvoorbeeld Antwerpen.Het in de klas kweken van waterpest
Canadese waterpest (Elodea canadensis) of Argentijnse waterpest (Elodea densa = Egeria densa) zijn waterplanten die een biologieleerkracht graag in zijn klas heeft, o.m. voor fotosyntheseproeven. Gevraagd is een studie van de beste manier om één van die soorten in de klas te kweken. Eventueel een identiek artikel over een Vallisneria-soort, een waterplant die eveneens geslaagde fotosyntheseproeven toelaat.
Een reeks onderzoekingen
Publicatie van een reeks onderzoekingen (demonstraties, practica) i.v.m. onderwerpen waarover vraag naar is (zie BIO, jaargang 2002, nr. 2). "Gesneden brood' voor één of twee lesuren.
De standplaats van zaadplanten uit onze streek
Een groep brandnetels wijst op een stikstofrijke bodem (afval van grasperken bijvoorbeeld). Maar de aanwezigheid van een bepaalde plantensoort wijst altijd op kenmerken van de standplaats. De Duitse "Pflanzensoziologische Exkursionsflora" van Oberdorfer geeft voor elke soort een beschrijving van de typische standplaats en ook gegevens over bestuiving en verspreiding. Nuttig voor leerkrachten op excursie zou zijn: een lijst van honderd of meer veel voorkomende plantensoorten uit onze streken met de beschrijving van de typische standplaats.Overzicht van de geschiedenis van de biologie
Overzicht waarin de voornaamste gebeurtenissen uit de geschiedenis van de biologie in tabelvorm vastgelegd zijn.
Geologische perioden
Band waarin volgens de laatste gegevens de duur van de geologische perioden vastgelegd is. Uit te drukken in breuken om zo aan te passen aan de omtrek van het biologielokaal waar deze band blijvend gedemonstreerd wordt.Catalogi
Geïllustreerde catalogus van de wandplaten en modellen die in het biologieonderwijs meestal gebruikt worden.Energieverbruik bij de mens
Zwaarlijvigheid, vetzucht of obesitas blijft een van de grootste medische problemen. Een reep chocolade met noten van 45 g levert 275 kcal. Een fietstocht kost ongeveer 5 kcal/min. D.w.z. dat je ongeveer 55 min moet fietsen om de energietoevoer van die reep weg te werken, zodat je lichaamsgewicht niet toeneemt. Een cola wegwerken kost 40 min fietsen. Nuttig zou zijn een lijst van allerlei 'tussendoortjes en toemaatjes' (suikerhoudende dranken, chocolade, e.d.) met daaraan gekoppeld de tijd die men aan allerlei activiteiten moet wijden om die energietoevoer te neutraliseren.
| Dringend gevraagd |
In de evaluatieformulieren van het Vlaams Congres voor Leraars Wetenschappen vraagt men naar meer werkgroepen voor leerkrachten Iste graad. Die willen we graag inrichten tijdens het 9de Congres, op zaterdag 29 november, maar daarvoor hebben we werkgroepleiders nodig.
We zoeken collega's die graag hun ervaring (GWP, zelfstandig werk, experimenten, prettige of nieuwe aanpak van een bepaald lesonderwerp Iste graad) willen delen met jongere leerkrachten. Je wordt vergoed voor je inzet.Onmiddellijk reageren is het beste, maar je kan heel maart en april (behalve tijdens de paasvakantie) telefoneren naar Herman Snoeck (03/236 5115) om je als medewerker op te geven. Dank bij voorbaat.
| Kom op tegen kanker |
E-solidariteit is een project waarbij jongerenteams onder leiding van een coach (een leerkracht!) een website bouwen voor actievoerders van de solidariteitscampagne "Kom op tegen Kanker". Rode draad in het project zijn maatschappelijk engagement via een nieuw medium, probleemoplossend denken, teamwerk en creativiteit.
Het startsein van de campagne van "Kom op tegen Kanker" met het thema 'gezonde voeding' werd onlangs gegeven met de actie 'Massaal op de Schaal'. Vanaf de Startshow op TV 1 op 21 februari 2003 zal het dan ook in heel Vlaanderen weer gonzen van bedrijvigheid. Actievoerders zullen tal van activiteiten organiseren en geld inzamelen in het voordeel van de strijd tegen kanker.
Eén of meerdere teams van jonge websitebouwers kunnen in school- of klasverband één (of meerdere) van deze activiteiten extra in de verf zetten met een website!
De mooiste en leukste sites worden uiteraard beloond met geweldige prijzen voor de leerlingen en de scholen: webcams, een gloednieuwe Barco-projector voor de school, gsm's, dagtrips op het Vlaamse onderzoeksschip De Zeeleeuw', een bezoek aan het CERN (Europese Organisatie voor Nucleair Onderzoek) in Zwitserland, een workshop webdesign voor gevorderden, een bezoek aan Technopolis en een filmvoorstelling in een digitale bioscoop. Deze prijzenpot wordt bovendien doorlopend gespekt met nieuwe prijzen.
Om dit allemaal meer tastbaar te maken, kan u een kijkje gaan nemen op de website www.e-solidariteit.be
Een aantal actievoerders hebben reeds een leuke actiepagina gemaakt.
| Natuurstudiekampbegeleiders |
Natuur 2000 is een jeugdorganisatie voor natuurstudie en milieubehoud voor en 'door jongeren van 12 tot 25 jaar. De N2000-jongeren organiseren dagtochten, weekends en kampen om op een leuke manier samen met andere jonge natuurvnenden de natuur te bestuderen. Er is ook aandacht voor milieuproblemen in de buurt of aan de andere kant van de wereld.
Als je in je klas leerlingen hebt van 15 tot 18 jaar met meer dan gewone interesse voor natuurstudie en milieubehoud kan je hen misschien volgende unieke en interessante opleiding aanbevelen.
Natuur 2000 organiseert een zomerschool voor toekomstige natuurstudiekampbegeleiders.
Oude rotten in het vak bieden de jonge begeleiders in spe een unieke kans om het fijne te weten te komen over het boeiende aan natuurstudie en milieubehoud (en hoe dit door te geven aan anderen) en geven praktische tips om tochten en kampen te organiseren. Na een geslaagde opleiding maakt de kandidaat deel uit van het team dat Natuur 2000 in de toekomst zal dragen. Deze unieke opleiding gaat door in Torgny (de Waalse Provence) van 5 tot en met 12 juli 2003, eventueel volgen er nog andere opleidingsdata.
Toelatingsvoorwaarden. Je bent tussen 15 en 18 jaar en natuurstudie vindt je tof. Je neemt graag initiatief, bent niet op je mond gevallen en gemotiveerd om jongeren te begeleiden. Een uitgebreide kennis van de natuur is niet noodzakelijk, interesse wel.
Vraag naar de folder of schrijf nu reeds in voor de selectie door een gemotiveerd briefje te sturen waarin je jezelf voorstelt. Een eerste kennismaking gaat ergens rond Pasen door tijdens een dagtocht in het Verdronken Land van Saeftinghe.
Vraag een aantal exemplaren van de folder aan bij Natuur 2000, Bervoetsstraat 33, 2000 Antwerpen;
- tel. 03/231 26 04
- fax. 03/233 64 99
- e-mail natuur2000pandora.be
| Op kamp met J, C & W |
Het kampennummer van Jeugd, Cultuur en Wetenschap is van de pers en als je het niet in je adresbakje vond of tussen de andere documentatie in de leerkrachtenkamer kan je een nummer aanvragen bij J, C & W, Toekomststraat 9, 1800 Vilvoorde, 02/252 58 08, info@jcweb.be,
www.jcweb.beVolgende kampen worden aangeboden.
Een kasteelhoeve onder de loep '(Land van Ny), 27/7-3/8, 8-12 jaar.
Wetenschap aan zee (Oostduinkerke), 9-16/8, 9-12 jaar.
Wetenschap en taal, een tweetalig kamp (Oostduirrkerke), 23-29/8, 12-15 jaar.
Ruimtevaart Space Camp (Zedelgem-Brugge), 13-16/4, (11-14 jaar).
Archeologische kampen
Steendorp (Temse), 12-19/4, 13-15 jaar en 164-jaar;
Mechelen, 12-19/7, 12-15 jaar; Haillot (Franstalig), 13-27/7, 16+-jaar;
Oudenburg, 26/7-2/8, 12-15 jaar en 2-16/8, 16+ jaar.
Inschrijven voor een van de kampen moet voor 15 maart gebeuren.
| Mosterd |
Dat is het nieuwe tijdschrift (100 blz. dik) van MOS (Milieuzorg Op School), dat zopas op de scholen is toegekomen: één exemplaar in elke basisschool en twee exemplaren in alle secundaire scholen.
Net zoals bij de vroegere Nieuwsbrief Groene School, die nadien omgedoopt werd in Nieuwsbrief MOS, kan je uit dit tijdschrift de mosterd (ideeën, informatie, ondersteuning) halen voor een milieuproject op school.Na 5 jaar werking zijn meer dan de helft van de Vlaamse secundaire scholen in een MOSproject gestapt. Bij de basisscholen, die nog maar 2 jaar ondersteund worden, is dit reeds 20%.
Een milieuproject op school wordt niet door slechts één gemotiveerde leerkracht gedragen. In elke provincie staat er een ploeg MOSbegeleiders klaar om je school met raad en daad bij te staan, om je de mogelijkheden van ander participanten te leren kennen.
Indien dit tijdschrift niet in jouw postvakje terecht kwam, vraag er dan naar bij de andere vakcollega, bij de vakcoördinator, of zoek het tussen de andere documentatie die in de leerkrachtenkamer aanwezig is.Je kan ook naar www.milieuzorgopschool.be surfen of je eigen exemplaar aanvragen bij het
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap
Afdeling Algemeen Milieu- en Natuurbeleid
Koning Albert 11-laan 20 bus 8, 1000 Brussel Fax 02/553 80 55
mos@lin.vlaanderen.be (basisonderwijs)
groeneschool@vlaanderen.be (sec. onderwijs)
| Het suikermuseum in Tienen |
Tienen is voor vele mensen verbonden met de sneeuwwitte klontjes suiker. De suikerstad van België en laat ons als 'Tienenaar' wat chauvinistisch zijn, van de Euregio. De stad heeft nu samen met de suikerraffinaderij een museum geopend dat het boeiende verhaal van biet tot suiker moet vertellen. Van historische en geografische verhalen tot de suikerbietenoogst, van de ervaringen en het dagelijkse leven van de seizoensarbeiders tot de hedendaagse toepassingen van de bekendste zoete stof. Er wordt ook aandacht besteed aan honing, als een van de eerste zoetstoffen, inuline als nieuwe industrieel geëxploiteerde zoetstof en haar rol bij suikerziekte, verder werd er ook even aandacht besteed in de ontwikkeling van citroenzuur.
Op 28 september laatstleden werd het boeiende, langverwachte (het idee kwam er al in 1988) museum geopend in het voormalige Vredegerecht aan de Tiense Grote Markt. De objecten en permanente verzameling staan er te pronken en de bezoeker wordt er verwend met de nieuwste technische snufjes en tentoonstellingstechnieken. De tijdelijke tentoonstelling gaat over "Suikerstukken voor het dodenfeest in Mexico" dat jaarlijks gehouden wordt op 2 november.
Het museum heeft als thema "Op zoek naar de verloren smaak van suiker" en werd door de firma SIEN 'The Art of Exposure' uit Leuven gerealiseerd. Er was een wetenschappelijk comité dat moest toezien op de juistheid van het gepresenteerde verhaal en verder was er het zeer belangrijke archief en de verzamelde museumstukken van de stad die gebruikt werden voor het realiseren van de tentoonstelling.De rode draad die door het museum loopt is het verhaal dat op een dag suiker zijn zoete smaak verloren is. Het is dan aan de bezoeker om zelf opzoek te gaan naar de oorzaak van dit verlies. Men start in het moleculesas (realisatie G. Rooseleer) om dan verder gegidst te worden met een persoonlijke audioguide (Nederlands, Frans, Duits, Engels) die je langs de verschillende stappen begeleidt om tot de juiste oplossing van het probleem te komen. Je krijgt dan gedurende ongeveer 2 tot 3 uur de mogelijkheid om alles tot in de puntjes te bestuderen.
Voor het vak biologie zijn er zeer veel mogelijkheden. Er is de ruimte waarin je kennis kunt maken met de wonderwereld van de honingbij, er zijn mogelijkheden om je smaakpapillen te testen en vrij veel natuurlijke planten en vruchten die je aanzetten tot zelf te experimenteren en uit te testen met smaken eens je thuis bent.In een andere ruimte maak je kennis met de suikerbietverbouwing, van zaad tot tweejarige plant. Een niet onbelangrijke video toont de zetmeelvorming bij planten. Deze video (3 minuten) kan je zeker gebruiken in je lessen fotosynthese, vraag hem aan op het secretariaat van het museum bij Bernadette Asperges!
Eens je op de eerste verdieping bent gekomen zie je het productieproces en de raffinage van de suiker. Uiteindelijk kom je bij de microscopische waarnemingen van een aantal suikerkristallen en de rol die suiker kan spelen in je lichaam. Een niet te missen gedeelte is "Het suiker trekken" dit is een techniek die sommige bakkers gebruiken om zeer mooie suikerstukken te maken als versiering op desserten.Er is ook voorzien in een cafetaria en een winkel met Haspengouwse streekproducten.
Je kunt je bezoek ook nog uitbreiden met een overzicht van de Romeinse tijd in een van de oudste steden van België. In het museum 'Het Toreke' zijn er vrij talrijke toonkasten die je dit verhaal duidelijk maken. Voor de lessen Nederlands is er de mogelijkheid om van het Tiense dialect te genieten.
Nuttige informatie:
Stedelijk Museum 'Het Toreke' en Suikermuseum Tienen, Grote Markt 6, 3300 Tienen, 016/805666
Elke dag van 10.00 tot 17.00 uur open, behalve op maandag, Kerstmis en Nieuwjaar.
Video Fotosynthese (3 minuten) aanvragen bij Bernadette Asperges.
Individueel: € 2,46 per persoon.
Groepen (minimum 10 personen): € 1,23 per persoon. Klassen onder begeleiding van een leerkracht GRATIS!!!!!Geniet van je bezoek!
Dr. M. Asperges (Ezemaal)
| Minerant 2003 |
Datum: 10 en 11 mei 2003 (10 - 18 uur)
Plaats: Handelsbeurs, Twaalfmaandenstraat, Antwerpen (in de nabijheid van het Torengebouw)
Onderwerp: 28ste internationale mineralen- en fossielenbeurs
Programma: op deze beurs kan je o.m. goedkoop verzameldoosjes en loepedoosjes kopen.
Onkosten: toegang gratis
Info: http://www.minerant.org/MKA/minerantnl.html
| Vragenrubriek |
Als je een antwoord weet op een van de vragen die in deze rubriek verschijnen stuur dat dan naar de redacteur. Je kan ook je eigen vragen insturen.Vraag 33/2/278 - Jeanne Nieus
Jeanne Nieus, een dame uit Gent of het Gentse, werd in de jaren 1930 aan de Gentse universiteit licentiate opvoedkunde en later doctor opvoedkunde. Haar doctoraatsthesis had als titel : "Een bijdrage tot de Geschiedenis van het Onderwijs in de Biologie", maar het kan ook geweest zijn: "Didactiek en proeve van practische uitwerking van het onderwijs in de biologie". Voor de doctoraatsthesis was prof. dr. P. van Oye de promotor. Is er iemand die weet waar deze thesis bewaard is of die iets meer weet over deze overleden dame of over familieleden?
Herman Snoeck (Antwerpen)
| Onderwijstips |
Als je een tip weet die zeker ook andere collega's kan interesseren stuur die dan naar de redacteur.
Tip 411 -Geschiedenis van de genetica
Collega's die hun lessen genetica willen kruiden met leuke historische weetjes zullen veel plezier beleven aan het boek 'A History of Genetics' door Alfred Sturtevant. Dit boek werd oorspronkelijk uitgegeven in 1965 door Sturtevant, één van de briljante leerlingen van Thomas Hunt Morgan. Sturtevant neemt de lezer mee in een boeiende reis doorheen de ontstaansgeschiedenis van de genetica. Na een korte inleiding over Aristoteles en Darwin, begint de tocht bij Mendel om 135 pagina's later te eindigen in de jaren '50 van de 20ste
eeuw, in de periode dat Watson en Crick het dubbele helixmodel van DNA voorstelden.
Onderweg passeren heel wat grote namen de revue (de Vries, Bateson, Morgan, ...).Het feit dat Sturtevant veel van deze mensen persoonlijk kende, maakt zijn verhaal alleen maar boeiender. Dit boek werd in 2001 integraal heruitgegeven door de uitgeverij van Cold Spring Harbor Laboratory. Het Electronic Scholarly Publishing Project maakte bij het boek een website (te bereiken via www.esp.org) waar je veel originele publicaties en leesvoer over genetica vindt (inclusief dit boek). Interessant is ook de chronologische ontwikkeling van de genetica (tot 1946) die in één van de bijlagen staat. Ondanks de wat hoge prijs is dit boek beslist een aanrader!
A History of Genetics, A.H. Sturtevant, 174 pp., Cold Spring Harbor Laboratory Press, 2001, ISBN 0-87969-607-9
Peter Durnez (Torhout)
| Koninklijk Antwerps Genootschap voor Micrografie |
http://www.kagm.bewoner.antwerpen.beHet KAGM vergadert elke maandagavond van 20 tot 22 uur in de bioruimte van het RUCA (UA), Groenenborgerlaan 171, 2020 Antwerpen. De bioruimte is te bereiken vanaf parking 2, tussen de gebouwen U en S, langs het hellend vlak naar beneden.
Iedereen die geïnteresseerd is in microscopie is van harte welkom. Meer informatie verkrijgbaar bij de redacteur van BIO.
Hieronder het programma voor de volgende maanden. (P preparaat maken; C causerie; D diversen).
10/03- P Stengel van een Euphorbiasoort
17/03- P Voorkamer oog hond
24/03 - D Van alles wat
31/03 - P Thecamoeba
07/04 - D Vers plankton
14/04 - P Histologisch preparaat
28/04 - P Oscillatoria
05/05 - D Dia-avond
![]()
Lidgeld (per kalenderjaar)
je ontvangt het Jaarboek en BIO en een lidkaart met vrije toegang tot de Zoo, Planckendael, de Plantentuin in Meise, het Zwin, het KBIN, het Arboretum in Kalmthout, het Afrikamuseum in Tervuren.
- Werkende leden: 15 €
- Studenten: 7 €
- Gepensioneerden: 8 €
- Verenigingen, scholen e.a.: 15 €
Jaarboek en BIO
Stort het lidgeld op nr. 068-0 666 550-90 van deVereniging voor het Onderwijs in de Biologie,de Milieuleer en de Gezondheidseducatie
p.a. E. Van Damme,
Hoge Weg 234 8200 Sint-Andries (Brugge)
Om het driemaandelijks tijdschrift ZOO van de Antwerpse dierentuin te ontvangen voeg je bij je lidgeld een supplement van 12,39 € (500 BEF) met de vermelding ZOO. Let wel: ZOO verschijnt in juli, oktober, januari en april.
Voorzitter
Marleen Van Strydonck
(Officieel Onderwijs)
Te Boelaerlei 119/1 2140 Borgerhout
E-mail: marleen.vanstrydonck@ua.ac.be
Ondervoorzitter
Michel Asperges
(Vrij Gesubsidieerd Onderwijs)
Grote Steenweg 54 3400 Ezemaal
E-mail: michel.asperges@skynet.be
Secretaris
Vic Rasquin
Minister De Clercklaan 2 8500 Kortrijk
E-mail: [email]
Penningmeester
Emiel Van Damme
Hoge Weg 234 8200 Sint-Andries (Brugge)
E-mail: emiel.vandamme@skynet.be
Redacteur Jaarboek
Laurent Inghelbrecht
Aartrijksestraat 4 8211 Aartrijke
E-mail: laurent_inghelbrecht@hotmail.com
Adreswijzigingen en lidkaarten
Herman Snoeck
Jan van Rijswijcklaan 277 2020 Antwerpen
Telefoon na 19 uur: 03/238 51 15