Site logo

Vereniging voor het onderwijs in de biologie, de milieuleer en de gezondheidseducatie-vzw Contact

KERNACHTIGE UITSPRAKEN - REEKS VIII

Een mooi citaat is een diamant aan de vinger van de man van geest en een kei in de hand van een dwaas.
 

Abbé Roux (1834-1905).
Frans taalkundige.

 
 

Een gedeelte van de voedingsmiddelen, de zogenaamde vezels, blijft onverteerd achter in de darmen, en dat is maar goed ook. Deze vezels houden de darmen gevuld, en dat effect wordt nog versterkt omdat ze water aantrekken. De vezels prikkelen bovendien de darmen licht tot beweging. De zin van dit alles is via de analogie met een tube tandpasta uit te leggen. Een volle tube heeft maar een klein duwtje nodig om leeg te lopen, terwijl een half lege tube opgerold en uitgeknepen dient te worden om er nog iets uit te krijgen. De vezels in de voeding houden onze 'tube" gevuld.
 

Een Nederlands maag-darmarts.

 

"Chronische verstopping is hinderlijk, maar schaadt de gezondheid niet. Dat is wellicht waarom veel artsen constipatieklachten niet ernstig nemen. Anderzijds zijn er een hoop onbewezen "behandelingen" voor verstopping in omloop. De meeste blijven niet overeind als je ze aan wetenschappelijke kritiek onderwerpt." De maag-darmartsen vinden dat te veel aandacht wordt besteed aan het promoten van vezelrijke voeding in de behandeling van constipatie. "Het lijdt geen twijfel dat vezels de ontlasting meer volume geven en de frequentie van de stoelgang bevorderen. Maar de rol van vezels bij de genezing van chronische constipatie wordt zwaar overdreven." Volgens de artsen staat wetenschappelijk vast dat een vezelarm dieet niet tot verstopping leidt en dat het succes van een vezelrijke voeding bij de behandeling van constipatie "bescheiden" is. Hooguit één op vijf mensen met een 'trage darm" zou er baat bij hebben. Er zijn zelfs mensen bij wie de verstopping verergert als ze meer vezels gaan eten. Ook het advies om veel water te drinken in geval van constipatie vindt geen genade in de ogen van de specialisten. "De darm gaat er niet harder van werken. Het effect op verstopping is waarschijnlijk nihil."
 

Gastro-enterologen.
In 'the American Journal of Gastroenterology" (januari 2005).

 
Alle observaties zijn voor of tegen een bepaald gezichtspunt.

Anoniem.
 

 
Vis begint te stinken aan de kop.

Anoniem.

 
Spiritus promptus est, caro infirma. – De geest is gewillig, maar het vlees is zwak.

Anoniem.

 
Leer alsof je eeuwig zult leven, leef alsof je morgen zult sterven.

Anoniem.

 
Memento homo quia pulvus es et in pulverem reverteris. – Gedenk, o mens, dat je van stof zijt en tot stof zult wederkeren.

Anoniem.

 
Grafschrift: Hodie mihi, cras tibi. – Vandaag ik, morgen jij.

Anoniem.

 
Het lichaam neemt stoffen op in drie aggregatietoestanden: vast (vast voedsel), vloeibaar (dranken) en gassen (zuurstofgas). Het lichaam geeft stoffen af in drie aggregatietoestanden: vast (uitwerpselen), vloeibaar (urine, zweet) en gassen (koolstofdioxide, darmgassen).
 

Anoniem.

 

Het is niet steeds gemakkelijk, in onze dagen van voorgekookte, voorbereide en voorverpakte voeding, een pleidooi te houden voor natuurlijke noten.
[...]
Nochtans zijn de harde noten, naast de zachte fruit- en groentesoorten, in deze tijden van verontreiniging, meestal nog gezonde bronnen voor de menselijke voeding en op de afvalproducten en overschotten zijn de dieren happig. Denk maar aan de koeken, die na het uitpersen van de olie overblijven.
Noten bezitten ieder hun eigen kwaliteiten en persoonlijkheid. Nu het vlees meer en meer bedreigd wordt door hormonenschandalen, nu de vis gedwongen wordt in steeds sterker vervuilde zeeën, stromen en rivieren te gedijen, is men wel verplicht zich iedere dag bewuster vragen te stellen over gezond voedsel. Men komt dan als het ware bij statige notelaars terecht, waarvan bekend is dat zij, dank zij hun doordringend wortelengestel, de bronnen zeer diep onder het aardoppervlak aanboren, ver onder het ook al bedreigde oppervlaktewater, op zoek naar hun materialen en mineralen. Er is een tijd geweest dat vegetariërs het bijna uitsluitend in die richting gingen zoeken, in hun ijver naar zuiver en natuurlijk voedsel. Er zijn de talrijken geweest, die de dierlijke eiwitten vervingen door plantaardige, hoewel we thans beseffen dat ze wel een zeer eenzijdige richtingen uitgingen.
 

Herman Vandommele.
In "Noten voor miljoenen. De geschiedenis
van wal- tot hazelnoot over kastanje, amandel en
andere soorten". (Eigen uitgave.1990).

 
Reeds in 1877 voorspelde deken Leonardus De Bo (1826-1885) met het gedicht
"De Wandalen in Vlaanderen" in 45 strofen het teloorgaan van de biodiversiteit in Vlaanderen. Hierna volgen enkele strofen. De Bo was ook de auteur van een "Kruidwoordenboek", "bewrocht" in 1888 door Joseph Samyn (1854-1909), biologieleraar en"professor in 't Collegie te Meenen". In 1970 verscheen bij de uitgeverij Familia et Patria een anastatische herdruk.
 
 
Als blinde woede van barbaren,                              
      Met kwaden geest bezield,                                  
De kunstgewrochten van het menschdom                
      Bestorremt en vernielt;
                                                    
Al 't menschdom roept vereend om wrake               
      En vloekt de schelmen dood;                              
Geen smaad- of scheldnaam valt te bitter,               
      Geen straffen zijn te groot;                                
                                                                                 
Maar worden in het veld de bloemen,                      
      Het kunstwerk van Gods macht,                        
Dat niemand na kan doen, met wortel                     
      En zaad om hals gebracht:                                
 
Geen mensche nievers rijst daar tegen,                   
      Noch schijnt die schande wijs.                           
Wat ding-je? Maar elkeen doet mede                       
      En demoliert om prijs.                                       
                                                                                 
En – lijk het telkens gaat – 't zijn de armste,            
      De eenvoudigste gesteld,                                    
Die meest van al vervolging lijden                           
      En blootstaan aan 't geweld.                             
                                                                                 
De hovenier in zijn zijnen lochting                           
      Houdt wacht, en durft er een                             
Het kopken maar uit de aarde steken,                      
      't Ligt seffens kort en kleen;                               
 
De wiedsters op den akker kruipen                          
      Hun knieën blamot en stram                              
Om ze onbermhertig uit te klauwen,                         
      Verangst of 't een ontkwam;                              
                                                                                 
De man, met tatsen in de zolen,                               
      Vertrapt ze langs de baan;                                
De knapen halen ze uit met haken                            
      Daar zij in 't water staan;                                 
                       ***
Maar 't is de landbouw boven alles                         
      Die uitroeit met de macht:                                 
Moeras en bosch en duin en heide,                          
      't Moet al in land gebracht.                               
                                                                                 
Zoo sterft ons beste Flora henen                             
      Met Wenk en Krakelbei,                                     
Met Lane, Bloemriet, Waterroozen,                         
      En Lelie-der-vallei;                                            
                     ***
 
Zoo nijdig en in 't hert verbitterd
       En nimmermeer vermoeid,
Vervolgt de landman al dien wasdom
       Die in zijn akkers bloeit,
 
En zonder naam of schuld te kennen,
       Verworgt hem bij de keel,
Of râbraakt hem het lijf in stukken
       Met krauwel en houweel,
 
Verbrandt hem met zijn zaad tot asschen,
       Of delft hem diep in 't land,
Of laat hem, dood van dorst en honger,
       Verteren in het zand.
 
En vraagt gij: Man, waarom die boosheid,
       Die drift die 't al vernielt?
Hij kijkt verbaasd of gij niet somtijds
       Met hem het zotken hieldt.
 
 "' t Zijn lurpen, zegt hij, droeve pleuten,
        't Verderf van zaad en graan;
En wat wij doen om ze uit te roeien,
       Zij oekren eeuwig aan!"
 
Niet onverdiend! Gij moest de bosschen,
       De kreken, 't wilde veld,
Maar laten met hun fraai gebloemte
       Dat niemand kwetst noch kwelt;
                    ***
't Is al maar geldzucht meer op aarde:
       De deugd is de eere kwijt;
En 't schoone wordt maar waargenomen
       Door 't kijkglas van 't profijt.
 
't Is voor de bate dat men schildert,
       En beeldhouwt en muzijkt,
En dat de boeren 't kruid vernielen
      Dat staat in 't land en prijkt.
 
Vaarwel dan, poëzij van 't leven!
       Nog vijftig jaar of eer,
't En staat maar klaver meer en koorne,
       En koorne en klaver meer;
 
Eentoonig alles en verdrietig:
       Een arme veldwoestijn...
Maar God gedankt voor de vertroosting:
       'k En zal er niet meer zijn.
 
 
 
Met vage pedagogische en agogische argumenten worden de lerarenopleidingen in Vlaanderen en Brussel beperkt gehouden tot de bachelorstudies. [...] Deze zienswijze dreigt de leraar-secundair onderwijs te beknotten. Zijn onderwijstaak is immers noch gelijk noch gelijksoortig aan die van de leraar kleuter onderwijs of leraar lager onderwijs. Hij verdient een grondige vakkennis – hij is immers geen generalist – en een doorgedreven theoretische en mentale voorbereiding op zijn taak als opleider en begeleider van de prepuberale jongeren en pubers van vandaag. Hen aan het werk zetten, alleen al, is een echte uitdaging. [...] Een tegenovergestelde gedachte ontzegt de leraar secundair onderwijs 2de en 3de Graad gelijkberechtiging met de elders in de EU universitair opgeleide leraren. Leraren worden in Vlaanderen en Brussel geen master. Een Vlaming kan evenveel door minder te kennen. Het is alsof Vlaanderen, dit centrum van de wereld, zoveel bodemschatten telt dat het ontwikkelen van de brains er echt niet toe doet.
Dat bachelors moeten volstaan voor toch maar schoolmoeë leerlingen, is een verfoeilijke gedachte; maar ze dringt zich sarcastische op aan de leraar die strak te lande en internationaal het voorwerp zal zijn van depreciatie. De overdracht van kennis en kunde vereist in de hoogste jaren secundair onderwijs het gezag van iemand die steeds juist inschat in welke context hij zijn leeropdracht moet vervullen. Hij moet ze weloverwogen kunnen inpassen in een ruim cultureel verband. Tegelijk moet hij – ook al vragen de leerlingen dat niet meteen – vooruitkijken, hen op het aanvatten van hogere studies adequaat voorbereiden. Daarom moet de leraar veel meer zijn dan een technicus, dan een begeleider die uitnodigt tot interactie, dan een trainer die stimuleert tot zelfwerkzaamheid. Hij moet als vakman in zijn wetenschap leraar kunnen worden. Wordt hem dat niet toegestaan, dan zal al snel blijken dat de keizer geen kleren aan heeft.
 

Vereniging Vlaamse Leerkrachten.
In "VVL-Ideeën" (januari-februari 2005).

 
Het vakblad "New Scientist" ging nog een stap verder. Iemand rekende uit dat als alle Amerikanen tussen 10 en 65 jaar oud elke dag vijf kilometer zouden wandelen of twintig kilometer zouden fietsen in plaats van gewoon de wagen te nemen, de hoeveelheid koolstofdioxide die de Verenigde Staten jaarlijks uitstoot met liefst 11 procent zou verminderen.
Tevens zou dat een besparing aan medische kosten van liefst 115 miljard euro per jaar opleveren – geld waarmee extra initiatieven zouden kunnen worden genomen om de uitstoot van broeikasgassen nog meer terug te dringen. Het grootste deel van de energie die we nu uit voeding puren, dient uitsluitend om extra vetlagen te kweken en niet om meer fysieke arbeid te leveren. En overgewicht is dus ongezond.
We eten trouwens sowieso te veel. We zijn nog blijven hangen in een routine van genoeg te eten om het harde labeur op het veld of in de fabriek aan te kunnen. En dan nog. In Centraal-Afrika eten de mensen meestal maar één keer per dag. En toch werken ze er fysiek veel harder dan wij. We zijn gewoon verwend.
 

Dirk Draulans.
Wetenschapsjournalist,
in "Knack" (5.1.2005).

 
Zo is het leven: wat je ook doet, het is nooit goed genoeg. De evolutieleer van Darwin berust net op het feit dat het niet goed gesteld is met de mensheid. Anders kan het niet evolueren. Het zit in de "condition terrestre". Elke dag denk ik: het kan, het zal verbeteren.
 

Christine D'Haen.
Vlaamse dichteres in "Knack" (5.1.2005).

 
Inwoners van Seattle in de Verenigde Staten betalen de werkelijke kosten voor watertoevoer. Als je de volledige kostprijs van water en energie doorrekent aan de consument, dus ook de ecologische en maatschappelijke kost, zal hij zijn basisdiensten gewetensvoller verbruiken. Het verbruik ligt in Seattle vier keer lager dan in andere Amerikaanse steden.
 

Hélène Schilders,
in "De Morgen" (17.1.2005).

 
Niet alle vrouwen horen graag dat hun lichaam geëvolueerd is in het teken van seks. Bepaalde feministes kunnen dat niet verkroppen en dragen absurde argumenten aan die bijvoorbeeld moeten aantonen dat vrouwenborsten énkel dienen om te zogen. Kijk, ik ben zelf absoluut een feminist. Ik klaag de verminkingen van vrouwen aan en ik benadruk in mijn boeken altijd hoe artificieel en onnatuurlijk de zogenaamde strijd der seksen is. De mens heeft het juist zover geschopt omdat mannen en vrouwen altijd samen hebben gewerkt en elk hun specifieke vaardigheden ontwikkeld hebben, waaraan hun lichaam zich aangepast heeft. De vrouwen die het niet kunnen hebben dat een vrouwenlichaam gemaakt is om mannen aan te trekken, mogen verdorie blij zijn dat het zo is, anders hadden we het als soort allang mogen vergeten. Natuurlijk zijn vrouwen meer dan dat en natuurlijk aanvaardt de mens nu mannen en vrouwen die van het heteroseksuele en reproductieve pad afwijken, maar ontkennen dat een vrouwenlichaam seksueel geladen is, is de geschiedenis van de mens ontkennen.
 

Desmond Morris.
Bioloog, auteur van "De naakte Vrouw" (Standaard Uitgeverij),
in "De Morgen" (17.1.2005).

 
De internationale studie "Health Behaviour in School-Aged Children" (HBSC) toont aan dat een groot deel van de Europese en Noord-Amerikaanse adolescenten de richtlijnen inzake gezonde voeding niet opvolgt. De groente- en fruitconsumptie is in alle landen laag en vermindert nog naarmate de leeftijd toeneemt. In het algemeen is de consumptie van snoep en frisdranken hoog. Vooral meisjes slaan vaak het ontbijt over.
 

L. Maes.
Hoogleraar Maatschappelijke Gezondheidkunde,
Universiteit Gent, in "Nutrinews" (juli 2004).

 
Diatomeeën (microalgen, kiezelwieren) produceren meer zuurstof dan alle tropische regenwouden samen.
 

Onderzoeksgroep Protistologie en Aquatische Ecologie,
Universiteit Gent. In "Natuur.blad" (januari 2005).

 
Wil je bevorderen in het onderwijs? Onthoud dan dat niet de kennis, maar de kennissen belangrijk zijn.
 

Anoniem.

 
Het meest verheven resultaat van onderwijs is verdraagzaamheid.
 

Helen Keller (1880-1968).
Blinde, Amerikaanse schrijfster.

 
Leidingwater wordt veel strenger en vaker gecontroleerd dan flessenwater en heeft op elk ogenblik een onberispelijke kwaliteit.
[...] Daarnaast is kraantjeswater ook milieuvriendelijk: doordat het "verpakt" zit in buizen, blijft er geen afval achter. Wie leidingwater drinkt bespaart bovendien op wegtransport en energiekosten. En leidingwater is natuurlijk vijfhonderd tot duizend keer voordeliger: een fles bronwater van 1,5 liter kost ongeveer 50 cent, terwijl je voor iets meer dan één euro duizend liter drinkwater thuis geleverd krijgt. Als klap op de vuurpijl heb je leidingwater altijd bij de hand.
 

Bart De Bruyne.
Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening.

 
De natuurwetenschappen willen vooral uitleggen waarom iets is zoals het is en hoe dat komt. De menswetenschappen brengen de wereld meer in verband met de mens zelf. Misschien wil ik deze twee wetenschapsrichtingen wel verenigen. Samen zijn ze immers meer waard dan apart. Het is niet voldoende om te weten hoe iets werkt. Soms is het ook nodig om stil te staan bij het wonderlijke of het mooie van iets en op dat vlak heb je niets aan wetenschap. Een sneeuwvlok bestaat uit miljarden sneeuwkristallen die op hun beurt weer uit miljarden watermoleculen bestaan, allemaal geordend in een bepaald patroon. Al die vindingrijkheid bestaat gemiddeld twee minuten. Na die tijd breekt of smelt de sneeuwvlok en zit je met een druppeltje water. De wetenschap kan nooit de schoonheid van zo'n sneeuwvlok verklaren, of wat het proces betekent om mens te zijn. Ze kan het menselijk genoom uiteenrafelen, maar daar blijft het bij. Als mens ben je meestal zo druk bezig dat je geen tijd hebt om bij die wonderbaarlijke zaken stil te staan.
 

Anthony Doerr.
Amerikaans auteur,
in "De Morgen" (9.2.2005).

 
Wij zijn een deel van het milieu en dat milieu zit in ons, in het water dat we drinken, in het voedsel dat we eten en in de bacteriën in onze darmen. Door een artificiële classificatie in te voeren vergeten we dat vlug. Het klassieke biologieonderwijs lijkt er vooral op gericht ons te laten geloven dat wij aan de top staan van de natuurlijke piramide, terwijl de biologische wereld volgens mij beter als een lange evolutionaire band gezien kan worden dan als een piramide. Als je weet dat er voor iedere mens op deze aarde een miljoen mieren zijn, word je misschien een beetje bescheidener. En volgens mij is de literatuur beter in staat om dit over te brengen dan de wetenschap, want die is te veel in zichzelf gekeerd geraakt. Niemand luistert nog naar wat de zoveelste wetenschapper ons te vertellen heeft.
 

Anthony Doerr.
Amerikaans auteur,
in "De Morgen" (9.2.2005).

 
Eén ding dat we uit die hele tsoenamiramp moeten onthouden is dat we als mens niet te hovaardig mogen zijn. De aarde is er echt niet louter omwille van ons. Het water dat ik nu drink en dat ik later weer uitplas is er al veel langer dan mij. Via de riolering loopt het naar de zee of naar een zuiveringsstation. Later verdampt het, valt als regen op de grond en ondergaat steeds opnieuw dezelfde cyclus. Wat is een mens, vergeleken daarmee? Niet veel meer dan een beker waarin dit water eventjes rondgedragen wordt.
 

Anthony Doerr.
Amerikaans auteur,
in "De Morgen" (9.2.2005).

 
De geschiedenis van de mens wordt meer en meer een wedloop tussen onderwijs en de catastrofe.
 

Herbert Georges Wells (1866-1946).
Brits essayist.

 
Allen die gemediteerd hebben over de manier waarop de mensheid bestuurd moet worden, zijn ervan overtuigd dat het lot van een staat afhangt van de opvoeding van de jeugd.
 

Aristoteles (384-322 v.C.).
Grieks wijsgeer.

 
Elk boek is de dood van een boom.
 

Saint-John Perse (1887-1975).
Frans dichter. Nobelprijs letterkunde 1960.

 
De samenstelling van het bloed en van de weefselvloeistof tussen de cellen wordt niet bepaald door wat we via de mond opnemen, maar door wat de nieren achterhouden en met de urine uitscheiden.
 

Anoniem.

 
Verliefdheid is net als honger en dorst een "drive", een drift. Bij verliefde mensen zijn de hersengedeelten actief die geassocieerd zijn met de motivatie om een bepaalde prijs te winnen: de "caudate nucleus" en het ventraal-tegmentaal gebied. Dat deel van de hersenen maakt en verspreidt dopamine, een neurotransmitter die samenhangt met slapeloosheid, hongerverlies, intense energie en sterk gefocuste aandacht, de basiskenmerken van romantische liefde. Mannen en vrouwen voelen zich wel ongeveer hetzelfde als ze verliefd zijn en globaal worden dezelfde hersengebieden geactiveerd. Maar bij verliefde vrouwen zijn tevens die delen van de hersenen actief die geassocieerd worden met het geheugen en met herinneringen, en bij mannen niet. Bij verliefde mannen is tevens het hersengebied actief dat de verwerking en integratie van visuele informatie verzorgt. Mannen zijn heel visueel ingesteld. Dat ligt voor de hand als je bedenkt dat vrouwen hun leven lang bezig zijn om te zorgen dat ze er leuk uitzien voor mannen – ze proberen in feite heel darwinistische tekenen van jeugd, gezondheid en vruchtbaarheid te vertonen. Verliefdheid heeft een belangrijke evolutionaire functie. Darwin vroeg zich af waarom sommige dieren zulke schijnbaar nutteloze, opvallende uiterlijke kenmerken hebben – de staart van een pauw, het gewei van een edelhert. Hij concludeerde dat dat tekenen van gezondheid zijn, waarmee die dieren laten zien dat ze een goede partner zijn. De romantische liefde sluit daar precies op aan; niet seks maar verliefdheid, romantische aantrekking, is de andere kant van die medaille. Het jammerlijke van verliefdheid is wel dat het overgaat – en waarschijnlijk niet pas na zeven jaar, bij iets als een 'seven year itch" – maar al eerder: er lijkt zoiets als een "four year itch" te bestaan. Er werd ontdekt dat wereldwijd de meeste echtscheidingen plaatsvinden na vier jaar huwelijk.
 

Helen Fisher.
Amerikaanse antropologe.
in "NRC Handelsblad" (15.01.2005).

 
 
Urine is de spiegel van de chemie van het inwendige van de mens en deze chemie geeft informatie over de functie van de verschillende organen en het harmonisch samenwerken ervan.
 

Anoniem.

 
Gezondheid is niet alles, maar zonder gezondheid is alles niets!
 

Arthur Schopenhauer (1788-1860).
Duits filosoof.

 
Mater semper certa est. – De moeder is altijd zeker.
Pater semper incertus est. – De vader is nooit zeker.
Pater est, quem nuptiae demonstrant. – Vader is diegene die het huwelijk als dusdanig uitwijst.
 

Anoniem.

 
Natura non facit saltum. – De natuur maakt geen sprongen. [Soorten gaan geleidelijk in elkaar over.]
 

Latijns spreekwoord.

 
One onion a day keeps the doctor away. Many onions a day keeps every body away.
Eén ui per dag houdt de dokter weg. Veel uien per dag houdt iedereen weg.
 

Anoniem.

 

De lucht in onze woningen bevat tot vijf keer meer vervuilende stoffen dan de buitenlucht. De schadelijke koplopers zijn de beruchte vluchtige organische componenten (VOC's), bv. benzeen, tolueen, xyleen, alcoholen, ketonen, aldehyden, met o.m. formaldehyde dat kankerverwekkend is.
De National Aeronautics and Space Administration (NASA) doet al twintig jaar onderzoek naar het vermogen van bepaalde planten om VOC's op te nemen en om te zetten. Bepaalde soorten blijken erg doeltreffend op dat vlak, met name Ficus robusta, de graslelie (Chlorophytum comosum), Aglaonema, een bladplant, de drakenbloedboom (Dracaena sp.), de lepelplant (Spathiphyllum), de aloë (Aloë vera) en de gewone klimop (Hedera helix).
 

Uit "test-Gezondheid" (april/mei 2005).

De geschiedenis van de wetenschappen is de enige geschiedenis die de vooruitgang van de mensheid kan illustreren.
 

George Sarton (1884-1956).
Vlaams-Amerikaans historicus
van de geschiedenis van de wetenschappen.

 
De natuur gaf ons twee ogen en maar één mond. Luisteren en op tijd zwijgen brengt vaak meer op dan ruzie stoken.
 

Briek Schotte (1919-2004).
Vlaams wielrenner.

 
Op een half-landelijke plek bij Mainz in Duitsland bleek het stof in de lucht niet alleen te bestaan uit roet, as en andere vervuilende stoffen van menselijk makelij. In extreme gevallen bleek tot de helft van al het ultrafijne stof in de lucht uit biologische substanties te bestaan: vezels uit de vacht van dieren, huidschilfers, schimmels, virussen, bacteriën, eiwitten, wiertjes, stuifmeel en minuscule stukjes plantenresten.
 

Ruprecht Jänicke.
Universiteit van Mainz,
in "De Standaard" (1 april 2005).

 
Virussen zijn de kleinste organismen die bestaan. Het zijn in feite niet eens organismen, ze kunnen niet op zichzelf bestaan, ze zijn afhankelijk van andere levende cellen, van mensen, dieren of planten. Het idee dat iets wat je zelfs niet onder een microscoop kunt zien, catastrofes kan veroorzaken als mond-en-klauwzeer, mazelen, aids en influenza (of griep), dat miljoenen mensen en andere dieren kan doden, is op zich een fascinerend gegeven.
...
Sars (severe acute respiratory syndrom) is gelukkig geen groot probleem geworden, maar het had wel de potentie om wereldwijd te gaan. Als er niets tegen gedaan was, en als het virus véél langer onontdekt was gebleven, had het de wereld veroverd voor we het in de gaten hadden.
...
Influenza is momenteel niet de grootste bedreiging voor de mens. Nu is dat aids. Er sterven elk jaar 3 tot 4 miljoen mensen aan aids, en er zijn nog geen vaccins beschikbaar. Wel antivirale middelen, maar de behandeling daarmee is heel duur en omslachtig en bereikt wereldwijd amper tien procent van de slachtoffers.
...
Je hebt virussen die honderd procent dodelijk zijn, zoals hondsdolheid: als je dat krijgt, ga je altijd dood. Maar dat is niet altijd de beste strategie. Voor een virus is het altijd beter als zijn gastheer in leven blijft. Mijn Belgische collega Guido van der Groen heeft het in dit verband over "machovirussen", zoals het ebolavirus. Die maken meteen een aantal slachtoffers en krijgen daarom veel aandacht, maar ze laten zo wel de kans om grootschaliger verspreiding liggen.
...
Apen zijn een soort collaterale schade voor het streven naar een betere mensenwereld. Mensen die tegen proefdierexperimenten zijn, moeten goed beseffen wat ze zeggen, want dan mogen ze ook geen vaccins gebruiken. En dat is een waanzinnige beslissing. Als je ziet hoe hoog de sterftecijfers in Afrika zijn voor bijvoorbeeld mazelen – dat gemakkelijk te counteren is, maar waar toch elk jaar bijna een miljoen kinderen aan sterven – dan steiger je omdat je dat niet ingedijkt krijgt bij gebrek aan middelen. Je moet natuurlijk altijd het kostenplaatje in het oog houden: hoeveel het kost om wat te realiseren? Maar als je ziet wat we met vaccinatie allemaal bereikt hebben, dat is fantastisch.
...
Uiteraard laat ik mij tegen griep vaccineren. Iemand die nu bij ons een normale griep krijgt, is zo onverstandig geweest zich niet te laten vaccineren, het risico te lopen een week ziek in bed te liggen en nog twee weken gammel rond te lopen. De vaccinatiegraad moet in West-Europa en in de nieuwe Europese landen nog drastisch omhoog, zeker in de risicogroepen.
 

Albert Osterhaus.
Viroloog, in "Knack" (30 maart 2005).

 

Waarom wil de mens zich steeds maar onderscheiden van de andere dieren? Waarom willen wij per se speciaal zijn? Uiteindelijk zijn wij niet meer dan een soort die zich wat anders gedraagt dan de andere soorten, omdat wij recent een wat complexer hersennetwerk in ons hoofd kregen, dat ons toelaat een zelfbewustzijn te ontwikkelen, kathedralen te bouwen en kunstwerken te maken, of – in een andere versie – gaskamers en atoombommen.
Waarom zouden wij meer rechten moeten krijgen? Omdat wij de enige soort zijn die de concepten rechtvaardigheid of rechtspraak kan invullen? Dat is een zwak argument. Niemand heeft ons het recht gegeven de aarde als een monopolie te beschouwen, laat staan een zware hypotheek te leggen op het voortbestaan van steeds meer leefgemeenschappen.
 

Dirk Draulans.
Bioloog, journalist, in "Knack" (30 maart 2005).

 

Zeventien landen bezitten samen 60 tot 70 procent van 's werelds biodiversiteit: Bolivia, Brazilië, China, Colombia, Costa Rica, de Democratische Republiek Kongo, Ecuador, India, Indonesië, Kenya, Madagascar, Maleisië, Mexico, Peru, Filippijnen, Zuid-Afrika en Venezuela.
 

In "Mo Mondiaal Magazine" (maart 2005).

 
De mens heeft de natuur in de afgelopen vijftig jaar meer en sneller veranderd dan ooit tevoren. De biologische diversiteit op Aarde gaat daardoor onomkeerbaar achteruit, en veel diensten die de natuur ons levert, raken uitgeput. De gestage degradatie van de planeet dreigt naar een veel steilere afgrond te leiden. Een drastische ommekeer is nodig.
 

Millenium Ecosystem Assessment.
Rapport van de Verenigde Naties (2005).

 
De geschiedenis der wetenschappen is een geschiedenis van vergissingen. Deze zijn enorm geweest en soms zeer belachelijk, maar alles bij elkaar genomen strekken ze de mens tot eer, terwijl de geschiedenis van het wereldgebeuren een droevige aaneenschakeling is van dwaasheid, moord en leugen.
 

Charles Richet (1850-1935).
Nobelprijs geneeskunde 1913.

 
Wetenschappers zijn de helden van de dag: zij brachten ons auto's, pesticiden en genetische modificatie. Wetenschappers zijn de boosdoeners van de dag: zij brachten ons auto's, pesticiden en genetische modificatie.
 

Daniel Koshland, jr.
Amerikaans hoogleraar celbiologie.

 
Wetenschap is de stelselmatige ordening van de ervaring.
 

George Henry Lewes (1817-1878).
Brits psycholoog.

 
Wetenschap is het wijzigen van vroegere kennis.
 

Aristoteles (384-322 v.C).
Grieks wijsgeer.

 
Maar mijn vader herinnerde zich zijn leraren met diep respect en grote affectie. Zij hadden hem niet alleen zijn lessen geleerd, maar in hun vrije tijd hadden ze hun intelligente sloppenwijkkinderen ook nog eens meegenomen naar musea en concerten, om hun te laten zien dat het leven van de sloppenwijk niet het enig mogelijke leven was. Op deze manier werd mijn vader er bewust van gemaakt dat er zoiets als mogelijkheden zijn.
Voor een kind dat nu in een achterstandswijk geboren wordt met dezelfde hoge intelligentie als mijn vader, is de kans verwaarloosbaar klein dat hij zulke mentors tegenkomt. De leraren van tegenwoordig, die doordrenkt zijn van het idee dat het verkeerd is om beschavingen, culturen of levensstijlen hiërarchisch te ordenen, zouden het bestaan of de waarde van een hogere beschaving immers ontkennen, en in elk geval niet in staat zijn die waarde over te dragen. Voor hen is er geen hoog of laag, geen superioriteit of inferioriteit, geen diepgang of oppervlakkigheid, er is alleen verschil. Zij twijfelen er zelfs aan of er wel een goede manier is om een woord te spellen of een zin samen te stellen – een twijfel die gevoed wordt door populaire en gezaghebbende werken als het boek van professor Steven Pinker, The Language Instinct (dat natuurlijk geschreven is zonder spelling- of grammaticale fouten) [in het Nederlands vertaald: "Het taalinstinct"]. De huidige leraren veronderstellen dat het kind uit de achterstandswijk cultureel voldoende aan zijn trekken komt in de omgeving waarin hij leeft. Zijn taalgebruik voorziet per definitie in zijn behoeften, zijn smaak is per definitie acceptabel en niet slechter of minder dan de smaak van ieder andere. Er is geen reden om een leerling in te wijden, want er is niets om ingewijd te worden.
Een kind uit een achterstandswijk zal geen leraren zoals die van mijn vader tegenkomen, omdat het geloof in de gelijkheid van culturen, dat lange tijd alleen maar het dogmatische geloof van pedagogen was, nu is doorgedrongen tot de hele bevolking.
 

Theodore Dalrymple, psychiater.
In "Leven aan de onderkant.
Het systeem dat de onderklasse instandhoudt" (Spectrum, Utrecht, 2004).

 
In het algemeen vertoont het publiek een zekere bezorgdheid, misschien zelfs een zeker wantrouwen, voor de richting waarin de genetica en het "Human Genome Porject" evolueren. Dit wantrouwen ontstaat, althans toch voor een deel, door een onduidelijk zicht op de manier waarop de wetenschap met de samenleving omgaat (massavernietigingswapens, dubbelzinnige toepassingen van de kernenergie, enz.). Daarnaast heerst er ook voor een deel de overtuiging dat genetische modificatie bij de mens niet natuurlijk en dus verkeerd is. Rationeel denken over de ethische aspecten van de genetische modificatie vereist het begrijpen van de op onderzoek steunende analyse en het bezit van een algemeen wetenschappelijke en in het bijzonder biologische basiskennis. Bij de meeste burgers ontbreken deze inzichten. Het is mijn eigen aanvoelen dat wetenschappers de katalysatoren kunnen zijn van een opvoedingsproces van de samenleving, waarbij ze zich engageren om mee te helpen aan het onderwijs van de wetenschappelijke vakken in het lager en het middelbaar onderwijs. Kinderen en ook hun leerkrachten worden geprikkeld door praktische activiteiten en op onderzoek gerichte wetenschappelijke experimenten. Indien alle wetenschappers zich zouden engageren om in hun onmiddellijke omgeving mee te helpen aan het onderwijs in de wetenschappen, zouden we leven in een samenleving die in staat is om analytisch en rationeel te denken over de uitdagingen en de waardevolle mogelijkheden van de wetenschappen – inbegrepen de genetische modificatie.
 

Leroy Hood.
Hoogleraar moleculaire biotechnologie,
in "Engineering the Human Germline"
(Oxford University Press, 2000).

 
Ooit is gezegd dat een goede ontlasting niet mag geuren, een stevige consistentie moet hebben, de kleur van een herfstblad moet dragen en de anus niet mag bevuilen. Het is nog maar de vraag of dat ideaal te bereiken valt, en vooral of dat ook moet. Gelukkig zijn herfstbladeren er in vele kleuren.
 

Henk Mochel en Theo Richel,
in "Onze afgang" (Uitg. Kok, Kampen, 1987).

 
Ons land behoort samen met Nederland en Duitsland tot de meest vervuilde streken in Europa op het gebied van luchtvervuiling. Volgens het "Clean Air for Europe"-project, een werkgroep in de schoot van het Europees parlement, zouden jaarlijks minstens driehonderdduizend mensen te vroeg overlijden ten gevolge van luchtvervuiling en leven we met zijn allen minstens negen maanden minder lang. Dit zijn gemiddelde cijfers, want veel hangt af van de streek waarin men woont, de weersomstandigheden en van de individuele gevoeligheid.
De belangrijkste vervuilers zijn koolstofmonoxide, stikstofoxiden, fijn stof, roetstofdeeltjes, zwaveldioxide en vluchtige organische stoffen zoals benzeen. Onder invloed van zonlicht op bepaalde van deze gassen wordt daarbovenop nog ozon gevormd, dat eveneens schadelijk is voor de gezondheid.
Industrie en uitlaatgassen in het verkeer zijn de belangrijkste vervuilers. Maar ook binnenshuis slaat de vervuiling toe. In onze goed geïsoleerde huizen stapelen polluenten zoals allergenen (huisstofmijten, kattenharen...), uitwasemingen van verven, drukinkten van tijdschriften en reinigingsproducten zich op.
De verpeste lucht leidt tot een toename van hartklachten en bepaalde kankers en tot een verergering van ademhalingsproblemen.
Het besef dat er dringend maatregelen nodig zijn om de vervuiling terug te dringen, neemt toe. Ondertussen kunnen wij zelf ook actie ondernemen om de blootstelling te beperken.
 

Jan Vanderveene,
in "Uw gezondheid & het milieu"
(Knack – Extra Editie, april 2005).

 
Jarenlang gingen artsen ervan uit dat stofdeeltjes die in de longblaasjes terechtkwamen, nagenoeg niet of hooguit zeer traag tot in het bloed raakten. Onderzoek uit Leuven suggereert echter het tegendeel. Een klein deel van de ultrafijne stofdeeltjes wordt bijna onmiddellijk na het inademen reeds in het bloed aangetroffen. Vijf gezonde deelnemers, allemaal niet-rokers, ademden een gas in dat koolstofdeeltjes bevatte die kleiner waren dan 0,1 micron, d.i. een tienduizendste van een mm. Aan de koolstofdeeltjes was vooraf een licht radioactieve stof vastgehecht zodat de koolstofdeeltjes via apparatuur opgespoord konden worden. Binnen één minuut na de inademing van het gas konden de radioactieve deeltjes reeds in het bloed geregistreerd worden. Na tien tot twintig minuten had het aantal radioactieve deeltjes in het bloed een maximum bereikt. Voor alle zekerheid werd gecontroleerd of de radioactieve stof losgekomen kon zijn, maar dit bleek niet het geval te zijn. De radioactieve deeltjes die men in het bloed of de verschillende organen kon meten, zaten wel degelijk nog steeds vast aan de koolstofbolletjes.
Dit onderzoek toont aan dat de barrière in de longblaasjes tussen de lucht en de bloedvaten veel minder gesloten is dan tot voor kort werd aangenomen.
 

"Uw gezondheid & het milieu"
(Knack – Extra Editie, april 2005).

 
 
Zwemmen heeft de voorbije tientallen jaren een hele ontwikkeling gekend, onder meer met de opkomst van zogenaamde tropische zwemparadijzen. Helaas nemen zwemmers het niet altijd even nauw met de hygiënische voorschriften. Vooraf douchen wordt zelden gedaan. Met elke zwemmer belandt er bijgevolg een ruime lading van micro-organismen, zoals bacteriën en schimmels, en van organische stoffen, zoals zweet, urine en huidschilfers, in het zwembadwater. Men schat dat er ongeveer één miljard kiemen in het zwembad terechtkomen wanneer iemand in het water springt zonder een grondige douche vooraf.
 

"Uw gezondheid & het milieu"
(Knack – Extra Editie, april 2005).

 
Heel wat groenten en vruchten bevatten residu's van pesticiden, maar die zijn doorgaans veel lager dan de wettelijk toegelaten norm of ADI-waarden (Aanvaardbare Dagelijkse Inname). Bovendien is de schadelijkheid voor de gezondheid van veel pesticiden (nog) niet aangetoond. De eventuele schadelijkheid van een pesticide zou niet zozeer in het product zelf zitten, dan wel in de hoeveelheid die we ervan innemen. En die blijft, na eenvoudige culinaire voorbereidingen, zoals wassen en schillen, meestal ver beneden de ADI-waarden. De risico's voor de gezondheid door consumptie van groenten en fruit wegen, volgens de auteurs van het onderzoek, zeker niet op tegen de positieve effecten op de gezondheid. Groenten en fruit zijn rijk aan vezels, vitaminen en mineralen.
 

 "Uw gezondheid & het milieu"
(Knack – Extra Editie, april 2005).

 
Vooralsnog is het water uit de kraan geschikt als drinkwater. Flessenwater en waterfilters zijn daarom in de meeste gevallen zinloos, duur en een verspilling van energie en grondstoffen. Bovendien garanderen geavanceerde zuiveringstechnieken een goede kwaliteit van drinkwater, maar de aantasting van het milieu zet de kwaliteit van het drinkwater steeds meer onder druk.
 

"Uw gezondheid & het milieu"
(Knack – Extra Editie, april 2005).

 
Aan de universiteit van Arizona in de Verenigde Staten hebben onderzoekers in honderd huishoudens alle natte doeken en sponsjes die in de keukens gebruikt werden, verzameld en aan een microbiologisch onderzoek onderworpen. In zeventig procent werd minstens één ziekteverwekkende kiem teruggevonden. Bij twintig procent van de gevallen ging het zelfs om salmonella en staphylococcus, twee beruchte oorzaken van infecties en vergiftiging door voedsel.
 

"Uw gezondheid & het milieu"
(Knack – Extra Editie, april 2005).

 
De darm is constant in beweging en wordt voortdurend vernieuwd. Elke dag worden niet minder dan 70 miljard cellen in zijn wand vervangen. [...] Hij huist niet minder dan 100.000 miljard microben, dat zijn tien keer meer microben dat er cellen in het hele mensenlichaam zitten. [...] Voorlopig zijn er al niet minder dan achthonderd soorten darmbacteriën geïdentificeerd, en de verwachting is dat er finaal veel meer zullen worden.
 

Dirk Draulans.
Bioloog en wetenschapsjournalist,
in "Knack" (4 mei 2005).

 
Onze hersenen zijn een bijzonder complex orgaan. Ze wegen amper anderhalve kilogram, slechts twee procent van ons lichaamsgewicht, maar ze staan wel in voor 20 tot 25 procent van ons totale energieverbruik. De hersenen zijn opgebouwd uit honderd miljard zenuwcellen – dat is meer dan er bomen staan in het Amazonewoud of sterren in het melkwegstelsel. Elk van deze zenuwcellen staat gemiddeld met meer dan tienduizend andere zenuwcellen in verbinding. Voor het geheel van onze hersenen zijn dat meer verbindingen dan er bladeren hangen aan de bomen van het regenwoud. Het aantal contacten benadert het getal 10 tot de 15de macht! Dat is ongeveer een half miljard contacten per kubieke millimeter! We zouden tweeëndertig miljoen jaar bezig zijn om al deze verbindingen één voor één te tellen!
 

In "Mijn bijzonder brein",
Koning Boudewijnstichting (2004).

 
We leven in 2023. Iedereen neemt bij zijn ontbijt een pilletje. Dat pilletje bevat een stimulerend middel waardoor men alert blijft, een antidepressivum en twee substanties die het geheugen verbeteren. Oorspronkelijk waren deze pilletjes, "Tetratabs", ontwikkeld voor 60-plussers. Met succes overigens, want de Tetratabs wisten heel efficiënt ouderdomskwalen als vergeetachtigheid, lusteloosheid en neerslachtigheid te onderdrukken. Bovendien waren de Tetratabs heel veilig want ze bleken geen ongewenste bijwerkingen te hebben. Maar ook jongeren leerden de Tetratabs kennen. De illegale handel op het internet nam zulke proporties aan dat de overheid ingreep. Op scholen en universiteiten werd immers de kloof immens tussen kinderen van welgestelde ouders, die zich het product konden veroorloven, en de anderen. Omwille van deze sociale ongelijkheid besloten diverse regeringen om de Tetratabs voortaan in de vrije handel te brengen tegen sterk verlaagde prijzen.
Maar daardoor escaleerde het probleem helemaal. Het ging zelfs zover dat ouders die het geneesmiddel eigenlijk niet aan hun kinderen wilden geven, zich moreel verplicht zagen om het toch te doen. Anders zouden hun kinderen uit de boot vallen in de steeds hardere strijd voor een diploma en kwalificaties.
Er ontstond een protestbeweging van verontruste ouders want zij zaten opgescheept met kinderen die hun leerstof alleen op het laatste moment nog instudeerden. De rest van de tijd werd besteed aan computerspelletjes waarbij hun enorm verbeterde reflexen bijzonder goed van pas kwamen. Pogingen om het geneesmiddel te laten verbieden, stuitten op weerstand van de farmaceutische sector. Die konden immers moeiteloos bewijzen dat de Tetratabs doeltreffend waren en zonder gevaar... en dat is toch wel precies wat men van een geneesmiddel verwacht! De mensen uit de protestbeweging vroegen zich af hoe het zo ver was gekomen. Ze keerden zich tegen de wetenschappers die het duivelse medicijn destijds hadden ontwikkeld. Zoals zo vaak antwoordden de wetenschappers dat het de politici waren die beslisten hoe hun ontdekkingen werden gebruikt. De politici antwoordden dan weer dat economische argumenten de doorslag hadden gegeven...
Destijds, in 2003, had een kleine reflectiegroep wel de alarmbel geluid, maar men had er maar heel weinig aandacht aan besteed... als we de tijd maar konden terugdraaien!
 

Sciencefictionverhaal uit
'the Lancet Neurology" (augustus 2003),
in "Mijn bijzonder brein",
Koning Boudewijnstichting (2004).

 
Laat uw geneesmiddel uw voeding zijn en uw voeding uw geneesmiddel.
 

Hippocrates (ca 460 v.C.-ca 377 v.C.).
Grieks arts, "de vader van de geneeskunde".

 
Eén op de drie Belgische werknemers vindt dat zijn gezondheid lijdt onder het werk. Als grote boosdoeners worden steevast de hoge werkdruk en stress aangehaald. Toch heeft niet elke werknemer daar evenveel last van. Boswachters, maar ook astronomen, bibliothecarissen en schoonheidsspecialistes lijden volgens een Nederlands onderzoek maar zelden aan werkstress. Onderwijzers, verpleegkundigen, gevangenisbewaarders en militairen daarentegen haken in grote getale af... bezweken onder de werkdruk en de stress.
Cijfers? In Nederland wordt elke drieëneenhalve minuut een werknemer arbeidsongeschikt als gevolg van stress, overspanning of burn-out. Op Europees niveau zouden 28 % van de werknemers lijden aan de gevolgen van stress. In België is het niet anders: stress wordt rechtstreeks (23 %) als een van de belangrijkste klachten aangehaald. Bovendien hangen driekwart van de andere klachten – maagklachten, prikkelbaarheid, slapeloosheid of angst – ook samen met stress.
 

In: "Mijn bijzonder brein",
Koning Boudewijnstichting (2004).

 
Heel wat landen voelden de noodzaak aan om het begrip "dood" opnieuw wettelijk vast te leggen. In een eerste stap werden in 1968 de zogenaamde Harvard-criteria gepubliceerd. Deze criteria legden het begrip hersendood vast aan de hand van een aantal voorwaarden: de afwezigheid van antwoord op prikkels, het ontbreken van bewegingen of ademhalen, de afwezigheid van reflexen en de bevestiging van de diagnose door middel van een electro-encefalogram (EEG). Als het EEG volledig vlak is, dan wijst dat erop dat er geen elektrische activiteit in de hersenen meer is. Een andere methode is vast te stellen of er binnen de hersenen nog een doorstroming van bloed is. Als uit scans blijkt dat de hersenen niet meer doorbloed worden, dan gaat men er eveneens vanuit dat de hersenen niet meer functioneren en de patiënt overleden is.
Een patiënt die hersendood is, zal zelf niet meer ademen en zijn hart zal niet meer spontaan kloppen. Zijn organen kunnen echter nog enige tijd kunstmatig "in leven" worden gehouden om artsen de tijd te geven een orgaantransplantatie voor te bereiden.
 

In: "Mijn bijzonder brein",
Koning Boudewijnstichting (2004).

 
Tot enkele tientallen jaren geleden werd jongeren met acne bijna steeds een voedingsadvies meegegeven en ook nu blijft het vooroordeel dat voeding een rol speelt bij acne nog steeds hardnekkig verder leven. Steevast wordt daarbij gewezen in de richting van vette voeding, zoals chocolade, frieten, chips, junkfood, maar ook frisdranken, snoep, enz. Nochtans werd reeds in 1969 duidelijk aangetoond dat de ernst van acne niet beïnvloed wordt door het eten van chocolade. Het verband dat mensen leggen tussen vetten in de voeding en vetten in de huid is al te eenvoudig. De voedingsvetten komen niet rechtstreeks in de talgklieren terecht.
 

Hugo Degreef.
Hoogleraar dermatologie KU Leuven,
in "Gezondheidsbrief" (april 2005).

 
Het doel is iedere dag een uur lichamelijke opvoeding. Daarnaast kan beweging in andere lessen aan bod komen. Zo kunnen in de les biologie niet alleen de cellen van het menselijke lichaam aan bod komen, maar ook de echte werking van het lichaam.
 

Paul De Knop, voorzitter van de Raad van Bestuur
van het gemeenschapsonderwijs, in "De Standaard" (27.4.2005).

 
De middelbare scholen zijn volgens hun leerlingen net niet geslaagd in gezondheidsacties en gelijkaardige initiatieven. Op de maatregelen voor gezonde voeding krijgen scholen maar net voldoende. En in de lessen mag er gerust wat meer aandacht naar gezondheid gaan. Ouders en leerkrachten zijn geruster. Zij geven de school gemiddeld ruim voldoende. Leerlingen in het basisonderwijs zijn gematigder. "Dat er tussen lager en secundair onderwijs een kloof is, verwondert me niet", zegt hoofdredacteur Leo Bormans van het onderwijstijdschrift "Klasse" daarover. "Want in de lagere school wordt gezondheid in de lessen behandeld. Dat is in de middelbare scholen niet meer het geval."
 

Pieter Lesaffer.
Journalist in "De Standaard" (3.5.2005).

 
In het onderwijs planten we te veel uitroeptekens en zaaien we te weinig vraagtekens.
 

Mark Eyskens.
Belgisch Minister van Staat.

 
Levend in een periode van snel toenemende industrialisering en landontginning, constateerde hij [de Brusselse hoogleraar plantkunde Jean Massart (1865-1925)] met spijt dat landschap en natuur gaandeweg aan kwaliteit inboetten. Om die reden schreef hij in 1912 een indrukwekkend, op wetenschappelijke leest geschoeid pleidooi: "Pour la protection de la nature en Belgique". Zijn stelling kan als volgt omschreven worden: beschaafde naties zijn niet zomaar de bezitters van het landschappelijk erfgoed, ze moeten er zich rekenschap van geven dat ze de plicht hebben het te behoeden tegen aftakeling. Alleen dan zullen de volgende generaties zich nog een idee kunnen vormen van landschappen die nog niet verminkt werden door ongebreidelde ontginningsdrang. In dit natuurbehoudsmanifest avant-la-lettre kwam hij op voor het behouden van niet minder dan 75 landschappen. Een derde hiervan viel binnen onze regio [bedoeld is het Vlaamse Gewest]. (...) Van Massarts hoofdbekommernis, een snelle vrijwaring van de geselecteerde gebieden voor de toekomstige generaties, kwam weinig terecht. Geen enkele van zijn geselecteerde bos- en wastinelandschappen bleef ongeschonden bewaard tot onze tijd. Integendeel, de wastines gingen bijna compleet verloren. [Een wastine is een door bosdegradatie ontstaan gebied, bijvoorbeeld heide, broek, moeras, duin.]
 

G. Tack, P. Van den Bremt en M. Hermy.
In "Bossen van Vlaanderen" (Davidsfonds, 1993).

 
De huidige bosoppervlakte binnen de regio [bedoeld is het Vlaamse Gewest] bedraagt ongeveer 6 %, dus minder dan de helft van de situatie ten tijde van de Ferrariskaart (1771-1778). De situatie is helemaal dramatisch voor het wastineareaal, dat gereduceerd is tot een luttele ha. Op Europees niveau behoort Vlaanderen tot een van de meest bosarme regio's! Bosuitbreiding is, mede in het licht van de enorme import van hout uit het buitenland, een absolute noodzaak. Het is een belegging voor onze kleinkinderen en hun kinderen.
 

G. Tack, P. Van den Bremt en M. Hermy.
In "Bossen van Vlaanderen" (Davidsfonds, 1993).

 
Ex ovo omnia. – Alles ontstaat uit een ei.
 

William Harvey (1578-1658).
Engels arts, ontdekker van de gesloten bloedsomloop.

 
De mens die met de strengste zorgvuldigheid observaties uitvoert, kan zich toch zwaar vergissen bij de meest eenvoudige feiten. We hebben in de geschiedenis van de fysiologie duizenden voorbeelden daarvan. (...) Ik kan je niet genoeg de ervaring aanraden en altijd het experiment als tegenproef voor de feiten waarvan je denkt dat je ze ontdekt hebt. Dat is, geloof me vrij, de toetssteen van de waarheid. Indien men dat verwaarloost, gaat men de weg op van het toeval en eindigt men op een dwaalweg.
 

François Magendie (1783 - 1855).
Frans hoogleraar fysiologie.
In "Leçons sur le sang" (1839).
 

 
Als we ons houden aan gissingen zullen we vele keren de zwaarste fouten begaan. Je hoort me dikwijls de nadruk leggen op die stelling en mijn vraag naar een materiële proef. Want eigenlijk is de ervaring de lichtende fakkel van de fysiologie, terwijl hypothesen die verleidelijk kunnen zijn of die goed verenigbaar zijn met andere hypothesen of die goed passen bij het behandelde onderwerp, toch een onoverkoombare hindernis kunnen zijn voor de vooruitgang van onze wetenschap.
 

François Magendie (1783 - 1855).
Frans hoogleraar fysiologie.
In "Leçons sur le sang" (1839).
.

 
De Parijse anatoom Jean Riolan Jr. (ca 1577-1657) nam in 1649 de pen op tegen William Harvey (1578-1657). [Harvey had in 1628 als eerste in de geschiedenis de grote bloedsomloop bij de mens beschreven.] Uit het verweerschrift van Harvey wil ik één zinsnede aanstippen. Riolan had de gehele leer van de bloedsomloop verworpen, omdat hij voor dat aldoor rondstromen van het bloed geen enkel doel of reden kon vinden. Harvey weet hier slechts op te antwoorden, dat men moet beginnen met te weten hoe de dingen zijn, vóórdat men moet nagaan waaróm zij zo zijn. Dit is een mooie geloofsbelijdenis van natuurwetenschappelijk nuchterheid. Tevens blijkt er echter op verbijsterende wijze uit, dat Harvey zelf twintig jaren na het verschijnen van zijn boek, nog geen begrip had van de onvergelijkelijk grote betekenis welke de bloedsomloop heeft voor de stofwisseling, voor de ademhaling, voor het leven. Zo weinig was Harvey doordrongen van het belang van zijn leer, dat hij die negen jaar lang mondeling onderwezen heeft, voor hij haar in zijn boekje heeft neergelegd.
 

Gérard Van Rijnberk.
Nederlands hoogleraar fysiologie in Amsterdam.
In "Physiologische Brieven" (1948).
 

 
Het leven is kort, de kunst is lang, de gelegenheid is vluchtig, de ondervinding bedrieglijk, het oordeel moeilijk.
 

Hippocrates (ca. 460 v.C.- ca. 377 v.C.).
Grieks arts, "de vader van de geneeskunde".

 
Sla eten zou meer energie vergen dan het oplevert (10 kcal per 100 g).
 

Anoniem.

 
Opvallend is, dat de meeste ontdekkingen [in de fysiologie] een grote tegenstand ontmoetten. Zelfs de grootste onderzoekers bleken op verschillende punten uiterst conservatief te zijn: nieuwe denkbeelden schrikken blijkbaar velen af. Door de onderzoekingen van talloze generaties van de besten uit alle landen is tenslotte het huidige resultaat verkregen, en op deze wijze voortschrijdend zullen de toekomstige generaties de problemen waarmee wij nog worstelen waarschijnlijk vele stappen dichter bij de oplossing weten te brengen. De geschiedenis van een vak leert ons, dat wij in dezen optimist mogen zijn!
 

Abraham Schierbeek (1887-1974).
Nederlands biologiedocent.
In "Bloed en bloedvaten"(1950).

 
Maar er zijn andere, veel sterkere voorbeelden [van milieurampen]. Evolutiebioloog Eors Szathmáry somt er in "Nature" een indrukwekkende reeks op. Een van de ergste gebeurde rond 2,2 miljard jaren geleden, toen de atmosfeer van onze planeet, die tot dan toe zacht en vriendelijk was geweest voor het leven, op grote schaal vergiftigd werd met het agressieve gifgas zuurstof. Hoofdschuldigen waren een deel van de levende microscopische organismen zelf, die een nieuwe industriële techniek hadden uitgevonden, de "fotosynthese", een manier om energie uit zonlicht te halen, waarbij het uiterst gevaarlijke zuurstof als afvalproduct vrijkwam. Zuurstof was dodelijk voor veel van het leven op onze planeet, maar uiteindelijk ontstonden er nieuwe levensvormen die net van die zuurstof gebruik maakten. En precies omdát zuurstof zo'n agressieve chemische stof is, beschikte dat leven-nieuwe-stijl over veel meer energie en mogelijkheden.
 

Steven Stroeykens.
Wetenschapsjournalist in "De Standaard" (20 mei 2005).

 
* Tachtig procent van alle planten- en diersoorten en tal van lokale gemeenschappen zijn voor hun voortbestaan afhankelijk van bossen. Koop hout met het FSC-label (Forest Stewardship Council): dat garandeert dat het hout uit een verantwoord beheerd bos komt.
* Drieëntwintig procent van de zoogdiersoorten en twaalf procent van de vogelsoorten is wereldwijd bedreigd. Koop op vakantie geen "bedreigde souvenirs": kaviaar, ivoren beeldjes, koralen, sponzen, voorwerpen uit slangenleer of schildpadschild. Houd geen "exotische" huisdieren.
* De klimaatverandering is vandaag al voelbaar, maar we kunnen de schade nog beperken. Kies voor groene stroom, gebruik vaker het openbaar vervoer en isoleer uw woning goed.
* Oceanen en zeeën produceren zeventig procent van de zuurstof op aarde. Respecteer beschermde zones in kustgebieden. Eet de kwetsbaarste vissoorten niet.
* Veel chemische stoffen op de markt en in onze dagelijkse omgeving werden nooit behoorlijk getest op hun veiligheid. Kies voor milieuvriendelijke verven en natuurlijke verzorgings- en schoonmaakmiddelen. Gebruik geen pesticiden.
 

WWF (www.wwf.be)

 
Wie op middelbare leeftijd veel tv kijkt, heeft meer kans om later de dementie veroorzakende ziekte van Alzheimer te krijgen. [...] Voor elk extra uur tv kijken per dag, bleek de kans om later Alzheimer te krijgen met dertig procent toe te nemen. Drie uur per dag tv betekent dat de kans op Alzheimer meer dan verdubbelt.
 

Wetenschappelijke onderzoekers.
In "De Standaard" (27 mei 2005).

 
De hersenen bestaan naast honderd miljard neuronen ook uit zogeheten gliacellen. Naar ruwe schatting zitten er zelfs negen maal zo veel gliacellen als neuronen onder het schedeldak. Dat is al tijden bekend. Lang dachten wetenschappers dat gliacellen enkel en alleen dienden voor de stevigheid van de hersenen, voor het leveren van voedingsstoffen aan de neuronen en als een soort vuilnisophaaldienst die afgestorven neuronen opruimt. "Dat oude dogma moet radicaal overboord", zegt Helmut Kettenmann tijdens Euroglia2005 in Amsterdam.  [...] "Gliacellen zijn niet passief, maar wel degelijk actief. Ze luisteren naar de communicatie tussen neuronen en reageren daarop. Ze scheiden chemische boodschapperstoffen af, zoals de zogeheten neurotransmitters, die de communicatie tussen neuronen versterken of verzwakken. Daarmee spelen gliacellen wel degelijk een rol bij leerprocessen en in het langetermijngeheugen. Er is een complexe wisselwerking tussen neuronen en gliacellen."
 

Bennie Mols.
Wetenschapsjournalist in "De Standaard" (27 mei 2005).

 
Wie bezorgd is om zijn gezondheid moet niet te veel verwachten van het slikken van extra vitaminen en mineralen. Wellicht doet het niets, misschien is het zelfs ongezond. Het is mogelijk dat sommige voedingssupplementen voor bepaalde specifieke aandoeningen voor bepaalde mensen wél nuttig zijn, maar om er het fijne van te weten is meer onderzoek nodig. Ondertussen lijkt het niet zinvol met z'n allen vitaminepillen te slikken.
 

Test-Gezondheid (juni/juli 2005).

 
Het idee dat de juiste voedingsmiddelen, of de natuurlijke neurochemicaliën die ze bevatten, de geestelijke vermogens kunnen verhogen – u kunnen helpen u te concentreren, uw sensorimotorische vaardigheden kunnen fijnregelen, u gemotiveerd kunnen houden, het geheugen verbeteren, uw reactietijden kunnen versnellen, stress kunnen ontladen en zelfs veroudering van het brein kunnen voorkomen – is geen luchtfietserij. Voedingsneurowetenschap, zoals het genoemd wordt, staat nog maar net in de kinderschoenen, maar heeft al enkele opmerkelijke resultaten opgeleverd.
 

In "Psychology Today",
vermeld in J. Carper, Voeding & Intelligentie (Elmar, Rijswijk; 2002).

 
Leren activeert genen in zenuwcellen, en dit op zijn beurt stimuleert de groei van dendrieten en synapsen.

William T. Greenough,
University of Illinois in Urbana-Champaign,
vermeld in J. Carper, Voeding & Intelligentie (Elmar, Rijswijk; 2002).

 
Nonnen met de hoogste opleiding en het hoogste intellectuele leven lijden het minst aan symptomen van Alzheimer.

 
Dr. David Snowdon, University of Kentucky.
vermeld in J. Carper, Voeding & Intelligentie (Elmar, Rijswijk; 2002).

 
Het gezag van een citaat is al net zo'n vreselijk wapen als elk ander dat het menselijk verstand kan verzinnen.
 

J. Chapman.