KERNACHTIGE UITSPRAKEN - REEKS II

Een oorspronkelijke gedachte op didactisch gebied kan even belangrijk zijn als een wetenschappelijke ontdekking. 
Marcel Minnaert (1893-1970).
Vlaams-Nederlands astronoom.

 

Er is ook geen reden om te vragen naar een doel voor dat Heelal. De natuur kent oorzaken en gevolgen, de natuurwetten bepalen welke veranderingen er in de toekomst zullen gebeuren, maar men mag dat geen doel noemen. Een mens kan een doel hebben, dat wil zeggen hij maakt zich een voorstelling van iets wat hij zou willen bereiken en waar hij zich voor inspant. Maar de sterren denken niet en doen heus niet hun best om ergens te komen of om veel licht te geven.
 
Marcel Minnaert (1893-1970).
Vlaams-Nederlands astronoom.

 

Wetenschap en ervaring spelen een doorslaggevende rol in het maatschappelijk leven. Zo is het ook in het onderwijs: de enkeling moet kennis nemen van wat door vele anderen ervaren, geprobeerd en gedacht is. Het onderwijs vervult in onze maatschappij een zo centrale en vitale functie, dat we ons niet meer kunnen permitteren die op goed geluk te bedrijven zonder systematische voorbereiding. En dit is a fortiori waar voor de natuurwetenschappen en de wiskunde die een zo snelle ontwikkeling doormaken dat een voortdurend herzien en moderniseren van de onderwijsstof volstrekt vereist is, wil de vooruitgang  der wetenschap kunnen doorgaan.

 
Marcel Minnaert (1893-1970).
Vlaams-Nederlands astronoom.

 

Het zijn de natuurwetenschappen die ons onderwijs kunnen verlossen van die woordeneenzijdigheid. Zij brengen het glimmende koper en het spattende water in de klas, de warme kleuren van het spectrum; de heerlijke stank van zoutzuur of ammonia, of de knallende ontploffing; de tere groene blaadjes van de kiemende plant en de wonderlijke schoonheid der visjes in het aquarium.
 
Marcel Minnaert (1893-1970).
Vlaams-Nederlands astronoom.

 

Als we geboren worden, hebben we een reeks erfelijke eigenschappen van onze voorouders meegekregen; of liever: erfelijke reactiewijzen, want dàt is wat er feitelijk overgeërfd wordt. Een klimopplant heeft niet als eigenschap de bekende veelhoekige bladeren. Wat het klimop kenmerkt is, dat het op schaduw reageert door de vorming van veelhoekige bladeren en op licht door vorming van ronde bladeren. Zo is het ook met een mens. Wat er van hem terechtkomt zal in hoge mate bepaald worden door de omgeving waarin hij opgroeit.
 
Marcel Minnaert (1893-1970).
Vlaams-Nederlands astronoom.

 

Onderwijs is iets bewonderenswaardig, maar het is goed om af en toe te bedenken dat niets wat de moeite waard is om te weten op school kan worden geleerd.
 
Oscar Wilde (1854-1900).
Brits dichter.

 

What's in a name? that which we call a rose

By any other name would smell as sweet.
 

Wat zegt een naam? Dat wat wij een roos noemen
zou met elke andere naam even heerlijk ruiken.
 
William Shakespeare (1564-1616).
Engels toneelschrijver en dichter.

 

Mens. Zelfstandig naamwoord. Een dier dat zo opgaat in verrukte bespiegeling over wat hij meent te zijn, dat hij over het hoofd ziet wat hij ongetwijfeld zou moeten zijn. Zijn voornaamste bezigheid is het uitroeien van andere dieren en van zijn eigen soort en die zich echter met zo'n aanhoudende snelheid vermenigvuldigt, dat heel de bewoonbare wereld en Canada erdoor worden overspoeld.
 
Ambrose Bierce (1842-?1914).
Auteur van "The Devil's Dictionary".

 

Taal is gewoonweg levend, zoals een organisme. En feitelijk zeggen we dat al als we spreken van levende talen en ik denk daarbij dat we daar meer mee bedoelen dan een abstracte metafoor. Woorden zijn de cellen van de taal die zorgen voor de voortbeweging op benen van het grote lichaam. De individuele woorden zijn zoals de verschillende diersoorten. Mutaties treden op. Woorden kunnen met elkaar versmelten en paren. Hybridische woorden en wilde variëteiten of samengestelde woorden zijn dan de nakomelingen. Sommige gemengde woorden worden gedomineerd door de ene ouder, terwijl de andere de recessieve is. De manier waarop een woord het ene jaar gebruikt wordt is zijn fenotype, maar het heeft ook onveranderlijke betekenissen die dikwijls verborgen zitten en dat is het genotype van het woord. De verschillende talen van de Indo-Europese familie vormden eens één taal, misschien vijfduizend jaar geleden, misschien ook nog vroeger. Het door migraties uit elkaar gaan van de sprekers van die ene taal heeft op de talen een effect gehad dat te vergelijken is met de soortvorming zoals die door Darwin geobserveerd werd op de Galapagos-eilanden. Talen worden verschillende soorten, die toch nog genoeg gelijkenissen vertonen met de originele voorouder zodat de familiale overeenkomst nog steeds vastgesteld kan worden.
 
Lewis Thomas (1913-1993).
Amerikaans arts en bioloog.

 

Leraars openen de deur, maar je moet zelf binnengaan.
 
Chinees spreekwoord.
 

Een professor is iemand die kan spreken over elk onderwerp gedurende precies vijftig minuten.
 
Norbert Wiener (1894-1964).
Amerikaans wiskundige.

 

Het is nu toegelaten voor een katholieke vrouw om een zwangerschap te vermijden door haar toevlucht te nemen tot de rekenkunde, maar het is nog steeds verboden om haar toevlucht te nemen tot de fysica of de chemie.
 
Henry Louis Mencken (1880-1956).
Amerikaans schrijver en journalist.

 

De walvissoort gekend als de blauwe vinvis weegt tot 140.000 kg, meet tot 30 meter, heeft 7 kg hersenen en 90 kg teelballen. Als hij kan denken, kunnen we denken waaraan hij denkt.

 
Jon Lieu.
Walvisdeskundige.

 

Ik geloof dat niet ons gehele leven door de eerste drie levensjaren wordt bepaald, maar dat we ook daarna heel wat kansen krijgen om te groeien. De afname van de geestelijke vermogens met het klimmen der jaren schijnt niet onvermijdelijk te zijn. Ik hoop dat we zullen ontdekken dat veel mensen kunnen worden geholpen om ook tot op vergevorderde leeftijd een actief geestelijk leven te leiden. Het is heel goed mogelijk, dat een stimulatie plus ervaring die voldoende gecompliceerd zijn, dit zullen bevorderen. Het lijdt geen twijfel dat de mens zich niet heeft ontwikkeld om inactief te zijn. En inactiviteit is iets dat moet worden vermeden.

 
Mark R. Rosenzweig.
Amerikaans hoogleraar psychologie.

 

De massa bewijsmateriaal over de menselijke hersenen, over de potenties van heel jonge kinderen en over de ontoereikendheid van onze vroegere leer- en testmethoden, schept de behoefte aan een volledige herziening van de manier waarop wij de opvoeding van het mensenkind benaderen. We moeten ermee beginnen, het kind te leren
hoe het moet leren en niet alleen maar wat het moet leren. We moeten ons concentreren op onthouden en herinneren, het gebruik van de ogen voor het lezen en absorberen van informatie, op nieuwe benaderingen van het studeren, op het onderzoeken van de manier waarop informatie zelf in elkaar zit en waarop informatie wordt opgenomen, opgeslagen en toegepast door de menselijke hersenen, alsmede op de manier waarop informatie van de ene geest op de andere wordt overgedragen.
 
Terence Dixon (° 1944) en Tony Buzan (° 1942).
Britse leerpsychologen.

 

Over vijftig jaar [...] zullen [we] verlost zijn van de absurditeit een hele kip te laten opgroeien om de borst of vleugel te kunnen opeten, door die delen apart in een geschikt medium op te kweken.

 
Winston Churchill (1874-1965) in 1932.
Brits staatsman.


Wij kunnen bewijzen dat elk van de tien miljard neuronen in de menselijke hersenen een potentie bezit voor een aantal verbindingen, dat een getal 1, gevolgd door achtentwintig nullen vertegenwoordigt! Als één neuron al een dergelijke potentie bezit, dan kunnen wij ons er nauwelijks een voorstelling van maken waartoe de hersenen in hun geheel in staat zouden zijn. Dit betekent dat het totale aantal mogelijke verbindingen in de hersenen, als we het zouden uitschrijven, bestaat uit een 1, gevolgd door 10,5 miljoen kilometer nullen.
 
Piotr Anokhin (1898-1974).
Russisch hersenfysioloog.

 

Ik weet nog dat ik als jonge vader naar de wieg van mijn eerste dochter sloop toen ze een dag of vier, vijf was en bij mezelf dacht: wat een schitterende vingertjes, alle kootjes zo volmaakt, tot aan de nagels toe. Die details had ik in geen miljoen jaar kunnen bedenken. Maar natuurlijk heb ik, heeft de mensheid, er precies een miljoen jaar over gedaan [...] om de huidige evolutiefase te bereiken.
 
Jacob Bronowski (1908-1974).
Pools-Brits wiskundige.

 

Wat is een mens, welbeschouwd, méér dan een nauwkeurig afgestelde ingenieuze machine om oneindig kunstig de rode wijn van Shiraz om te zetten in urine?
 
Isak Dinesen/Karen Blixen (1885-1962).
Deens auteur.

 

Er zijn eigenlijk niet zoveel beroepen waarvoor een penis of vagina echt nodig is, en alle andere moeten voor iedereen toegankelijk zijn.

 
Gloria Steinem (° 1944).
Amerikaanse feministe.

 

De adaptationistische vraag: "Wat is de functie van structuur zus of orgaan zo?" vormt al eeuwenlang de basis van iedere vooruitgang in de fysiologie. Zonder het adaptationistische programma zouden we de functies van zwezerik, milt, hersenaanhangsel en pijnappelklier waarschijnlijk nog steeds niet kennen. Harvey's vraag "Waarom hebben de aderen kleppen?" was een belangrijke opstap naar zijn ontdekking van de bloedsomloop.

 
Ernest Mayr (° 1904).
Evolutiebioloog.



Alle kennis is een antwoord op een vraag.
 
Gaston Bachelard (1884-1962).
Frans wetenschapsfilosoof.

 
 
Al duizenden jaren ontdekken natuuronderzoekers tot hun verrassing en verrukking de vernuftige bedenksels van de levende wereld: de biomechanische perfectie van jachtluipaarden, de infrarode gaatjescamera's van slangen, de echolocatie van vleermuizen, de superkleefkracht van zeepokken, de als staal zo sterke spinnendraden, de tientallen grepen van de menselijke hand, het DNA-reparatiemechanisme bij alle complexe organismen.
 
Steven Pinker (° 1954).
Amerikaans hoogleraar psychologie.



Geen enkele [van de in Laos gegeten insecten] was onsmakelijk, een paar zelfs heel smakelijk: zoals de grote waterwants. Ze waren merendeels een beetje flauw, met een lichte groentensmaak, maar zou niet iedereen die voor het eerst brood eet zich afvragen waarom we zoiets smaakloos eten? Een geroosterde mestkever of een zachte spin heeft een plezierig krokante buitenkant en een zachte, luchtige binnenzijde die beslist niet naar smaakt. Gewoonlijk voegt men wat zout toe, soms wat chilipoeder of het blad van geurige kruiden en soms eet men ze met rijst of eet men ze bij sauzen of curry's. De smaak is bijzonder moeilijk weer te geven, maar de smaak van sla zou, denk ik, die van termieten, cicaden en krekels het beste weergeven; sla en rauwe aardappelen die van de grote Nephila-spin; en de kaassmaak van pittige gorgonzola die van de grote waterwants (Lethocerus indicus). Ik heb geen enkel nadelig gevolg ondervonden van het nuttigen van deze insecten.

 
Een Brits entomoloog en ontdekkingsreiziger.
 

Deze regels zijn bedoeld om u te helpen een vrij en juist oordeel te vormen, want een goed oordeel komt voort uit een goed begrip, en een goed begrip komt voort uit de rede, geleid door goede regels, en goede regels zijn de kinderen van gedegen ervaring, die de gemeenschappelijke moeder is van alle wetenschappen en kunsten.

 
Leonardo da Vinci (1452-1519).
Italiaans schilder en natuuronderzoeker.

 

De dood bij oude mensen, indien niet te wijten aan koorts, wordt veroorzaakt door de aderen waarvan de wanden zoveel dikker worden dat ze afgesloten raken zodat het bloed er niet door kan passeren.

 
Leonardo de Vinci (1452-1519).
Italiaans schilder en natuuronderzoeker.

 

Ik merk steeds meer een algemene minachting voor techniek en technologie. Dat werkt irrationele angsten in de hand. Omdat ze niet weten hoe het precies werkt, maken mensen op een rare selectieve manier gebruik van technologie. Ze zijn bang voor straling bijvoorbeeld, bestraald voedsel vinden ze eng, maar ze maken wel gebruik van mobiele telefoons en magnetrons. Dat is niet alleen behoorlijk inconsequent, het is ook slecht voor de samenleving, want het gevolg is dat er geen serieus maatschappelijk debat gevoerd kan worden over de technologie die we de komende twintig jaar willen hebben. Ik heb er niets op tegen dat mensen af en toe irrationeel zijn: het is je goed recht om niet onder een ladder te willen doorlopen, als je daar gelukkiger mee bent. Maar het probleem is dat een hele generatie zich afkeert van technologie: steeds minder jongeren kiezen voor exacte vakken. Als ik minister van Onderwijs was, zou ik mij daar verschrikkelijk veel zorgen over maken.

 
Louise O. Fresco (° 1952).
Nederlands hoogleraar en directeur FAO.

 

Mensen zijn niet het eindresultaat van een voorspelbaar evolutionaire vooruitgang, maar eerder een toevallig kosmisch toevoegsel, een heel dunne twijg van een enorm sterk vertakte levensboom, en indien die vanuit zaad opnieuw geplant zou worden, is het bijna zeker dat die twijg niet opnieuw zou uitgroeien.
 
Stephen J. Gould (1941-2002).
Amerikaans hoogleraar biologie.

 

Welke opvatting de mensen ook mogen hebben over de belangrijkste functie van het onderwijs, ze zijn er toch op zijn minst over eens dat leerlingen moeten leren denken. In een samenleving waarin de veranderingen zo snel optreden, kunnen individuen niet afhangen van vaste regels of tradities bij het nemen van beslissingen. In een dergelijke samenleving is er een begrijpelijke bezorgdheid dat individuen in staat moeten zijn om intelligent onafhankelijk te denken.
 
Hilda Taba (1902-1967).
Amerikaans pedagoog.

 
 
"Qui bene distinguit, bene docet."- " Goed onderscheiden is goed onderwijzen."
 
Anoniem.
 

Het is opmerkelijk dat scholing voor bijna elke vorm van menselijke onzekerheid een preventieve rol kan spelen. Tegelijk moeten we ervoor zorgen dat de inhoud van de lessen die scholing niet omvormt tot een gevangenis, maar tot een paspoort voor de hele wijde wereld.

 
Amartya Sen (°1933)
Nobelprijs economie 1998.

 

Wat is het roken toch een zegen; misschien de grootste die wij aan de ontdekking van Amerika te danken hebben.

 
Sir Arthur Helps (1813-1875).
Engels historicus en essayist.

 

Bewaar me, ik vraag me werkelijk af wat voor plezier of geluk zij beleven aan het roken van hun smerige tabak. Het is alleen maar goed om een man te doen stikken en om hem vol rook en as te stoppen.

 
Ben Johnson (1919-1996).
Amerikaans filmacteur.

 

Eukanuba [een fabrikant van hondenvoer] stopt omega-3 [een vetachtige verbinding]in voer voor puppy's. Ik vind het treurig dat wij het wel aan onze puppy's geven, maar niet aan onze baby's.

 
Dr. Barbare Levine.
Hoogleraar voedingsleer Cornell University

 

Het is de grootste dwaasheid dingen te leren die men later weer moet vergeten.

 
Desiderius Erasmus (1469-1536).
Humanist.

 

Wie zichzelf onderwijst, heeft een dwaas tot leermeester.
 
Benjamin Franklin (1706-1790).
Amerikaans staatsman en fysicus.

  
 
Er zijn geen oninteressante dingen, er zijn alleen ongeïnteresseerde mensen.
Men kan niemand iets leren; men kan hem alleen helpen het binnen zichzelf te vinden.
 
Galileo Galilei (1564-1642).
Italiaans fysicus en sterrenkundige.

 
 
Door niets ontdekken we het gebrekkige in onze kennis beter dan door anderen te onderwijzen.
 
C. J. Wijnaendts Francken (1863-1944).
Nederlands letterkundige en aforist.

 

Fouten verbergen is verkeerd, want juist van onze fouten leren we het vermijden van fouten.
 
Sir. Karl Popper (1902-1994).
Engels-Oostenrijks wetenschapsfilosoof.

 

De mens verschilt niet van de dieren, behalve op sommige toevallige punten.
 
Leonardo da Vinci (1452-1519).
Italiaans schilder en natuuronderzoeker.

 

Aangezien de toename van kennis de kern van de vooruitgang is, zou de geschiedenis van de wetenschap de kern van de algemene wetenschap moeten zijn. Toch kunnen de grote levensproblemen niet door mannen van de wetenschap alleen worden opgelost, of door kunstenaars of humanisten: we hebben de samenwerking van hen allen nodig. Wetenschap is altijd onmisbaar maar nooit voldoende. We hongeren naar schoonheid, en waar de naastenliefde ontbreekt, baat niets anders.
 
George Sarton (1884-1956).
Vlaams-Amerikaans wetenschapshistoricus.



Vele leerkrachten denken: "Ik vertelde het hun, zij hoorden mij, derhalve kennen ze het". Dit is de meest verspreide misvatting in het onderwijs.
 
Kathleen Fischer.
Amerikaans hoogleraar biologiedidactiek.

 

Het geheim van het onderwijzen is de indruk geven dat je al heel je leven weet wat je deze morgen onderwezen hebt.
 
Anoniem.
 

Al wie stopt met leren is oud, of hij nu twintig, ofwel tachtig is. Al wie leert is jong. De belangrijkste zaak in het leven is je geest jong te houden.
 
Henri Ford (1863-1947).
Amerikaans grootindustrieel.

 

Diegene die te oud is om te leren, is waarschijnlijk altijd te oud geweest om te leren.
 
Henry S. Haskins.
Chemicus.



De grootheid van een natie kan worden beoordeeld op grond van de manier waarop haar dieren behandeld worden.
 
Mahatma Gandhi (1869-1948).
Indisch volksleider.

 

Ik hoor en ik vergeet,

Ik zie en ik onthou,
Ik doe en ik begrijp.
 
Chinees spreekwoord.
 

Indien je plannen maakt voor een jaar, plant een zaad.

Indien voor tien jaar, plant een boom.
Indien voor honderd jaar, onderwijs het volk.
Als je een zaad eenmaal zaait, zul je een enkele oogst krijgen.

Als je het volk onderwijst, zul je honderd oogsten krijgen.
 
Kuan Chung (°1953).
Hoogleraar computerkunde.

 

Ik durf beweren dat als planeten bewoonbaar zijn, ze ofwel bewoond zijn, ofwel bewoond geweest zijn, ofwel zullen bewoond worden.

 
Jules Verne (1828-1905).
Frans schrijver.

 

Wie een schooldeur opent, sluit een gevangenis.
 
Victor Hugo (1802-1885).
Frans dichter en prozaschrijver.

 

Armoe heeft vele wortels, maar de hoofdwortel is de onwetendheid.
 
Lyndon Baines Johnson (1908-1973).
Amerikaans president.

 

Onderwijs is te belangrijk om het alleen aan onderwijzenden over te laten.
 
Francis Keppel (1916-1990).
Amerikaans onderwijsdeskundige.

 

Geef een man een vis en je voedt hem voor één dag.

Leer de man vissen en je voedt hem levenslang.
 
Chinees spreekwoord.
 

Want my dunckt, ik nu meermael bij ervaerentheyt geleert hebbe, dat somwijlen eenige ghebreken des lichaems, jae des verstants ende des gemoets, van d'ouderen op de kinderen komen, en als van handt tot handt voortgheset worden.
 

Arnold Geulincx (1624-1669).
Vlaams filosoof.



Ik heb een missie in het zo duidelijk mogelijk maken aan de mensen wat er aan het gebeuren is. Opdat zij mee kunnen beslissen wat er uiteindelijk van die hele gentechnologie gebruikt wordt en wat niet. Er is een absolute nood aan uitleg want de mensen zijn bang. Ze hebben recht op die verklaring. Het is tenslotte met hun geld dat we onderzoek doen.

Helaas kijkt de politieke wereld slechts zelden vooruit naar wat gentechnologie mettertijd brengt. Ik vrees dat het te laat is als men te lang wacht. Binnen afzienbare tijd wordt het mogelijk de genetische voorbeschiktheid voor frequente ziektes te bepalen zoals hart- en vaatziekten, heel wat kankers, en noem maar op. Die verklaart niet 100 procent het risico dat je loopt, maar de risicobepaling wordt mogelijk. Gaan we dat toelaten, of niet? Dat moet nu geregeld worden en niet binnen tien jaar.
 
Jacques Cassiman (°1934).
Hoogleraar genetica KU Leuven.

 

De eerste schrede op het pad van de wijsheid is het noemen van de dingen bij hun juiste naam.
 
Chinees spreekwoord.
 

Door contact met de maandelijkse vloeiing van vrouwen wordt nieuwe wijn zuur, droogt de oogst uit, mislukken entingen, verdrogen zaden in de tuinen, valt het fruit van de bomen, wordt het heldere oppervlak van een spiegel dof, stompt de scherpe rand van staal af, wordt de glans van ivoor dof, gaan bijen dood, begint ijzer en brons te roesten, en raakt de lucht vervuld van een verschrikkelijke stank. Honden die het bloed proeven worden gek, en hun beet wordt even giftig als bij hondsdolheid. De Dode Zee, die dik is van zout, kan niet gescheiden worden dan alleen met een draad die in de giftige vloeistof van het menstruatiebloed gedrenkt is. Een draad van een geïnfecteerde jurk is al genoeg. Als linnengoed bij het koken en wassen in water door de vrouw wordt aangeraakt, wordt het zwart. De kracht van de vrouw is in deze maandelijkse perioden zo magisch dat hagelbuien en wervelwinden verdreven worden als menstruatievocht blootgesteld wordt aan het licht van de bliksem.

 
Plinius de Oudere (23 n.C-79).
Romeins militair en schrijver.

 

De enige grond waarop de natuurwetenschappen hun geloof kunnen baseren is het idee dat de algemene wetten die de verschijnselen in het universum verklaren, bekend of niet bekend, noodzakelijk en constant zijn. Waarom zou dit principe niet opgaan voor de ontwikkeling van de intellectuele en morele faculteiten van de mens en wel voor andere gebeurtenissen in de natuur?

 
Condorcet (1745-1794).
Frans politicus.

 

Kunnen we ooit overeenstemming bereiken over de hoeveelheid DNA-geknutsel die nog moreel verantwoord is? Bij het maken van dit soort keuzen moet er een belangrijke grenslijn getrokken worden tussen de remedie van duidelijke genetische aandoeningen aan de ene kant en de verbetering van normale, gezonde kenmerken aan de andere. De wetenschap zal het slechts als een geringe stap beschouwen van bijvoorbeeld ernstige dyslexie - een gengebied dat in 1994 in chromosoom nummer 6 werd gelokaliseerd - naar milde dyslexie, en van daaraf een klein sprongetje naar een ongehinderd leervermogen en ten slotte nog een stapje naar een superieur leervermogen.
 

Edward O. Wilson (°1928).
Amerikaans hoogleraar biologie.

 

De wereldbevolking is bedenkelijk groot en zal nog veel groter worden voordat ergens na 2050 een piek bereikt wordt. De mensheid als geheel boekt vooruitgang op het gebied van productie per hoofd, gezondheid en levensduur. Maar dat gaat wel ten koste van het kapitaal van de aarde, met inbegrip van de natuurlijke hulpbronnen en de biologische diversiteit die miljoenen jaren oud is. Homo sapiens nadert de grenzen van de voedsel- en waterreserves. In tegenstelling tot elke eerdere soort verandert onze soort ook de atmosfeer en het klimaat op aarde. De waterreserves slinken en raken vervuild, de bossen worden kleiner en de woestijnen groter. De zwaarste belasting is rechtstreeks of indirect toe te schrijven aan een handvol geïndustrialiseerde landen. Hun beproefde succesformules voor welvaart worden gretig overgenomen door de rest van de wereld. Die wedijver is niet vol te houden, niet met deze mate van consumptie en vervuiling. Zelfs als die slechts gedeeltelijk slaagt, zal de naschok in het milieu de eraan voorafgaande bevolkingsexplosie in het niet doen zinken.

 
Edward O. Wilson (°1929)
Amerikaans hoogleraar biologie.

 

Wilde soorten scheppen niet alleen een leefbare omgeving voor de mens, maar vormen ook de bron van producten die ons helpen onze levens te verlengen. Niet de geringste van die voorzieningen zijn de farmaceutische middelen. Meer dan 40 procent van alle medicijnen die in de Verenigde Staten worden verkocht, zijn stoffen die oorspronkelijk gewonnen zijn uit planten, dieren, schimmels en micro-organismen. Het meest gebruikte medicijn ter wereld bijvoorbeeld, aspirine, werd ontwikkeld uit salicylzuur, dat werd ontdekt in de bast van een bepaalde soort wilg. Toch is nog maar een fractie van alle soorten - waarschijnlijk minder dan één procent - onderzocht op natuurproducten die als medicijnen zouden kunnen dienen. Er bestaat een dringende behoefte om de speurtocht naar nieuwe antibiotica en anti-malariamiddelen te intensiveren. De stoffen die daarvoor momenteel het meest worden gebruikt, beginnen steeds minder effectief te worden naarmate de ziekteverspreiders een genetische weerstand ertegen opbouwen.

 
Edward O. Wilson (°1928).
Amerikaans hoogleraar biologie.
Een dwaalleer die uit de biologie verwijderd moet worden vooraleer die zich als een met de fysica gelijkwaardige wetenschap kan kwalificeren is de kosmische teleologie. Om van een bepaalde soort de ontwikkeling van bevrucht ei tot volwassen organisme te verklaren, voerde Aristoteles een vierde oorzaak in, nl. de "causa finalis". Op deze oorzaak, die uiteindelijk teleologie genoemd werd, beriep men zich vooral voor de kosmische verschijnselen die tot een doel schijnen te voeren. Een dergelijke kosmische teleologie werd door een school van evolutionisten, de orthogenetici, gebruikt om het geheel van de evolutieverschijnselen te verklaren. In de grond kenmerkte deze opvatting ook de evolutietheorie van Lamarck en ze had, vooraleer de evolutionaire synthese ingang had gevonden, veel aanhangers. Een verklaring voor het optreden van een dergelijk teleologisch principe kon niet gevonden worden, en de verworvenheden van de genetica en de paleontologie namen uiteindelijk elke aanvaarding van de teleologie volledig weg. De bekende Amerikaanse filosoof Willard V. O. Quine zei me eens dat de grootste verdienste van Charles Darwin was dat hij de finale oorzaken van Aristoteles weerlegd had. Hij toonde immers aan dat een ontwikkeling naar een bepaald doel door natuurlijke selectie verklaard kan worden. Schijnbaar doelgerichte verschijnselen vindt men dikwijls in de natuur, en dan vooral in de biologie. Maar nu verklaart men die niet meer op grond van occulte teleologische krachten, maar kan men die nu wel verklaren door wetenschappelijk toegankelijke chemische en fysische factoren.
 
Ernst Mayr (° 1904).
Duits-Amerikaans hoogleraar biologie.



Pas op je 28ste weet je wat je met je leven wilt.
 
Desiderius Erasmus (1469-1536).
Humanist.

 

De jaarlijkse trek van sommige dieren is te vergelijken met de jaarlijkse wintertrek naar Florida [naar Benidorm]van grote zoogdieren in metalen vogels.
 
Stephen J. Gould (1941-2002).
Amerikaans hoogleraar biologie.

 

Men moet de samenleving in dienst stellen van de school en niet de school in dienst van de samenleving.

 
Gaston Bachelard (1884-1962).
Frans filosoof.

 

Wie niet voortdurend leert, is onwaardig om te onderwijzen.
 
Gaston Bachelard (1884-1962).
Frans filosoof.

 

Ik ben altijd verwonderd geweest over het feit dat de leraars wetenschappen, meer nog dan andere leraars, niet begrijpen dat men ze niet begrijpt. Ze hebben niet nagedacht over het feit dat een leerling in de klas aankomt met reeds door ervaring vastgelegde kennis. Voor hem gaat het niet over het verwerven van een cultuur van het experiment, maar om het veranderen van een cultuur, en het omvergooien van hindernissen die opgedaan werden in het dagelijkse leven.
 
Gaston Bachelard (1884-1962).
Frans filosoof.

 

Biologen hebben dikwijls metaforen gebruikt om duidelijk te maken wat de ware aard van de organismen is. Dit overdrachtelijk taalgebruik gebaseerd op vergelijking werd dikwijls geput uit de technologie, wat op het ogenblik het meest in de mode is. Een mier bijvoorbeeld kan aangezien worden als een mechanisch uurwerk met nauwkeurig en fijn afgestelde onderdelen die elk een bepaalde functie bezitten. Vanuit een daaruit volgend perspectief kan de mier beschouwd worden als een element van energietechnologie: een thermodynamisch geheel dat - naar analogie van een stoommachine - door verbranding chemisch gebonden energie verbruikt en daarbij arbeid en warmte ontwikkelt. De dag van vandaag mogen we de mier ook aanzien als een kleine computer met motorische en sensorische organen: ze verwerkt een massa informatie uit de externe omgeving en reageert met talrijke, verschillende antwoorden.

 
Claus Emmeche (°1956).
Deens theoretisch bioloog.

 

Ik betreur het dat zoveel intellectuelen kiezen voor de gemakkelijke weg en zich niet uitspreken over wat er rondom hen gebeurt. Voor mij mag een intellectueel zijn hele leven tussen de bloemen en de plantjes zitten en gedichten over rozen schrijven, maar ik zou mij diep schamen als ik mij niet zou mengen in het maatschappelijke debat.
 

Umberto Eco (° 1932).
Italiaans hoogleraar semiotiek en filosoof.

 

De manier waarop het leven eindigt is niet eerlijk. Ik ben ervan overtuigd dat het leven hard is. Het kost heel wat tijd en energie. En wat krijg je ervoor op het eind? De dood. Wat is dat, een bonus? Ik denk dat de levenscyclus omgekeerd zou moeten verlopen. Je zou eerst moeten doodgaan, ermee gedaan maken en dan zou je moeten leven in een bejaardentehuis. Dan krijg je de bekende gouden horloge en ga je werken. Je zou vervolgens veertig jaar bezig zijn tot je jong genoeg bent om er ten volle van te genieten tot je stopt met werken. Dan geniet je van alcohol en ga je naar fuiven en ben je klaar voor de hogeschool. Na de hogeschool kom je in de middelbare school terecht. Vervolgens word je een kind, je kunt veel spelen, je draagt geen verantwoordelijkheden en je wordt een kleine baby. Je gaat dan terug in de baarmoeder, waar je al zwevend je laatste negen maanden doorbrengt. Dan komt er samen met een orgasme een eind aan. Dàt is hoe het leven zou moeten zijn!!!

 
Diego Rasskin-Gutman.
Spaans theoretisch bioloog.

 

Wij zijn een deel van de aarde en de aarde is een deel van ons. De dieren, de bomen, de mensen, alles heeft deel aan dezelfde lucht. Iedere spar die glanst in de zon, elk zandstrand, elke nevel in de donkere bossen, elke open plek, elke zoemende bij is heilig in de gedachten en de herinnering van mijn volk.
 
Chief Seattle (1786-1866).
Indiaans opperhoofd.

 

Nadenken doen wij uitsluitend wanneer wij worden geconfronteerd met een probleem.
 
John Dewey (1859-1952).
Amerikaans pedagoog.

 

"Homo homini lupus" - "De mens is voor de medemens een wolf."
 
Titus Plautus (c.254-c.184 v.C).
Toneelauteur; in: "Asinaria".

 

Verstandigen leren van anderen,

Middelmatigen leren door schade en schande,
Domoren leren niets, zij weten alles al.
 
Helga Poot.
 

Als echtparen echt paren, hebben echtgenoten echt genoten.
 
Anoniem.
 

Er is geen betere investering voor om het even welke gemeenschap dan melk in baby's te steken.

 
Sir Winston Churchill (1874-1965).
Engels staatsman.

 

"Inter faeces et urinam nascimur." - "We worden geboren tussen uitwerpselen en urine."
 
Heilige Augustinus (354-430).
Katholiek filosoof.

 

Een ieder wordt geboren rijk van zegen, rijk van de liefde niet alleen van zijn ouders, maar ook van al zijn voorgeslacht.

 
Arthur Van Schendel. (1874-1946).
Nederlands auteur.

 

Juffrouw Laps, ik wenste te weten wat gij zijt uit een dierlijk oogpunt.

...
Juffrouw Laps, zei Stoffel plechtig - en er was een gewichtig ogenblik aangebroken in 't avondje van juffrouw Pieterse - juffrouw Laps, je bent een zoogdier.
...
Juffrouw Pieterse, je bent 'n keronje! Je mag zelf 'n zoogdier wezen, jij en je zoon, dat zeg ik je! Ik ben zo fatsoenlijk als jij durft te denken, want m'n vader was in de granen, en nooit heeft iemand zoveel op me te zeggen gehad!
 
Multatuli (1820-1887).
Nederlands auteur; in: "De geschiedenis van Woutertje Pieterse".

 
 
We moeten dringend een debat voeren over de vraag wat we nu eigenlijk willen. Vinden wij, als maatschappij, kinderen belangrijk? En zo ja, hoe zorgen we er dan voor dat die er komen? Nu stevenen we af op een catastrofe. Europa is straks een museum: gemiddeld heeft een Europese vrouw nog maar 1,8 kinderen. Om je bevolking op peil te houden, heb je er 2,3 nodig. In-vitrofertilisatie kan daarbij helpen, maar dat zal het verschil niet maken, hé. Men zou beter iets doen aan het tekort aan kinderopvang, want dat werkt uitstelgedrag in de hand. In Zweden heeft men dat gedaan, en vrouwen krijgen er opnieuw op jongere leeftijd kinderen.
 
Paul Devroey
Hoogleraar reproductieve geneeskunde VU-Brussel.

 

We zien wetenschap niet als "de waarheid zoekende", maar eerder als de constructie van verklarende modellen die betrekking hebben op een toenemende reeks van verschijnselen, m.a.w. modellen die krachtig en sober zijn.
 

Joseph D. Novak.
Amerikaans hoogleraar biologie en biologiedidactiek.

 
 
Elke mens neemt zeker driekwart van zijn jongelingenjeugd mee door het leven.
 
Felix Timmermans (1886-1947).
Vlaams auteur.



De evolutie van het paard: het paradepaard van de evolutie.
 
Anoniem.
 

Een van de fundamentele kenmerken van alle levende organismen is dat ze voorwerpen zijn met een doel of een plan.[...] Hoewel sommige biologen dit idee afwijzen, is het essentieel voor de definitie van levende organismen.

 
Jacques Lucien Monod (1910-1976).
Frans biochemicus. Nobelprijs 1965 voor fysiologie.

 

Het is alleen de theologie, de filosofie of de politiek die de doelen van de wetenschap en van de technologie die door de wetenschap wordt voortgebracht, kan vaststellen en uitspraken kan doen over de vraag of deze doelen goed of slecht zijn. Wetenschappers kunnen helpen om morele regels op te stellen aangaande hun eigen gedrag, maar dat doen zij niet als wetenschappers maar als wetenschappelijk onderlegde leden van een bredere politieke gemeenschap.

 
Francis Fukuyama
Essayist.

 

De belangrijkste bouwmaterialen die in een bacterie gebruikt worden, zijn eiwitten, nucleïnezuren, polysachariden en lipiden. Al deze materialen, die samen ongeveer negentig procent van het droge gewicht van een bacteriecel vormen, bestaan uit grote moleculen die uit minstens honderden, maar soms zelfs miljarden atomen zijn opgebouwd. Van geen van deze moleculen is zelfs maar een spoor gevonden bij een Miller-Urey experiment.

 
Robert Shapiro (° 1935).
Amerikaans hoogleraar chemie.

 

Op het eerste gezicht lijkt de biologie een en al doelgerichtheid. Organismen maken de indruk dat ze met een bepaald doel ontworpen en gebouwd zijn, en functioneren alsof ze bewuste doelen nastreven. Maar het gaat om dat woordje "alsof". Zoals Darwin op briljante wijze heeft aangetoond, is er slechts sprake van een schijnbare doelgerichtheid.

 
Julian Huxley (1887-1975).
Brits dierkundige.

 

Voor een beschrijving van de innerlijke functies van een organisme en zijn reactie op prikkels van buiten af is vaak het woord "doelgericht" nodig, dat in de fysica en de chemie niet voorkomt.

Niels Bohr (1885-1962).
Deens atoomfysicus.

 

Een biologische bijzonderheid van de mens is het unieke karakter van zijn evolutionaire geschiedenis. Sommige schrijvers hebben aan hun speculatieve fantasie de vrije loop gegeven en hebben zich verbeeld dat er andere organismen zijn die begiftigd zijn met de taal en het denken in begrippen: sprekende ratten, redenerende mieren, filosoferende honden en meer van dergelijke zaken. Een grondiger analyse laat zien dat dergelijke fantasieën onmogelijk zijn. Hersenen die geschikt zijn voor het denken in begrippen kunnen alleen hun plaats vinden in het menselijk lichaam.

 
Julian Huxley (1887-1975).
Brits dierkundige.

 

Het is nauwelijks te veel gezegd dat de gehele biologie haar oorsprong vindt in het bestuderen van de vorm. Het fundament waarop het gehele ingewikkelde bouwwerk van de moderne onderzoekingsmethoden berust is de beschrijving van levende wezens, het ontleden ervan in afzonderlijke, gescheiden organen en de vergelijking van verwante typen wat tot de ontdekking van de evolutietheorie heeft geleid. Bij dit alles gaat het in wezen om de vormen die het levende organisme en zijn onderdelen hebben aangenomen.

 
Conrad Hal Waddington (1905-1975).
Brits embryoloog, geneticus en wetenschapsfilosoof.



Stel je het genoom ( de volledige verzameling van menselijke genen ) voor als een boek.

Dat boek heeft 23 hoofdstukken die CHROMOSOMEN heten.
Elk hoofdstuk bevat enkele duizenden verhalen, genoemd GENEN.
Elk verhaal bestaat uit alinea's, de EXONEN, onderbroken door reclameboodschappen die INTRONEN heten.
Elke alinea bestaat uit woorden, de CODONEN.
Elk woord is geschreven in letters, die BASEN genoemd worden.
 
Er staan drie miljard letters en één miljard woorden in het genoom. Dat is meer dan in 5.000 boeken van elk 500 bladzijden of zo'n 800 keer de bijbel. Als ik het genoom zou "voorlezen" met een snelheid van 1 woord per seconde gedurende acht uur per dag, dan zou me dat een eeuw kosten. Als ik het menselijk genoom met 1 letter per millimeter zou uitschrijven, zou mijn tekst even lang worden als de Donau, die bijna 3.000 km lang is. Het genoom is dus een gigantisch document, een immens boek met een recept van een buitensporige omvang. En dat alles past in de microscopisch kleine kern van een kleine cel die makkelijk op de punt van een naald past.
 
Matt White Ridley (° 1958).
Engels zoöloog en wetenschapsjournalist.

 

Zelfs het nederigste organisme is iets veel hogers dan het anorganische stof onder onze voeten. Niemand die zonder vooroordelen een levend schepsel bestudeert, al is het het allernederigste, kan vermijden dat hij onder de indruk raakt van de buitengewone structuur en eigenschappen ervan.

 
Charles Darwin (1809-1882).
Engels bioloog.

 

Onder ecologie verstaan we de totale wetenschap van de betrekkingen van de organismen met de hen omringende buitenwereld, waarbij we in bredere zin ook alle organische en anorganische voorwaarden van bestaan kunnen rekenen.

 
Ernest Haeckel (1834-1919).
Duits bioloog en in 1866 schepper van de term "ecologie".

 

Een afbeelding zegt meer dan duizend woorden.

 
Chinees spreekwoord.
 

Een eicel van de mens heeft de grootte van de punt aan het eind van deze zin.

 
Anoniem.
 
 
De studie van de natuur zou een onmisbaar deel van de vroege opvoeding van elk kind moeten zijn.
 
Michael Sadler (1780-1835).
Brits parlementslid.



Waar zwangerschap bestaat volgt het baren vanzelf, ten gepasten tijde.

 
Willem Elsschot (1882-1960).
Vlaams auteur.



Mieren lijken zo op menselijke wezens dat het ons zelfs verlegen maakt. Ze kweken zwammen, ze houden bladluizen als vee, ze storten legers in oorlog, ze spuiten vloeistoffen om alarm te slaan of om de vijand in verwarring te brengen, ze houden slaven, ze laten zich in met kinderarbeid en ze wisselen voortdurend informatie uit. Eigenlijk doen ze alles, behalve tv-kijken.

 
Lewis Thomas (1913-1993).
Amerikaans arts en bioloog.

 

We zijn als God geweest bij het planmatig kweken van onze gedomesticeerde planten en dieren, maar we zijn als konijnen geweest bij het ongepland kweken van onszelf.

 
Arnold Joseph Toynbee (1889-1975).
Brits historicus.

 

De ene generatie plant de bomen waaronder de volgende rust zal vinden.

 
Chinees spreekwoord.
 

Boompje groot, boerke dood.

 
Vlaams spreekwoord.
 

Niets kan onze gezondheid en het voortbestaan van het leven op aarde zoveel helpen als de evolutie naar een vegetarische levenswijze.

 
Albert Einstein (1879-1955).
Duits-Amerikaans fysicus. Nobelprijs natuurkunde 1921.

 

Enkel een voorbereide geest doet ontdekkingen.

 
Louis Pasteur (1822-1895).
Frans chemicus en bacterioloog.

 

Alleen hij zal meester zijn van zijn onderwerp als hij ook de geschiedenis ervan bestudeerd heeft.

 
Auguste Comte (1798-1857).
Frans filosoof.



Oude theorieën moeten sterven, samen met hun verdedigers.

 
Max Planck (1858-1947).
Duits theoretisch fysicus.

 

Het is niet voldoende een definitie te formuleren, men moet haar ook voorbereiden en verrechtvaardigen.

 
Henri Poincaré (1854-1912).
Frans wiskundige en natuurfilosoof.


Er is geen gevolg zonder oorzaak.

Voltaire (1694-1778).
Frans schrijver.

 

Een onderzoeker ontdekt nieuwe kennis en beleeft daaraan een intellectuele voldoening. Een leerkracht ontdekt niets, hij brengt ontdekte kennis over; hij beleeft een  intellectuele voldoening als hij die ook door steeds nieuwe leerlingen laat beleven. Immers, indien je intellectuele voldoening wil vermenigvuldigen, moet je ze delen.

 
Onbekend.
 

Onderwijzers van Vlaanderen: ik groet je tot in je graf!

 
Hugo Verriest (1840-1922).
Vlaams priester, leraar en schrijver.

 

De geboorte is het begin van de dood.

 
Thomas Fuller (1608-1661).
Engels geestelijke en historicus.

 

Een leerkracht moet niet vele zaken aan de leerlingen onderwijzen, maar ze in staat stellen om te leren.

 
Felix Dupanloup (1802-1878).
Bisschop van Orléans en pedagoog.

 

Er is een tijd van komen en een tijd van gaan en de tijd van gaan zal hoe dan ook komen.

 
Onbekend.
 

Goed onderwijzen is één vierde voorbereiding en drie vierden theater.

 
Gail Godwin (° 1937).
Amerikaans auteur.

 

Onderwijzen is geen kruiken vullen, maar een haard doen branden.

 
Aristophanes (c 445 v.C.-388 v.C.).
Grieks komediedichter.

 

Er is niets zo absurd dat niet door een of andere filosoof gezegd werd.

 
Cicero (106 v.C.- 43 v.C.).
Romeins staatsman en filosoof.

 

Een geest zonder onderwijs kan niet meer vruchten dragen dan een veld, hoe vruchtbaar ook, dat niet bewerkt wordt.

 
Cicero (106 v.C.- 43 v.C.).
Romeins staatsman en filosoof.

 

In Amerika heeft iedereen recht op een universitaire titel, zelfs al is het in de hamburgertechnologie.

 
Clive James (°1939).
Engels journalist, dichter en dramaturg.



Amerika heeft vertrouwen in het onderwijs: een gemiddelde leerkracht verdient in een jaar meer dan een beroepsatleet in een hele week.

 
Evan Esar (1899-1995).
Amerikaans humorist.

 

Als je verliefd bent op een vrouw of een man die 55 kg weegt, ben je verliefd op ongeveer 35 kg water, de mens bestaat toch voor ongeveer 65 % uit water.

 
Onbekend.
 

De zoo: een uitstekende plaats om de gewoonten van menselijke wezens te bestuderen.

 
Evan Esar (1899-1955).
Amerikaans humorist.

 

Hoe vaak heb ik zelf met groote teleurstelling zoo menig Woordenboek uit de hand gelegd, waarin ik eene verklaring zocht van dezen of genen heester of van een of ander kruid, wanneer ik telkens weggezonden werd met het onveranderlijke: zekere welbekende struik, zekere plant.

 
Johan Hendrik van Dale (1828-1872).
Onderwijzer en grondlegger van het Groot Woordenboek der Nederlandse Taal.

 

In de jaren '40 wees een onderzoek in de Amerikaanse openbare scholen uit dat dit de belangrijkste disciplinaire problemen waren: babbelen, op kauwgom knabbelen, lawaai maken, rennen in de gangen, buiten de rij lopen, geen nette kleren dragen en papier niet in de papiermand gooien. In de jaren '80 was de top zeven: drugmisbruik, alcoholmisbruik, zwangerschap, zelfmoord, verkrachting, diefstal en aanranding. Brandstichting, gevechten tussen benden en geslachtsziekten zijn ook niet te onderschatten.

 
Georges F. Will (° 1941).
Vooraanstaand Amerikaans journalist.

 

Hier verloopt altijd alles zoals in Amerika, maar 20 jaar later.

 
Onbekend.
 

Indien men de geneeskunde zou uitoefenen zoals men onderwijst, zou men afwisselend de lever het ene jaar aan de rechter- en het andere jaar aan de linkerkant zoeken.

 
Alfred Kazin (1915-1998).
Amerikaans criticus.

 

Ik leerde nog steeds wanneer ik na 40 jaar mijn laatste klas onderwees.

 
Claude M. Fuess.
Amerikaans geschiedenisleraar.

 

Eén ding zal de computer nooit kunnen: van de apen afstammen.

 
Hugo Brandt Corstius (Piet Grijs; ° 1935).
Nederlands auteur.

 

Er bestaat geen onkruid, alleen planten die op de verkeerde plek staan.

 
Rob Veening.
 

Erfelijkheid: datgene waarin men gelooft wanneer men een intelligent kind heeft.

 
Alfred Charles Kinsey (1894-1956).
Amerikaans seksuoloog.

 

Slechte leraars nemen het kinderen voortdurend kwalijk dat ze nog niet volwassen zijn.

 
Julien de Valckenaere (1898-1958).
Vlaams onderwijsinspecteur en aforist.

 

Wie zich zijn eigen kinderjaren niet duidelijk herinnert is een slechte opvoeder.

 
Marie von Ebner-Eschenbach (1830-1916).
Oostenrijks auteur.

 

Kinderen imiteren hun ouders, studenten hun docenten en de meeste wetenschappers andere wetenschappers.

 
Samuel IJsseling (° 1932).
Nederlands-Vlaams hoogleraar KU Leuven.

 

Anatomische kennis is voor de liefde even noodzakelijk als notenleer voor de muziek.

 
Maurice Chapelan.
Frans journalist en auteur.

 

Hoe meer artsen, hoe meer zieken.


Onbekend.
 

Als je van de natuur houdt, blijf dan in de stad wonen.


Marc Callewaert.
Vlaams criticus.

 

Wetenschap heeft bewijzen zonder enige zekerheid, creationisten hebben zekerheid zonder enig bewijs.

 
Ashley Montague.
Amerikaans antropoloog.

 

De grote tragedie van wetenschap is dat een originele, mooie hypothese aan diggelen wordt geslagen door één lelijk feit.

 
Oliver W. Jones.
Amerikaans geneticus.



De hele natuur is een vervoeging van het werkwoord eten, in de bedrijvende en in de lijdende vorm.


Dean Inge(1860-1954)
Bekend Engels prediker.

 

Opvoeding is dat wat overblijft nadat vergeten is wat werd geleerd.

 
Burrhus Frederic Skinner (1904-1990).
Amerikaans psycholoog.

 

Slechts weinigen sterven van de honger, maar honderdduizenden sterven van het eten.

 
Benjamin Franklin (1706-1790).
Amerikaans staatsman, schrijver en fysicus.

 

We moeten oppassen dat we onze wetenschappers niet met alle zonden van Israël beladen. Ze doen het lang niet zo slecht als het op moraal of ethiek aankomt. Maar je hebt natuurlijk altijd avonturiers en mensen die zwichten onder de commerciële druk. Een debat over hoe ver we willen gaan in de toepassingen van de wetenschap, over welke deuren er geopend worden en welke best gesloten blijven, is onontbeerlijk. Gewone mensen, wetenschappers en politici hebben de plicht om daaraan deel te nemen.

 
Martin Rees (° 1942).
Engels astrofysicus.

 

Wie houdt van de natuur neemt haar verschijnselen waar zoals hij ademt en leeft; uit een aangeboren diepe drang.

 
Marcel Minnaert (1893-1970).
Vlaams-Nederlands astrofysicus.

 

Een leerkracht heeft invloed op de eeuwigheid; hij kan nooit zeggen waar zijn invloed ophoudt.

 
Henry Brooks Adams (1838-1918).
Amerikaans historicus.

 

Als je denkt dat onderwijs veel geld kost, probeer het dan eens met onwetendheid.

 
Derek Bok (° 1930).
Amerikaans onderwijsspecialist.

 

Het enige leven waard te leven, is het onderzochte leven.

 
Socrates (469-399 v.C.).
Grieks filosoof.

 

En om te eindigen:

 
Het citeren: ongeneeslijke kwaal voor al wie meer geheugen heeft dan verstand.
 
Karel Jonckheere (1906-1993).
Vlaams auteur.