|
Internationale
Biologie Olympiade |

Beste
vrienden van over heel de wereld, beste coördinatoren en organisatoren,
beste excellenties,
Als
een gelukkige deelnemer aan de IBO 2001 in België ben ik erg blij dat
ik deze toespraak voor jullie mag houden.
Eerst moet ik iedereen bedanken die mee hielp om deze week onvergetelijk
te maken. Aan de ene kant stelden
de organisatoren een gevarieerd en interessant programma op, met o.m. sight-seeing
over heel België, maar aan de andere kant zijn ook de organisatoren zelf
onvergetelijk…
Afgezien van de biologische testen is de uitwisseling van ideeën en standpunten tussen deelnemers uit verschillende landen en zelfs van verschillende culturen een hoofdreden dat we hier zijn. Deze uitwisseling toonde ons dat er verschillen in opvattingen bestaan, maar die opvattingen mogen niet beoordeeld worden als juist of fout, het zijn enkel verschillende manieren van denken als gevolg van een verschillende levenswijze. Er zijn nog veel andere voorbeelden die dit aantonen en daaruit moeten we leren de mening van onze buren en onze buren zelf te aanvaarden.
Om een gemeenschappelijk
antwoord te vinden op moeilijke wetenschappelijke vragen en om op een gemeenschappelijke
manier samen te leven is het echter niet alleen voldoende om adressen uit
te wisselen maar je moet ook in contact blijven met al die verschillende toekomstige
biologen van over heel de wereld.
Wanneer
ik er aan denk dat in deze zaal heel wat befaamde biologen van de toekomst
aanwezig zijn, dan besef ik welke grote verantwoordelijkheid we allemaal hebben
voor onze toekomst en voor die van onze kinderen. Als bioloog en zelfs als
gelijk welke andere wetenschapper moet je niet alleen weten, je moet ook nadenken
over hoe je je kennis gaat gebruiken. Weet je al op welk gebied je wetenschappelijk
onderzoek gaat doen? Weten jullie
allemaal waar jullie doel binnen de biologie ligt en zijn jullie er zeker
van dat je met je werk een betere wereld gaat maken?
We mogen
niet vergeten dat biologie, als de wetenschap die het nauwst betrokken is
bij ons leven, ook het meest verantwoordelijk is voor de veranderingen in
de natuur op deze planeet.
De manier
waarop de mensheid in de voorbije eeuwen met de natuur omgesprongen is lijkt
me bijna niet te geloven. Hoe
is het mogelijk dat onze soort, als onderdeel van de wereldwijde biosfeer,
zo’n egoïstische levenswijze heeft?
Soms lijkt het wel dat er hoegenaamd geen gevoel is voor de andere
levende wezens.
In de loop
van de voorbije jaren is er een nieuwe ecologische beweging ontstaan binnen
de wetenschap en we zouden er allemaal aan moeten denken om deze natuurbeschermings-maatregelen,
die misschien onze wereld weer in evenwicht kunnen brengen, te volgen.
Ik hoop dat jullie, als wetenschappers, de verantwoordelijkheid die
de mens draagt aanvoelen en dat jullie weten hoe belangrijk het is dat je
je kennis over de natuur doorgeeft aan de andere mensen zodat het gebrek aan
informatiedoorstroming tussen de wetenschap-pers en die andere mensen weggewerkt
wordt.
Dank je
wel om naar mij geluisterd te hebben en ik hoop dat jullie ook nog nadenken
over mijn woorden. Geloof in
een betere wereld maar droom er niet alleen van. Begin nu met er aan te werken.
Dit was de
(in het Engels gehouden) toespraak die Christof Schüepp, een Zwitserse
deelnemer, als laatste hield tijdens de slotceremonie van de 12de Internationale
Biologie Olympiade in Brussel en wat door de organisatoren eigenlijk niet
voorzien was, maar hij wou zo graag.
Een warm applaus brak nadien los.
Maar voor het zover was...
Vermits België
(als enig West-Europees land) in 1990 aan de 1ste Internationale Olympiade
had deelgenomen en van elk deelnemend land verwacht wordt dat daar dan binnen
10 jaar de Internationale Olympiade plaatsgrijpt was 2001 wel de allerlaatste
mogelijkheid.
Op 10 oktober
’98 had de eerste voorbereidende vergadering plaats. Aanwezig waren een aantal collega's van
VOB en PROBIO (onze Waalse zustervereniging) die zich al jaren met de Vlaamse
en Waalse Olympiade bezighouden en waarvan er sommigen al verschillende keren
onze kandidaten naar het buitenland vergezeld hebben. Dat resulteerde in de
stichting (door VOB en PROBIO samen) van de vzw IBO 2001 op 12 december '98.
In BIO 3/1999 berichtten we hierover voor de eerste keer. En vanaf dat ogenblik kon er ‘serieus’ vergaderd
worden, eerst tweemaan-delijks maar nadien maandelijks, telkens op een andere
locatie ergens te lande.
Uiteindelijk
bestond het organiserend comité uit volgende collega's. (* = VOB)
Gérard Cobut: fundraising en PRHugo Vandendries*: fundraising en PRMartine Castiaux: huisvesting en maaltijdenMarleen Van Strydonck*: vervoer en maaltijdenIrène Popoff: wetenschappelijk comitéLouis De Vos: wetenschappelijk comitéFernand Bronders*: wetenschappelijk comitéSylvette Descamps: secretaris (Franstalig)Vic Rasquin*: secretarisEmiel Van Damme*: penningmeesterJeanine Mignolet: verzekeringenMadeleine Demonty: uitstappen in Brussel en WalloniëHerman Snoeck*: uitstappen in Vlaanderen
Af en toe kwam
er dan nog wel eens een andere collega mee brainstormen. De vergaderingen, in een mengelmoes van
Nederlands en Frans, verliepen steeds in een vrolijke, kameraadschappelijke
sfeer.
Wat dit laatste
punt betreft, daar bleek geen enkel probleem. Voor het wetenschappelijk gedeelte kregen we de medewerking
van alle Belgische universiteiten en onze oproep in BIO voor medewerking voor
en tijdens de IBO vond ruime weerklank bij de collega’s. Een grote hulp (achter de schermen) was
ook Yolande Cantraine, de secretaresse
van Louis De Vos aan de U.L.B., die met een lach alle de inschrijvingsformaliteiten
op zich nam en daaruit de noodzakelijke lijsten en formulieren en wat al meer
opstelde.
De laatste
week voor de olympiade was hectisch, alles moest nu in orde komen. Er dienden nog 400 rugzakjes gevuld, snoep-pakketten
klaargemaakt, materiaal verhuisd, fotokopies gemaakt, omslagen gevuld, plakkaten
gemaakt, lijsten opgesteld (waren we nu zeker dat alle deelnemers zich gemeld
hadden?), nog laatste afspraken gemaakt, noodzakelijke dingen die nog steeds niet
in orde waren geregeld… Sommige comitéleden bleven al in Brussel
slapen.
En dan is het
zo ver. Zaterdag 7 juli komen
de eerste delegaties al aan. En
het weer wordt echt Belgisch, met af en toe een bui.
Zondag 8 juli
Alle deelnemers
komen aan. We vangen hen op aan
het station of in Zaventem en brengen hen met de bus ter bestemming.
Maar Henri Groeneveld, een Nederlandse begeleider, komt met de fiets
van Utrecht naar Brussel en onze Belgische deelnemers (Bert Maddens en Johan
Wittock voor Vlaanderen en Pascaline Lauters en Nicolas Ruzicka voor Wallonië) worden door pa en ma gebracht.
Elk deelnemend
land (zie uitslag) stuurt 4 studenten, met een aantal begeleiders.
Enkele landen sturen waarnemers (Mozambique, Cyprus, U.S.A.), met het
vooruitzicht van deelneming aan de IBO volgend jaar.
Uiteindelijk zijn er 151 studenten (een land stuurde er slechts 3)
uit 38 landen, die in Vorst in een schoolinternaat van de Waalse Gemeenschap
ingekwartierd worden. De begeleiders,
waarnemers, organisatoren en een aantal medewerkers slapen in een hotel in
het centrum van Brussel.
Het groepje
studenten van elk land krijgt ook nog een gids toegevoegd, die ofwel hun taal
spreekt ofwel Engels of Russisch. Zij
zullen hun studenten gedurende de hele week begeleiden (behalve tijdens de
proeven natuurlijk) maar omdat het internaat niet groot genoeg is moeten ze
in een hotelletje op een kwartier gaan van het internaat overnachten.
Bij deze gidsen en ook bij de medewerkers zijn veel deelnemers van
vroegere olympiades.
De Thaise delegatie,
die de dag voordien al aangekomen was, zet de eerste stappen om met de binnen
komende groepen te verbroederen: ze nodigen hen bij hen aan tafel uit en het
aan elkaar voorstellen begint. In
de namiddag is deze kennismakingsronde uitgegroeid tot een grote kring jongelui
die zich aan elkaar voorstellen, verhalen doen en liederen zingen.
En er wordt flink wat gelachen.
Daarbij valt op dat velen onder hen behoorlijk Engels kunnen praten,
er zijn slechts een of twee groepen waarvan de deelnemers amper iets verstaan.
Voor het avondmaal
worden de gidsen ‘gebrieft’ over de activiteiten van de volgende
dag. Die briefing gebeurt elke
avond door Marleen, Madeleine en/of Herman en al gauw wordt dat een wisselwerking
van ideeën waarbij de gidsen voorstellen doen om alles nog vlotter te
laten verlopen. Deze 39 gidsen (voor België waren er 2 nodig!) hebben
prachtig werk geleverd: ze vormden een hechte, vrolijke groep die zich ingezet
hebben voor ‘hun’ studenten en zo hebben ze ons land waardig vertegenwoordigd.
Toffe ploeg! Spijtig dat niet
iedereen dat apprecieerde: de gids van de Wit-Russen verloor er de moed bij
omdat die maar zuur bleven kijken en met niets te motiveren waren.
Het eerste
avondmaal in het internaat moet voor een aantal onder hen een cultuurschok
geweest zijn: aan sommige Aziatische studenten moet worden uitgelegd waarvoor
een vork dient, anderen eten uitsluitend met een lepel nadat alles met het
mes fijngesneden is, nog anderen bekijken elk brokje voedsel… En dit is toch geen varkensvlees, en zijn
deze frieten wel in plantaardig vet gebakken?
Wij, begeleiders,
moeten soms op staande voet improviseren om iedereen op z’n gemak te
stellen en daarbij worden we prachtig geholpen door de directie en het personeel
van het internaat. En ondertussen
maar praten, alle talen door elkaar: Engels, Frans, Nederlands, Duits…
Alle medewerkers hebben die week nog nooit zo goed hun ‘vreemde
talen’ kunnen oefenen. Maar
soms doet het wel gek aan als je b.v. de ene waarnemer van Mozambique (een
statige neger) in het Duits moet te woord staan maar zijn compagnon (een Vietnamees)
in het Frans. Onderling spraken
ze hun landstaal.
Maandag 9 juli
In de voormiddag
worden de studentengidsen naar het Congrespaleis gebracht om het scenario
van de openingsplechtigheid in te oefenen. De studenten krijgen een begeleide bustour door Brussel.
Ze zijn vooral onder de indruk van het Europees kwartier en verder
vinden ze dat Brussel mooie gebouwen heeft, veel groen, maar eigenlijk niet
echt de allure van een grote stad. Maar alles is zo anders dan thuis…
De Russen zouden absoluut de Nato-gebouwen willen zien, volgens hen moet dat
iets fantastisch zijn.
Ondertussen
vergaderen de begeleiders met het wetenschappelijk comité in het Rijks-administratief
Centrum en worden de werkwijzen besproken.
Op de middag
treffen alle deelnemers, begeleiders, gidsen, organisatoren en medewerkers
elkaar in het Congrespaleis en na een staande receptie met een jazzmuziekje
volgt een lekker feestmaal. Er
zijn enkele plaatsen te kort en een paar organisatoren eten dan maar in de
keuken. Even lekker!
Dan volgt de
officiële openingsplechtigheid.
Na de obligate toespraken (in het Engels, met Russische simultaanvertaling
die in het begin niet te horen is want de tolk heeft niet op het knopje gedrukt)
worden de deelnemers per land aan het publiek voorgesteld.
Ze komen per vier op het podium, begeleid door onze gids, die de vlag
van hun land draagt. Door een computerfout (!) mag Korea tweemaal
opkomen. Sommige studenten dragen
de nationale klederdracht (Koeweit, China, Kirgizië) of een uniform (Australië,
Singapore) of tonen door een bepaald hoofddeksel hun identiteit (Zwitserland,
Mongolië). (Achteraf merken we dat een van de Russische meisje een uitgebreide
vestiaire heeft meegebracht: voor elke activiteit heeft ze een andere aangepaste
kledij.) De gidsen blijven met
de vlaggen op het podium, de studenten gaan weer zitten.
Dan wordt de olympische eed afgelegd, in het Engels en het Russisch,
eerst door twee leerkrachten-begeleiders, dan door een Ierse student en een
Russische studente in naam van alle deelnemers.
In de namiddag
krijgen de studenten nog een tweede bustoer door Brussel, met een blitzbezoek
aan Mini Europe, en dan is het tijd voor het avondmaal in het internaat.
Ondertussen wordt de eerste nieuwsbrief Ibo-Flash uitgedeeld, die elke dag wordt
samengesteld door Vic samen met 3 jonge redactrices waarbij ook Anne-Sophie
Van Rompuy die als 3de finaliste zo ook de IBO kan meemaken. ’s Avonds hebben de deel-nemers
vrij want de volgende dag begint de praktische proef en misschien willen ze
wel studeren. Ik geloof echter
niet dat daar veel van in huis gekomen is: ofwel speelde de jetlag een rol
ofwel hadden ze te veel lol onder elkaar.
De begeleidende
leerkrachten moeten echter na de ceremonie weer aan het werk: de voorgestelde
experimenten voor de praktische proef dienen besproken en goedgekeurd door
alle aanwezigen (en dat duurt een poos) en dan kunnen ze aan het werk om die
Engelse of Russische teksten te vertalen in de taal van hun leerlingen.
Nadien wordt alles gekopieerd en onder verzegeld omslag gestoken. Onvermijdelijk zijn er problemen met de kopieermachines (Murphy
is nooit ver weg), kopijen en kopieën geraken verloren… De laatste volwassenen liggen rond 4 uur
’s morgens in bed.
Dinsdag 10 juli
De studenten ontbijten al om 6.45 uur want om 8 uur begint het praktisch gedeelte van de olympische proef: in de laboratoria van VUB en ULB zijn ze telkens een uur bezig met de dissectie van een kakkerlak, chromatografie, microscopie en ethologie, alles voorzien van de nodige vragen. De leerkrachten maken een bustoer door Brussel.
’s Middags
krijgen we met z’n allen een erg verzorgde openluchtbarbecue op de campus
van de ULB.
In de namiddag
gaat iedereen mee naar Antwerpen (325 man, 7 bussen). Eerst tussen de buien door een bezoek
aan de Zoo en dan kan ieder groepje, met een stadsplannetje en een aangeduide
wandelroute met uitleg, vrij de stad in.
Om 19 uur treffen we elkaar weer in de 16de eeuwse kelders ‘Pelgrom’
in de oude stad voor een kaas- of vleesschotel. Daarna weer de stad in, afspraak om 22.45
uur op de linkeroever voor de terugkeer. Maar bij de leerkrachten wordt wat gemord, zij zijn moe van
het nachtwerk en daarom laten we twee bussen vroeger vertrekken. We moeten wat wachten op een aantal laatkomers
en op de terugweg slaapt bijna iedereen als een roos.
Woensdag 11 juli
De begeleiders
hebben de hele dag (en een goed stuk van de nacht) nodig om de theoretische
vragen te bespreken, goed te keuren, te vertalen, te kopiëren en onder
omslag te steken. De enen vinden
de vragen véél te gemakkelijk, een schandaal voor een IBO, de
anderen zeggen dan weer dat die vragen veel te moeilijk zijn. Er moet dus heel wat gestemd worden.
Alles in het Engels en het Russisch!
Bij de organisatoren
heerst er grote onrust: een student blijkt de nacht voordien niet in het internaat
aangekomen te zijn. De jongen
spreekt bovendien ternauwernood een vreemde taal. Bij het vertrek uit Antwerpen klopten
de aantallen in de bus. Bij de busmaatschappij antwoordt alleen het automatisch
antwoordapparaat. Gelukkig komt
dan toch van hen de verlossende telefoon: ze vinden in de garage nog een student
slapend in de bus. Die zat achter
in de bus na de uitstap en was aan het internaat niet meer wakker geworden.
We pikken hem op onder-weg naar Brugge, maar vertrekken al te laat
omdat nogal wat studenten niet op tijd aan de bus klaarstaan.
Geleerd door het voorvalletje van de nacht voordien bezorgen we aan
alle gidsen een briefje met de GSM-nummers van Marleen, Madeleine en Herman. In Brugge mogen studenten en gidsen weer
in groepjes (met plannetje en aangeduide wandeling) de stad bezoeken. Een tochtje op de reien wordt ook voorzien
en als ‘middagmaal’ kopen we op z’n Belgisch een pak frieten.
Maar de voorziene tijd blijkt te kort en omdat we om 14 uur een afspraak
hebben in het Zwin moeten we vlug weer verder.
Wanneer na 30 minuten wachten toch nog twee groepen niet opdagen mogen
die de rest van de dag Brugge bekijken (en dat is nu het voordeel van een
GSM) en wij trekken naar Knokke. Gelukkig
schijnt de zon. De geleide wandeling
door het natuurreservaat wordt fel gesmaakt.
Maar dan is er weer een probleem: de studenten blijken te moe te zijn
om nog te voet door de duinen en langs het strand naar Het Zoute te wandelen,
maar ze willen absoluut de zee zien.
Dus maar weer de bus in tot in het centrum. En daar zien heel wat deelnemers voor de eerste keer in hun
leven de zee. Tijd om een wafel
of een ijsje te eten is er ook. Toch
komen er nog een aantal wat te laat aan de afgesproken plaats. Een bus rijdt nog over Brugge om de achterblijvers
op te pikken (enkelen waren al met de trein naar Knokke gekomen).
Het is rustig in de bussen.
’s Avonds
hebben ze vrij om zich voor te bereiden op de theoretische proef van morgen.
De gidsen organiseren een fuifje met elkaar.
Donderdag 12 juli
Om 6.30 uur
wordt er ontbeten, de theoretische proef begint om 7.45 uur op de VUB in Jette.
Daarna is er nog een korte proef, volledig in het Engels, samen met
een vragenlijst, om te trachten uit te maken of het gebruik van deze taal
een invloed heeft op de resultaten. Misschien kan dan later de IBO volledig
in het Engels doorgaan. Sommige
studenten blijken van hun begeleiders richt-lijnen gehad te hebben om niet
aan deze proef deel te nemen. Ondertussen
vergaderen de juryleden (dus alle begeleiders) om de resul-taten van de praktische
proef te bespreken en goed te keuren.
Na een broodjesmaaltijd
vertrekt iedereen (volgens een voordien gedane keuze) ofwel naar Technopolis
(Mechelen), de plantentuin in Meise, het wetenschappelijk avonturenpark Pass
bij Mons of het instituut voor moleculaire biologie en geneeskunde IBMM.
Na het voor-val in Brugge is iedereen op tijd aan de bussen en zo blijft
dat ook de volgende dagen.
’s Avonds
kunnen de studenten en gidsen nog deelnemen aan een voetrally door Brussel
en om 23 uur zien we hen een spontaan een grote vreugderondedans houden op
de Grote Markt. Wij ondertussen
aan de omstanders uitleggen dat hier heel de wereld verbroedert. De pret houdt spijtig genoeg op wanneer
enkele verklede ambulante beroepsgrappenmakers er zich komen mee bemoeien.
Vrijdag 13 juli
Vandaag trekken
we naar Wallonië. De jury-leden
vergaderen nog in de voormiddag om de resultaten van de theoretische proef
te bespreken, maar ze zullen er in de namiddag bij zijn.
Eerst rijden
we naar Luik: twee bussen rijden naar het aquarium en het zoölogisch van de Luikse Universiteit, de beide andere
naar de broeikassen (het observatorium van de plantenwereld). Het (verzorgde) middagmaal gebruiken we
in het studentenrestaurant van Sart Tilman.
In de namiddag
zijn we met z’n 325 samen op de Botrange van waaruit we in groepen van
20-25 man een gegidste wandeling van twee uur doen. Maar de fut schijnt er uit, iedereen is
moe.
Het avondmaal,
een vlotte barbecue, wordt genoten in Sol Crest op de hoogte rond Spa.
In de bus op de weg naar Brussel slaapt bijna iedereen.
Zaterdag 14 juli
De juryleden vergaderen over het toekennen
van de gouden, zilveren en bronzen medailles en de studenten kunnen met hun
gids vrij Brussel in om nog souvenirs te kopen. ’s Middags wordt er in het internaat of het hotel gegeten
en dan dirkt iedereen zich op voor de sluitingsceremonie die doorgaat in het
Jansonauditorium van de ULB. Onze
Russische deelneemster heeft weer een ander feestkleed.
Er worden gelegenheidstoespraken
gehouden door officiële vertegenwoordigers, de ‘yellow T-shirts’
(de organisatoren die een gele T-shirt met IBO-embleem droegen) krijgen een
applaus, Gérard en Hugo krijgen een prachtige das voor hun inzet, Christof
Schüepp spreekt z’n die morgen nog opgestelde rede uit, de medailles
worden uitgereikt en alle delegaties ontvangen hun attesten van deelneming. Iedereen is tevreden (behalve sommigen die naar een medaille
hadden verlangd) en ondertussen is onze beschermheer prins Laurent binnengekomen
en hij overhandigt de zilveren IBO-wisselbeker aan het land dat volgend jaar
de IBO zal inrichten, namelijk Litouwen. Dat wordt allemaal muzikaal omlijst. Dan is het tijd voor een drankje en als
daar alles op is brengt de bus ons naar het KBIN waar we tussen de poten van
de iguanodons of bij de mens van Spy weer flink wat aperitief kunnen krijgen
tot we aan tafel kunnen schuiven voor het sluitingsfeestmaal.
Bij een live-muziekje
genieten we van het lekkers, een Chinese studente blijkt een volleerde pianiste
te zijn en speelt ook enkele klassieke stukjes, er wordt veel gelachen, de
Chinese delegatie houdt toost na toost (met ad fundum) en even later valt
een van hun studenten slapend om op z’n stoel. Alle studenten vertrekken vroeg want ze
hebben nog een fuif georganiseerd in het internaat.
De bussen halen
ons slechts om 23.30 uur op, maar alles is al vroeger op en we gaan buiten
staan wachten. Gelukkig is het
zoel weer en onder leiding van de Tsjechische begeleiders beginnen ze te zingen.
Het klinkt mooi aan de voet van het iguanodonbeeld voor de ingang van
het KBIN.
Zondag 15 juli
Vandaag vertrekken
de delegaties, de eersten al om
4.45 uur. De bus rijdt eerst naar het hotel om de begeleiders op te pikken
en dan naar het internaat.
Als ik aankom
in het internaat gaan de laatste studenten net naar bed na hun fuif.
Ik moet zorgen dat ik alle kamersleutels terugkrijg.
Ook de gidsen
komen aan om afscheid te nemen van hun groep. Adressen worden uitgewisseld, verloren voorwerpen komen weer
terecht, relatiegeschenkjes worden uitgewisseld. Op vastgestelde tijden komt de bus weer een nieuwe lading oppikken.
De Mongolen zijn niet uit bed te krijgen.
Dan een GSM-metje: de Thaise delegatie zit al in een hotel in Parijs
maar een van de studenten heeft z’n rugzak laten staan. Of we die willen zoeken en meegeven met de mensen van Singapore?
Gelukkig straalt de zon en kunnen we buiten wachten tot het tijd is
om te vertrekken.
Na het middagmaal
worden de studenten die nog niet vertrokken zijn naar het hotel van hun begeleiders
gebracht en dan zit onze taak er op.
’t Was
tof, ’t was reuze... maar we zijn doodmoe want organisatoren en medewerkers
hebben deze week wel het minst van allen geslapen, soms maar enkele uren per
nacht.
Maar alles
is goed verlopen (achteraf kwamen er nog bedankjes binnen) en als er al eens
iets niet ging zoals het moest dan hebben onze gasten er toch weinig of niets
van gemerkt. Leve de GSM, bedankt
Marleen, Martine, Hugo en Gérard voor de bergen werk die jullie verzet
hebben, bedankt alle collega’s voor de fantastische samenwerking.
En morgen moet
er nog worden opgeruimd.
Deelnemende
landen (en behaalde medailles): Argentinië (z 2b), Australië (4b), Azerbaidzjan-,
België -, Bulgarije (z b), China (3g), Duitsland (4b), Engeland (2z 2b),
Estland (b), Finland (3b), Ierland -, Indië (g 3z), Indonesië (b),
Iran (g z 2b), Kazakstan (z 2b), Kirgizië (g), Koeweit -, Korea (3g z),
Litouwen (2z b), Mexico (b), Mongolië -, Nederland (3b), Oekraïne
(2z 2b), Polen (g b), Roemenië
(2z), Rusland (3z b), Singapore (2g 2z), Slowakije (2b), Slovenië
-, Taiwan 2g 2z), Thailand (2g z b), Toerkmenistan -, Tsjechië (3b),
Turkije (3b), Vietnam (z 3b), Wit-Rusland (g z 2b), Zweden (b), Zwitserland
-.
De meeste punten
werden behaald door een deelnemer uit Thailand met 174/195 voor de praktische
proef en 180/206 voor de theo-retische proef. De laatste was een Mongoolse deelnemer
met respectievelijk 43/195 en 60/206.
Johan Wittock
werd 112de met 81,5 en 129,5; Bert Maddens (124ste) behaalde 86,5 en 109,5;
Pascaline Lauters (130ste) 79 en 100,5 en Nicolas Ruzicka (138ste) 62,5 en
105,5.
Herman Snoeck
(Antwerpen)