A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

Q

R

S

T

U

V

W

X

Y

Z

 

NEFRON

Niereenheid, bestaande uit een kapseltje van Bowman, een glomerulus en een nierkanaaltje.


De taak van de nefronen (en dus ook de nieren) bestaat uit het in evenwicht houden van de waterbalans en het verwijderen uit het lichaam van stoffen die in bepaalde concentraties schadelijk zouden zijn.

We onderscheiden drie fasen in de vorming van de urine:

1. filtratie:

bloed wordt aangevoerd door aftakkingen van de nierslagader, die uitmonden in een kluwen van haarvaten: de glomerulus. Door de bloeddruk wordt het grootste deel van het bloed door de wand van de haarvaten geperst en opgevangen in het kapseltje van Bowman, een kapseltje rond de glomerulus. Een deel van het bloed waaronder bloedcellen en grote moleculen worden tegengehouden. Deze vloeistof komt terecht in een netwerk van haarvaten rond het nierkanaaltje.

2. reabsorptie:

de vloeistof die werd opgevangen in het kapseltje van Bowman wordt afgevoerd naar het nierkanaaltje. In het eerste deel wordt het grootste deel van het water en de zouten, alsook zeer veel van de organische stoffen terug opgenomen in het bloed.
Het dalend been van de lus van Henle is doorlatend voor water, maar laat absoluut geen zouten door. Hierdoor neemt de osmotische waarde van de vloeistof in het nierkanaaltje sterk toe.
Het stijgend been van de lus van Henle laat dan weer geen water door maar pompt via actief transport natriumionen uit de vloeistof. Hierdoor daalt de osmotische waarde weer en de vloeistof wordt hypotonisch t.o.v. de bloedvloeistof in de haarvaten.
In het laatste deel van het nierkanaaltje worden nog een reeks stoffen gereabsorbeerd door actief transport.

3. secretie:

de vloeistof die het nierkanaaltje verlaat is de eigenlijke urine, die wordt opgevangen in een verzamelkanaaltje dat de urine dan verder afvoert.

 

Samenstelling van het plasma, het filtraat en urine in g/100ml. Noteer dat deze waarden kunnen schommelen naargelang de voeding.
Component Plasma Filtraat Urine Concentratie % reabsorptie
Ureum 0.030.031.860X50%
Urinezuur 0.0040.0040.0512X91%
Glucose 0.100.10 Geen-100%
Aminozuren 0.050.05 Geen-100%
Totaal anorganische zouten 0.90.9 <0.9 —> 3.6 <1 —> 4X 99.5%
Proteïnen en andere macromoleculen 8.0 Geen Geen--
 

 


 

[HOME] [CONTACT]