ACTIEVE
IMMUNISATIE
Wanneer een lichaamsvreemde stof of micro-organisme in het lichaam komt, treedt ons immuunsysteem in werking. B-lymfocyten produceren specifieke antistoffen tegen het vreemde antigen en T-lymfocyten worden gemobiliseerd om de vreemde indringer te immobiliseren of te vernietigen.
Bij actieve immunisatie wordt het vreemde antigen in een inactieve of verzwakte vorm via een vaccinatie in het lichaam gebracht, waardoor de immunologische respons optreedt. Wanneer de persoon dan later in contact komt met het bewuste antigen, wordt dit ogenblikkelijk als dusdanig herkend en vernietigd.
In sommige gevallen is de opgewekte immunisatie maar tijdelijk en moet men na verloop van tijd een nieuwe vaccinatie toedienen (vb. in het geval van tetanos).
 |
Vreemd antigen wordt in inoffensieve of in verzwakte vorm ingespoten (vaccinatie) |
| |
|
 |
Witte bloedcellen reageren op de aanwezigheid van het vreemde antigen |
| |
|
 |
Het vreemde antigen wordt door bepaalde B-lymfocyten herkend |
| |
|
 |
M.b.v. T-lymfocyten ondergaan de B-lymfocyten een verandering. Ze beginnen massaal te delen en produceren grote hoeveelheden antistoffen tegen de vreemde indringer. |
| |
|
[HOME]
[CONTACT]
|