A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

Q

R

S

T

U

V

W

X

Y

Z

 

ABORTUS

Van het Latijn aboriri ="verdwijnen"

Abortus is een ontijdige geboorte; deze kan spontaan optreden (spontane abortus of miskraam) of veroorzaakt worden (abortus provocatus).

Spontane abortus of miskraam

Een miskraam is het verlies van een niet-levensvatbare vrucht. Een miskraam in de eerste twee tot vier maanden van de zwangerschap noemt men een vroege miskraam.
Een van de eerste verschijnselen is dikwijls vaginaal bloedverlies. Men spreekt dan van een dreigende miskraam. Slechts in de helft van de situaties treedt werkelijk een miskraam op; in de overige gevallen heeft het bloedverlies een andere oorzaak. Hierop gaan we verderop in .
We spreken van een late miskraam of doodgeboorte als de zwangerschap verkeerd afloopt na de vierde maand maar vóór de levensvatbare periode. Dit komt veel minder vaak voor.

Oorzaak van een miskraam

De oorzaak van een vroege miskraam is bijna altijd een aanlegstoornis. Het vruchtje is niet in orde, en de natuur vindt als het ware een logische oplossing: het groeit niet verder en het lichaam stoot het af.
Een zwangerschap bestaat uit een vruchtzak en een embryo. Het embryo ontwikkelt zich bij een normale zwangerschap tot een kind. Bij een miskraam is vaak alleen de vruchtzak aangelegd, zonder embryo. Het soms gebruikte woord "windei" is feitelijk onjuist: er is wel degelijk een embryo in aanleg,maar heel vroeg is er iets misgegaan. Het embryo komt dan niet tot ontwikkeling of groeit niet verder door een gestoorde aanleg.

De oorzaak is meestal een chromosoomafwijking die bij de bevruchting is ontstaan. In de regel gaat het hier niet om erfelijke afwijkingen, zodat er geen gevolgen zijn voor een volgende zwangerschap.
Een eerste miskraam is geen reden voor nader onderzoek; dat adviseren artsen pas na meerdere miskramen. Ook dan levert onderzoek bij het overgrote deel van de vrouwen slechts zelden een duidelijke verklaring voor de miskramen op.

Kans op een miskraam

Vroege miskramen komen betrekkelijk vaak voor: bij tenminste één op de tien zwangerschappen is er sprake van. Dit betekent dat in België jaarlijks 20.000 vrouwen een miskraam meemaken. Naar schatting krijgt een kwart van alle vrouwen ooit met dit probleem te maken.
De kans op een miskraam neemt toe met de leeftijd. Voor vrouwen beneden de vijfendertig jaar is de kans dat een zwangerschap in een miskraam eindigt, ongeveer 1 op 10. Tussen de vijfendertig en veertig jaar eindigt 1 op de 5 tot 6 zwangerschappen in een miskraam, en tussen de veertig en vijfenveertig jaar 1 op 3. Boven de vijfenveertig jaar is dit voor de helft van de zwangerschappen het geval.
Vrouwen die eenmaal een miskraam hebben meegemaakt, hebben mogelijk een licht verhoogde kans op een nieuwe miskraam de volgende keer, maar nog steeds is de kans dat een zwangerschap wel goed afloopt, het grootst.

Verschijnselen bij een dreigende miskraam

Zwangerschapsverschijnselen zoals gespannen borsten en ochtendmisselijkheid nemen soms af vlak voor een miskraam. Vaginaal bloedverlies en soms wat menstruatie-achtige pijn bij een jonge zwangerschap kunnen het eerste teken zijn van een dreigende miskraam. Bij de helft van de vrouwen met bloedverlies of wat buikpijn is er gelukkig niets mis en verloopt de zwangerschap verder ongestoord. Ook hoeft u niet bang te zijn voor aangeboren afwijkingen of andere complicaties.

Andere oorzaken van bloedverlies tijdens het begin van de zwangerschap

  • Bloedverlies in het begin van de zwangerschap duidt niet altijd op een miskraam. Zo kan er een afwijking zijn van de baarmoedermond, bijvoorbeeld een poliep of een ontsteking, waardoor de baarmoedermond gemakkelijk bloedt. Bloedverlies komt dan vooral voor na gemeenschap of na (harde) ontlasting.
  • Een veel minder vaak voorkomende oorzaak van bloedverlies is een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. De zwangerschap is dan niet in, maar buiten de baarmoeder ingenesteld, meestal in de eileider. De medische term voor een buitenbaarmoederlijke zwangerschap is extra-uteriene graviditeit, vaak afgekort als EUG. De kans op een EUG is verhoogd na een eileiderontsteking of een operatie aan de eileiders.

Ook een zwangerschap bij een nog aanwezig spiraaltje of na een sterilisatie kan buitenbaarmoederlijk zijn. Bij een buitenbaarmoederlijke zwangerschap treedt nogal eens vrij hevige buikpijn op.

Vrij zeldzame oorzaken van bloedverlies vroeg in de zwangerschap zijn het afsterven van een tweede vruchtje van een tweeling en een bloeding in de baarmoeder naast het vruchtzakje.
Als na onderzoek de oorzaak van het bloedverlies onduidelijk blijft, spreekt men van een innestelingsbloeding: een bloeding die ontstaat door ingroei van de zwangerschap in de wand van de baarmoeder.

Welk onderzoek is mogelijk?

Bij bloedverlies vroeg in de zwangerschap onderzoekt de arts of verloskundige vaak met behulp van een spreider (speculum) de baarmoedermond. Ook een inwendig (vaginaal) onderzoek is mogelijk: via de vagina worden baarmoeder en eierstokken afgetast.Echoscopisch onderzoek kan duidelijk maken of de zwangerschap nog intact is. Geluidsgolven geven een afbeelding van de zwangere baarmoeder. Meestal is te zien of het hartje klopt. De kans op een miskraam is dan zeer klein, maar niet uitgesloten. Een lege vruchtzak of een niet-levend embryo zonder hartactie zijn met echoscopie betrouwbaar te zien. Bent u minder dan twee weken over tijd,dan geeft het onderzoek soms nog geen duidelijkheid; herhaling één tot twee weken later maakt dan wel duidelijk of het hartje klopt.
Bedenk dat echoscopisch onderzoek niets verandert aan de uitkomst van de zwangerschap. Een miskraam is een veel voorkomend en ook natuurlijk verschijnsel. Huisartsen en verloskundigen nemen daarom over het algemeen een afwachtende houding aan. Als het mis gaat, wordt dat vanzelf duidelijk. Medisch onderzoek en behandeling lijken wel een bepaalde zekerheid te bieden, maar doen dat niet altijd.

Wat te doen als een miskraam is vastgesteld?

Omdat een aanlegstoornis van de zwangerschap of het afsterven van de vrucht de oorzaak is van een miskraam, is behandeling nooit mogelijk. Medicijnen of maatregelen zoals bedrust of stoppen met werken zijn dan ook zinloos.
Hoewel een behandeling ontbreekt, bestaat er wel een keuze tussen twee manieren waarop de miskraam kan plaatsvinden:
- afwachten tot de miskraam spontaan optreedt
- curettage: een ingreep waarbij de gynaecoloog het zwangerschapsweefsel via de vagina en de baarmoederhals verwijdert

Anti-D-immunoglobuline

Soms adviseren artsen om na een miskraam anti-D-immunoglobuline (anti-D) toe te dienen aan vrouwen met een resusnegatief bloedgroep. Op deze manier is het mogelijk het ontstaan van resusantistoffen te voorkomen. Deze antistoffen kunnen in een volgende zwangerschap problemen veroorzaken.
Bij een spontane miskraam voor 10 weken is het geven van nti-D niet nodig. Ook als bij echoscopisch onderzoek blijkt dat er geen vruchtje is aangelegd, of dat het vruchtje in een zeer vroeg stadium is afgestorven, ziet men soms af van het geven van anti-D. Men neemt dan aan dat er geen kans is op de vorming van antistoffen.

Bron: Gezondheid.be

 

Abortus provocatus

of (vrucht)afdrijving, het opzettelijk afbreken van de zwangerschap op een moment dat het embryo (of de vrucht) nog niet buiten het lichaam van de moeder in leven kan blijven.

Indicatie

In veel landen is abortus verricht door een medicus (abortus provocatus medicinalis) op een aantal enigszins uiteenlopende voorwaarden toegestaan. Meestal is de reden voor een abortus het ongewenst zwanger zijn van de vrouw. Bij een gewenste zwangerschap kan een door vruchtwateronderzoek of vlokkentest aangetoonde afwijking van het kind een reden zijn. Gevaar voor het leven of de gezondheid van de moeder is slechts bij uitzondering een reden de zwangerschap te beëindigen.

Doordat een abortus eenvoudiger uitvoerbaar is naarmate de zwangerschap korter bestaat, is het voor een vrouw die eenmaal tot een abortus besloten heeft, belangrijk zich zo snel mogelijk tot haar huisarts of tot een hulporganisatie te wenden.

Methoden

De volgende methoden worden toegepast:

  • Is de vrouw nog maar kort `over tijd' (tot 16 dagen), dan kan er een eenvoudige zuigcurettage worden verricht, waarbij de baarmoeder via een door de baarmoederhals ingebracht buisje wordt leeggezogen (overtijdbehandeling).

  • Bij een langer bestaande zwangerschap, maar nog voor de 12de tot 14de zwangerschapsweek (gerekend vanaf de eerste dag van de laatste menstruatie) wordt er ook een zuigcurettage toegepast. Omdat hierbij vaak de baarmoederhals wordt opgerekt, gebeurt deze circa 15 minuten durende ingreep soms onder narcose. De vrouw kan meestal dezelfde dag nog naar huis. Heel vaak wordt de ingreep poliklinisch uitgevoerd onder plaatselijke verdoving. In dat geval kan de vrouw na een paar uur naar huis.

  • De abortuspil bevat een antiprogesteron, een stof die het zwangerschapshormoon wegneemt en in 83% van de gevallen een `spontane' abortus veroorzaakt. Gecombineerd met een lage dosis prostaglandines wordt het percentage verhoogd tot 96%. Bij mislukking dient zuigcurettage verricht te worden.

  • Na de 12de zwangerschapsweek (bij een vrouw die nog geen kind heeft gehad) of de 14de week (bij een vrouw die wel eerder gebaard heeft) is een instrumentele ontlediging van de baarmoeder door middel van (zuig)curettage niet meer mogelijk, doordat de foetus dan al te groot is. In die gevallen kan men nog een abortus opwekken door een bepaald hormoon ( prostaglandine ) of een zoutoplossing in de baarmoeder (binnen de vruchtvliezen) te brengen. Ook is het tot 16 weken mogelijk de vrucht in delen via de vagina te verwijderen ( embryotomie ; methode van Finks). Als dit (bij grote uitzondering) niet mogelijk is, moet de zwangerschapsonderbreking door middel van een kleine keizersnede plaatsvinden.


Complicaties

Hoewel een abortus provocatus medicinalis, mits door een zeer ervaren medicus uitgevoerd, geen al te grote gevaren met zich brengt, bestaat er toch altijd kans op complicaties, bijvoorbeeld infectie, bloedingen, perforatie van de baarmoeder, of bloedstollingsstoornissen. Het meest voorkomende verschijnsel na een abortus is een paar dagen sterker dan normaal vloeien. Gebruik van maandverband is dan meestal voldoende.

Bron: KiesBeter

[HOME] [CONTACT]