Juli 2004

INHOUD

 

 

Verslag algemene vergadering 8 mei 2004


VOB hield dit jaar de jaarvergadering in het Pass, een oude steenkoolmijnsite.

Als naar gewoonte werd begonnen met een terugblik op het voorbije werkingsjaar (april 2003 - maart 2004).
Aangezien secretaris Vic Rasquin nog met de EUSO-kandidaten uit Nederland moest terugkomen gaf aftredend voorzitter Marleen Van Strydonck een overzicht van datgene waarvoor VOB zich in 2003 heeft ingezet.


Penningmeester Miel Van Damme liet dan volgende saldibalans goedkeuren.

Rubrieken Debet Credit
Bankrekening
2 336,06
Spaarrekeningen
2892,64
 
28 105,96
 
14 047,12
 
10 000,00
Finaciële opbrengsten
416,10
Verenigingsopbrengsten
1416,94
Lidgelden
14 087,73
VBO-IBO
1435,20
ZOO-abonnementen
15,00
Activiteiten
10 533,40
Administratie
714,22
Verenigingsonkosten
2208,59
BIO
2517,75
Jaarboek
2 175,39
Bestuursvergaderingen
721,28
Vorig dienstjaar
400,27
Kapitaal
41 115,31
 
67 569,48
67 569,48


Verkiezing raad van bestuur

Volgende kandidaturen kwamen binnen.
Ondervoorzitter: Marleen Van Strydonck.
Penningmeester: Emiel Van Damme.
Secretaris: Vic Rasquin.
Deze kandidaten worden met handgeklap ver- of herkozen.

Aangezien er zich niemand spontaan voor het voorzitterschap had opgegeven, stelde aftredend ondervoorzitter Michel Asperges voor om deze taak tijdelijk waarnemend te vervullen terwijl hij en Marleen met enkele leden contact zouden opnemen (Sedertdien hebben Marleen en Michel collega Ignace Nerinckx warm kunnen maken om de komende drie jaar de functie van voorzitter van VOB te vervullen. Ignace geeft les in het Mechelse en is ook verbonden aan de lerarenopleiding biologie van de K.U. Leuven. Hij is ook medeauteur van biologiehandboeken voor het secundair onderwijs.)

Na de middagboterhammetjes konden we o.l.v. een competente Nederlandstalige gids ervaren dat het Pass de mogelijkheid biedt voor een hele dag 'wetenschappelijk werk' die het beste rendeert wanneer je zelf die dag eerst ter plaatse gaat voorbereiden. Op vertoon van je lidmaatschapskaart heb je trouwens gratis toegang!
Optimaal wordt het wanneer je klasgroep niet te groot is (maximaal 20) en je kunt samenwerken met je collega's Frans of Engels. Niet alle opschriften en teksten zijn ook in het Nederlands en je zou zelfs een oefening 'fouten opsporen in de Nederlandstalige en Engelstalige teksten' kunnen inlassen. Er werd ons echter verzekerd dat hieraan gewerkt wordt.
Je bereikt het Pass met de wagen langs snelweg E19 Brussel-Parijs, afrit Frameries - Le Pass (net voorbij Mons). Voordien staat het Pass echter al duidelijk aangeduid. Reken 1 tot 1,30 uur om er te geraken met een autocar.

Volgende onderwerpen kun je uitwerken.
- De steenkoolmijn (o.m. met de lift of langs de trap tot boven in het kabelrad met een fantastisch uitzicht).
- Genetica (genen, DNA, klonen, GGO's, chromosomen, …)
- Allerlei experimenten i.v.m. waarnemen en redeneren.
- Het menselijk lichaam.
- Een interactief spektakel rond IVF (vanaf 16 jaar).
- Geld.
- Verschillende observatoria (het weer, tandwielen en hefbomen, fauna en flora van een vijver, aërodynamica…)
- De natuur op een begroeide terril, te ontdekken met de Visiopass, een zakcomputer die verbonden is met een GPS. Er is een natuurparcours en een avonturenparcours. Goede stapschoenen, aangepaste kledij en wat drinkwater meenemen.

Het Pass heeft ook zelf werkbladen en er zijn enkele workshops (het weer, de televisiestudio, robotjes maken) die 1,30 uur duren (maximum 16 personen).
Er is een vergaderzaal, een picknicklokaal, een cafetaria en een restaurant.
Gesloten op maandag. Openingsuren 9 - 17 uur (10 - 18 uur tijdens het weekeinde).
Schoolgroepen betalen € 6 per persoon, vanaf 20 personen 1 begeleider gratis per 15 betalende personen. Een workshop kost € 38 per groep.

Meer informatie op www.pass.be. Reserveren verplicht op info&resa@pass.be of 070/22 22 52, fax 065/61 19 99.

Herman Snoeck (Antwerpen)


EUSO - Groningen 2004

Zie verslag elders op deze site.



De meerwaarde van de biologielessen


Het is niet ongewoon dat in een school nogal oppervlakkig de verschillende schoolvakken ook verschillend getaxeerd worden. Er zijn dan vakken die als "hoger" bestempeld worden en vakken die bij de categorie "lager" geplaatst worden. Het vak wiskunde staat op één van de hoogste trappen van de schaal: "streng", "methodisch", "ernstig", "moeilijk", "breed toepasbaar", "onmisbaar voor andere vakken", "meetbare resultaten", enz. Daartegenover staat dan bijvoorbeeld hetvak lichamelijke opvoeding heel wat lager, want het is "maar" een vak van "armen en benen". Men vergist zich daar schromelijk, want "een gezonde geest in een gezond lichaam" blijft een wens die ook nu meer dan ooit zijn waarde moet behouden.

Op de schaal van "de waarde van de vakken" zouden de biologieleerkrachten natuurlijk ook het vak dat zij onderwijzen kunnen plaatsen. Welnu, het zou niet moeilijk zijn om op een chauvinistische manier het vak biologie te verheffen tot één van de belangrijkste vakken in het secundair onderwijs. Immers, in de biologielessen leren de leerlingen hoe het lichaam, waarmee ze tientallen jaren zullen moeten leven, werkt en ze leren ook hoe de levende wereld het met de levenloze wereld rondom zich moet doen en omgekeerd. We gaan hier niet in op die onterechte, chauvinistische weg. Maar we willen wel eens uitdrukkelijk wijzen op een aspect van het biologieonderwijs dat onbetwistbaar een meerwaarde aan het onderwijsvak biologie kan geven.

Wanneer we de berichtgeving in televisie, radio, dagbladen en tijdschriften volgen, valt het op hoe onzorgvuldig veel woorden gebruikt worden. "Omzwachtelde taal" komt heel veel voor. Men zwemt in dubbelzinnigheden en men hoedt er zich voor om een nauwkeurig omschreven betekenis aan de woorden te geven. Niet de inhoud telt, maar hoe de woorden overkomen en wat de beeldvorming of perceptie zou kunnen zijn. Enkele voorbeelden: wie kan er nog een scherp onderscheid maken tussen wat "links" en "rechts" is, wie kent nog het verschil tussen "progressief" en "conservatief", wie kan in de vreemdelingenproblematiek nog bepalen wat "aanpassing" en "integratie" precies zijn? Heel recent is men er in allerlei geschriften in geslaagd om niet duidelijk te maken wat het verschil is tussen een "sluier" en een "hoofddoek". Is dat nu hetzelfde? Is iemand "gesluierd" als hij een hoofddoek draagt? Nu willen we hier niet de politieke toer opgaan, maar wel aantonen hoe biologieleerkrachten jonge leerlingen kunnen helpen om te leren inzien dat lessen wetenschappen en wetenschapsbeoefening precies erop gericht zijn om te leren omgaan met begrippen die scherp gedefinieerd zijn. Want biologie onderwijzen kan veel meer zijn dan alleen het overdragen van kennis over de "bloemetjes en de bijtjes". Het biologieonderwijs kan een heel grote meerwaarde krijgen, als de biologieleerkrachten in hun lessen uitleggen dat het beoefenen van de wetenschap in de biologielessen onder meer inhoudt dat leerlingen ook leren wat een definitie van een begrip is, hoe men definities opstelt en kan formuleren en hoe nauwkeurige definities helpen om vruchtbaar met elkaar te communiceren. Dit kan reeds van in het eerste jaar van het secundair onderwijs. Het verbaast ons steeds dat in sommige leerboeken voor de eerste graad secundair onderwijs hele reeksen van plantenmorfologische termen staan die nooit meer in de biologielessen gebruikt zullen worden. Wat bezielt die auteurs toch? Gewoon "etaleren" van biologische termen leidt niet tot goed biologieonderwijs. De tijd besteed aan het volkomen nutteloos onderwijzen van biologische terminologie, zou toch veel beter gebruikt kunnen worden voor het leren definiëren en het toe-passen van definities van sleutelbegrippen uit de biologie! De leerlingen kunnen daarmee een vaardigheid leren die ze én in hun verdere studies én in heel hun leven goed zullen kunnen gebruiken.

We geven hierbij een lestekst over de bouw van de bloem van een zaadplant. Het is een biologieles waar de vaardigheid van het opstellen van definities geoefend kan worden en die zou passen in het eerste leerjaar van de eerste graad secundair onderwijs. In vroegere lessen werd reeds ingegaan op de grote delen van een zaadplant, nu komt heel in het bijzonder de bouw van de bloem aan de orde.

DE BLOEM VAN EEN ZAADPLANT

1 De delen van een zaadplant

Per definitie is een zaadplant een plant die bloemen draagt en zich voortplant met zaden. Uit een zaad kan een nieuwe plant ontstaan
Een zaadplant bezit drie hoofddelen: wortel, stengel en blad.
Een bloem is geen hoofddeel van een zaadplant. Ze wordt door de plantkundigen beschouwd als een stengel met omgevormde bladeren die heel dicht bij mekaar zitten en een heel bijzondere functie hebben.
De kelkbladeren beschermen de bloem als ze nog in knop is, de gekleurde kroonbladeren trekken insecten aan, de meeldraden zijn mannelijke voortplantingsorganen die stuifmeelkorrels met zaadcellen vormen en de stampers zijn vrouwelijke voortplantingsorganen die zaadbeginsels met eicellen vormen.
Elk deel van een zaadplant dat meeldraden én stampers of alleen meeldraden of enkel stampers bevat is een bloem.
We onthouden:
een bloem van een zaadplant is het plantendeel dat de voortplantingsorganen bevat.

2 De delen van een bloem
Aan de hand van echte bloemen of van een model van een bloem kunnen we de verschillende onderdelen definiëren.

Een kelkblad is……………………………………….dat ………………………………..
Een kroonblad is………………………………………. dat ………………………………..

Een meeldraad is………………………………………. dat ………………………………..
Een stamper is………………………………………. dat ………………………………..

3 De voortplantingsorganen
Een meeldraad is een mannelijk voortplantingsorgaan dat stuifmeelkorrels vormt. Elke stuifmeelkorrel bevat een zaadcel.
Een meeldraad bestaat uit twee delen die als volgt gedefinieerd worden.

De helmknop is………………………………………. waarin ……………………………
De helmdraad is………………………………………. waarop …………………………..

Elke stuifmeelkorrel bevat ……………………………………

Een stamper is een vrouwelijk voortplantingsorgaan dat zaadbeginsels vormt. Elke zaadcel bevat een eicel.
Een stamper bestaat uit drie delen die als volgt gedefinieerd worden.

De stempel is………………………………………. dat ………………………………..
De stijl is ………………………………………. dat ………………………………..
Het vruchtbeginsel is……………………………………….waarin ……………………………

Elk zaadbeginsel bevat ………………………………………..

4 Eén- en tweeslachtige bloemen
De meeste zaadplanten dragen bloemen die zowel meeldraden als stampers bevatten. Een dergelijke bloem wordt een tweeslachtige bloem genoemd: de twee geslachten zijn in één bloem verenigd.
Bij sommige zaadplanten komen eenslachtige bloemen voor, dit zijn bloemen die ofwel enkel meeldraden bezitten, het zijn mannelijke bloemen, ofwel enkel één of meer stampers, het zijn vrouwelijke bloemen.

Definieer!

Een tweeslachtige bloem is ………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………
Een eenslachtige bloem is …………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

5 Eén- en tweehuizige planten
Bij planten met eenslachtige bloemen zijn er nu twee mogelijkheden:

1 Ofwel dragen alle planten van die bepaalde plantensoort zowel mannelijke als vrouwelijke bloemen. Zo'n plant wordt een eenhuizige plant genoemd. Enkele voorbeelden: de hazelaar, de els, de berk, de beuk, de den, de maïs.

2 Ofwel dragen sommige planten van die bepaalde plantensoort enkel mannelijke bloemen en andere planten van dezelfde plantensoort enkel vrouwelijke bloemen. Zo'n plant wordt een tweehuizige plant genoemd ("mannelijke bloemen in één huis en vrouwelijke bloemen in een ander huis"). Enkele voorbeelden: de wilg, de populier, het tuinbingelkruid, de grote brandnetel. Bij die planten is de ene plant mannelijk en de andere vrouwelijk.

Definieer!

Een eenhuizige plant is …………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………
Een tweehuizige plant is ………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………
De termen "eenhuizig en tweehuizig" worden alleen gebruikt voor planten met eenslachtige bloemen.

Toelichtingen voor de leerkracht

Benodigdheden voor de les
. Een model van een bloem van een kruisbloemige plant, per leerlingenpaar een kruisbloemige plant met grote bloemen (bijvoorbeeld zandkool, raapzaad, koolzaad, muurbloem, herik) of een andere plant met bloemen met duidelijk herkenbare bloemdelen (bijvoorbeeld petunia, pelargonium, boter-bloem, stinkende gouwe, haagwinde, vlasleeuwenbek, kaasjeskruid, gevulde roos, e.a.); een eenhuizige plant (maïsplant); een tweehuizige plant (tuinbingelkruid); herbariummateriaal van één- en tweehuizige planten.

Oriëntatie. Op de nauwkeurige definitie van het begrip bloem moet de nadruk gelegd worden omdat die ongetwijfeld in één van de volgende lessen gebruikt zal moeten worden om vast te stellen dat de zogenaamde bloem van de samengesteldbloemige planten eigenlijk een verzameling van bloemen is. Elke buis- en lint-bloem van een bloemkorfje bezit voortplantingsorganen en is dus een afzonderlijke bloem.
Bij de definitie van de termen "eenhuizige plant" en "tweehuizige plant" is het bijna onmisbaar om het begrip "plantensoort" in te voeren. Strikt genomen slaan de termen "eenhuizig" en "tweehuizig" op de verzameling van alle plantenindividuen die tot een zelfde soort behoren en dus op het begrip soort. Het lijkt ons niet wenselijk de term plantensoort voor jonge leerlingen uitvoerig te omschrijven; van hen wordt er verwacht dat ze een voorwetenschappelijk, intuïtief begrip hebben van wat een soort is. Dit heeft tot gevolg dat de definities van de begrippen "eenhuizige plant" en "tweehuizige plant" niet volledig uitgediept kunnen worden.
Een bloeiende maïsplant is wellicht het beste voorbeeld van een eenhuizige plant. In september bloeit deze plant nog als de studie van de zaadplanten aangevat wordt. Men kan dan de helmknoppen die buiten de mannelijke bloemen zitten en de pluimvormige stempels laten zien. Hierbij is het aangewezen om het begrip "windbloeier" in te voeren.

Als concreet voorbeeld van een tweehuizige plant is het tuinbingelkruid (Mercurialis annua) goed geschikt. Deze planten groeien meestal in groepjes in moestuinen en aan akker- en wegranden.

Tuinbingelkruid

Ze verkiezen een matig droge, losse, voedselrijke bodem. Gewoonlijk treffen we ze elk jaar op hetzelfde plekje aan. Bij de vrouwelijke planten zijn de vruchten meestal goed zichtbaar. Er kan ook gewezen worden op de windbestuiving die bij deze planten optreedt. De bloemen bezitten evenwel drie groenachtige bloemdekbladeren in plaats van kelk- en kroonbladeren.


Invulling
Een kelkblad is een deel van een bloem dat bladachtig is en groen gekleurd.
Een kroonblad is een deel van een bloem dat bladachtig is en meestal niet groen gekleurd.
Een meeldraad is het mannelijk voortplantings-orgaan van een bloem dat stuifmeel vormt.
Een stamper is het vrouwelijk voortplantings-orgaan van een bloem dat zaadbeginsels vormt.
De helmknop is het deel van een meeldraad waarin de stuifmeelkorrels gevormd worden.
De helmdraad is het deel van een meeldraad waarop de helmknop staat.
Elke stuifmeelkorrel bevat een zaadcel.
De stempel is het deel van een stamper dat bovenaan zit.
De stijl is het deel van een stamper dat de stempel verbindt met het vruchtbeginsel.
Het vruchtbeginsel is het deel van een stamper waarin één of meer zaadbeginsels gevormd worden.
Elk zaadbeginsel bevat één eicel.
Een tweeslachtige bloem is een bloem waarin zowel meeldraden als een of meer stampers zitten.
Een eenslachtige bloem is een bloem waarin ofwel meeldraden ofwel een of meer stampers zitten.
Een eenhuizige plant is een plant van een plantensoort die zowel mannelijke als vrouwelijke bloemen draagt.
Een tweehuizige plant is een plant van een plantensoort die ofwel mannelijke bloemen ofwel vrouwelijke bloemen draagt.

Walter Deconinck (Kortrijk)



Stages – bijscholingen – symposia

Op zoek naar zand en slijk in de polders
Datum: maandag 26 juli
Plaats: tearoom restaurant Zoutenaaie, Oude Zeedijk, 8630 Zoutenaaie
Programma: met een handboor halen we in de streek van Lampernisse zand, slijk en stukken boom uit het 4000 jaar oude veen. We bezoeken het natuurreservaat van de Ijzer en sluiten af bij de vuurtoren van Nieuwpoort.
Onkosten: € 7,10 binnen de vijf dagen na reservering over te schrijven op 679-0091681-16 met vermelding van het reserveringsnummer dat je bij de reservering ontvangt.
Info en verplicht reserveren: 02/627 42 45 (KBIN)

Bio-ecologische stage in de streek rond de Sint-Pietersberg
Datum: 9 - 11 juli
Plaats: overnachten in de jeugdherberg van Tongeren.
Programma: museumbezoek (maashagedissen, koralen en stekelhuidigen); fossielen determineren; grondbeginselen paleontologie; natuurreservaat Sint-Pietersberg; krijtgroeves.
Voorwaarden: 12 - 26 jaar
Onkosten: € 125, verplicht te reserveren op 02/627 42 52.
Info: natuurateliers@natuurwetenschappen.be of 02/627 44 40.


KBIN-tentoonstellingen

Olympische spelen bij de dieren
Tot 26 september kun je je meten met een jachtluipaard, een dolfijn, een nijlpaard! Ontcijfer het geheim achter hun succes.
Voor families met kinderen van 5-12 jaar.
Vanaf half mei werden de galerij van de zoogdieren, de walvissenzaal en de diorama's afgesloten tot april 2005 voor verbouwingen en restauratie. Vanaf april 2005 is de iguanodonzaal aan de beurt.
Als je je adres bezorgt via 02/627 42 27 of info@natuurwetenschappen.be krijg je gratis het driemaandelijks infoblad 'Museumcontact' met alle gegevens van de komende activiteiten.


De Vroente

Collega's die zich voorgenomen hebben om volgend schooljaar met hun leerlingen aan een activiteit in De Vroente (aan de rand van de Kalmthoutse Heide) deel te nemen kunnen nu reeds reserveren: 03/620 18 30 (Dries Kools) op werkdagen tussen 9.00 en 17.00 uur. De activiteiten duren ongeveer 2,5 uur.

Een aantal activiteiten zijn seizoensgebonden (april-oktober): bomenspel; bodemboring en bodemdieren; bouw van de honigbij; kadertransect; biotische index + chemische analyse (of veenmos of waterexperimenten); waterdieren en -experimenten.
Volgende activiteiten gaan het hele jaar door: biotopenwandeling; dierensporen; oriënteren; seizoenswandeling; aanpassing dieren aan biotoop.
Geef je e-mailadres door naar devroente@lin.vlaanderen.be om op de hoogte te blijven van nieuwe programma's en reservatiedata.


Jobstudenten en animatoren

Gezocht voor het Pass!
Het Pass (Parc d' Aventures Scientifiques) in Frameries zoekt voor de maanden juli en augustus perfect tweetalige jobstudenten.
Het Pass zoekt bovendien 3 animatoren of animatrices voor onmiddellijke indiensttreding met een arbeidscontract van onbepaalde duur.
Opdracht: onthalen van bezoekers; wetenschap-pelijke begeleiding van verschillende publieks-groepen; één weekend op twee werken.
Profiel: zeer goed tweetalig (Nederlands-Frans); interesse voor wetenschappen; ervaring met het begeleiden van groepen.
Wij bieden: brutoloon € 1700; 10 % zaterdag-vergoeding; 20 % zondagvergoeding; 13de maand; dubbel vakantiegeld; maaltijdbons; opleiding.
Uw sollicitatiebrief samen met uw curriculum vitae worden vóór 1 september 2004 verwacht bij Parc d'Aventures Scientifiques, Service du personnel, Rue de Grande Bretagne 45, 7080 Frameries, animation@pass.be



Scientists@work - 2de editie


In september 2004 start VIB (het Vlaams Interuniversitair Instituut voor Biotechnologie) met de tweede editie van het schoolproject scientists@work.
Als u dit schoolproject nog niet kent, kunt u op de website, www.scientistsatwork.be de sfeer opsnuiven van de eerste editie.

Scientists@work biedt u en uw leerlingen de mogelijkheid om met een wetenschapper een praktische wetenschapsproef (die u waarschijnlijk ook in klasverband zou doen) uit te voeren in een academisch of industrieel labo.
Het wedstrijdelement (en de kans op een leuke prijs) geeft dit schoolproject een extra dimensie en onderscheidt het van bestaande initiatieven. Voor veel leerlingen zorgt dit net voor de extra motivatie die ze nodig hebben om heel actief deel te nemen.

Wie kan deelnemen?
Elke leerkracht van het ASO, BSO, KSO en/of TSO met een groep leerlingen (maximum 15) van de 2de en/of de 3de graad.
De leerlingen worden beoordeeld op hun eigen kennis van de materie in functie van hun niveau en niet op de uiteindelijke moeilijkheidsgraad van hun eindwerk: bij de selectie van de laureaten en winnaars worden 2de en 3de graad niet met elkaar vergeleken. Zo werd de 2de prijs vorig jaar weggekaapt door het 4de jaar ASO van K.A. Beveren.

Hoe inschrijven?
Het inschrijvingsformulier staat vanaf 25 augustus on line op de website en mag ingevuld vanaf 20 september om 12 uur per fax of e-mail aan VIB bezorgd worden.
Zodra uw project is toegekend, krijgt u een gedetailleerd infopakket en zal VIB u in contact brengen met de begeleidende wetenschapper. Zo kan de wetenschapper - met uw hulp - zich zoveel mogelijk afstemmen op de noden van de groep.

Het eindwerk
Een beschrijving van het project en de resultaten van de proef, bedenkingen, interacties met andere wetenschappers enz. dienen neergeschreven te worden in een eindwerkje, dat aan een beperkt aantal criteria moet voldoen.
VIB zal de samenvattingen van deze eindwerken verzamelen en publiceren in een boek. Op de website kunt u alvast het boek van de eerste editie inkijken onder ‘samen in 1 boek’.

Slothappening
Half april 2005 selecteert een onafhankelijke jury uit de voor 13 april 2005 ingezonden eindwerken 10 laureaten. Het belangrijkste criterium om geselecteerd te worden, is een inhoudelijk sterk eindwerk, in functie van de leeftijdsgroep.
Deze 10 laureaten stellen vervolgens hun werk voor tijdens de slothappening in de Aula van de universiteit Gent op 11 mei 2005. Een professionele jury selecteert die dag de 3 winnaars.

Een prijs voor iedereen
Alle deelnemers krijgen een leuk aandenken en voor de 3 winnende teams wacht een mooie prijs.
Meer info op www.scientistsatwork.be


Onderwijstips

Tip 417 - Leve het milieu in de klas
Dit is de titel van een zeer verzorgde 5 cm-map die gratis uitgegeven werd door het (tweetalig) Brussels Instituut voor Milieubeheer (BIM). Hierin stelt het BIM informatie, middelen en contactmogelijkheden ter beschikking van de leerkrachten (uit het Brussels gewest) om hen te helpen milieuprojecten op hun school te realiseren. Bovendien laat de map ook toe andere milieudocumentatie op een systematische wijze te bewaren.
Met 11 tussenlegbladen worden volgende onderwerpen gecatalogiseerd: lucht, energie, afval, water, natuur, ecoconsumptie, geluid, oproep tot projecten, evenementen, informatiecentra en diversen.

Meer info: 02/775 75 75 of www.ibgebim.be of ecocons@ibgebim.be

Herman Snoeck (Antwerpen)


Koninklijk Antwerps Genootschap voor Micrografie

Het KAGM houdt elke maandag van 20 tot 22 uur een werkavond in de bioruimte van de UA, campus Middelheim (ex-RUCA), Groenenborgerlaan 171, 2020 Antwerpen. De bioruimte is te bereiken vanaf parking 2, tussen de gebouwen U en S langs het hellend vlak naar beneden.
Iedereen die geïnteresseerd is in microscopie als hobby is van harte welkom. Hieronder het programma voor de volgende maanden.
(P preparaat maken; C causerie; D diversen).

05/07 – C Eindige en oneindige optiek en nog meer interessante zaken over de microscoop.
12/07 – P Stengel munt
19/07 – P Plantenpreparaat
26/07 – D Allerlei
02/08 – D Vers plankton
16/08 – P Yoghurtbacteriën
23/08 – P Houtcoupe
30/08 – P Plantenpreparaat
06/09 – C Anatomie van de zaadplanten I



Lidgeld (per kalenderjaar)
je ontvangt het Jaarboek en BIO en een lidkaart met vrije toegang tot de Zoo, Planckendael, de Plantentuin in Meise, het Zwin, het KBIN, het Arboretum in Kalmthout, het Afrikamuseum in Tervuren.

- Werkende leden: 15 €
- Studenten: 7 €
- Gepensioneerden: 8 €
- Verenigingen, scholen e.a.: 15 €


Jaarboek en BIO
Stort het lidgeld op nr. 068-0 666 550-90 van de Vereniging voor het Onderwijs in de Biologie, de Milieuleer en de Gezondheidseducatie
p.a. E. Van Damme,Hoge Weg 234 – 8200 Sint-Andries (Brugge)
Om het driemaandelijks tijdschrift ZOO van de Antwerpse dierentuin te ontvangen voeg je bij je lidgeld een supplement van 12,39 € met de vermelding ZOO. Let wel: ZOO verschijnt in juli, oktober, januari en april.

Voorzitter
Ignace Nerinckx
(Vrij Gesubsidieerd Onderwijs)
Muizenhoekstraat 6,
B-2812 Mechelen

e-mail: ignace.nerinckx@pandora.be

Ondervoorzitter

Marleen Van Strydonck
(Officieel Onderwijs)
Te Boelaerlei 119/1 – 2140 Borgerhout
E-mail: marleen.vanstrydonck@ua.ac.be

Secretaris
Victor Rasquin
Minister De Clercklaan 2 – 8500 Kortrijk
E-mail: [email]

Penningmeester
Emiel Van Damme
Hoge Weg 234 – 8200 Sint-Andries (Brugge)
E-mail: emiel.vandamme@skynet.be

Redacteur Jaarboek
Laurent Inghelbrecht
Engelstraat 134 – 8480 Ichtegem
E-mail: laurent_inghelbrecht@hotmail.com

Adreswijzigingen en lidkaarten

Herman Snoeck
Jan van Rijswijcklaan 277 – 2020 Antwerpen
E-mail: herman.snoeck@antwerpen.be