Maart 2006
INHOUD

 

Jaarvergadering VOB - Zaterdag, 6 mei 2006
 
Kom naar het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen met je gezin!
 
Toegang gratis op vertoon van de VOB-lidkaart.
 
Programma
10.00  uur - Onthaal met koffie en fruitsap
10.30  uur - Voorstelling KBIN (video 20 min; in het Groot Auditorium voor iedereen)
11.00  uur -
Voor de leden: algemene vergadering (Groot Auditorium)
Voor de partners: vrij bezoek (permanente tentoonstellingen) museum
Voor de jongeren: natuuratelier (>12 jr.: dino's, < 12 jr.: fossielen)
12.30 uur - Lunch in cafetaria (meegebrachte picknick of bestelde broodjes; consumpties betaalt VOB)
13.30 uur - Geleid bezoek tijdelijke tentoonstellingen.  Twee groepen: 'Mosselen Natuur' en  'HartsTocht'
uur - De groepen wisselen
16.00  uur - Einde jaarvergadering

 
Inschrijven
Stort voor het einde van de paasvakantie euro 3 per persoon op rekening 000-1144962-71 van Marleen Van Strydonck, Te Boelaerlei 119/1, 2190 Borgerhout 
Vermeld hoeveel leden (L), echtgenoten (E) of partners en kinderen (12+ en/of 12-) meekomen.  Voorbeeld: L 1,  E 1, 12+ 1, 12- 2 of  L 1, 12+ 2.
I.v.m. de natuurateliers is het om organisatorische reden noodzakelijk dat we bij voorbaat weten hoeveel kinderen van 12 jaar en minder (12-) aanwezig zullen zijn.
 
Vermits het nog twee maand duurt voor de jaarvergadering plaatsgrijpt kun je misschien beter 6 mei in het rood aanduiden op je activiteitenkalender.
 
Let wel: andere familieleden die zouden meekomen - neefjes, nichtjes, (inwonende) grootouders - moeten een gewoon inkomticket kopen en moeten dus niet ingeschreven worden.
 
Bereikbaar

Vermits er weinig parkeergelegenheid is op en rond het KBIN raden we je aan om met de trein te komen.  Je hebt een heen-en-terug ticket aan weekeindtarief.

Brussel Noord - Luxemburg: vertrek  9.45 uur - Aankomst Brussel Luxemburg 9.57 uur
Brussel Noord - Louvain-la-Neuve: vertrek 9.57 uur - Aankomst Brussel Luxemburg 10.09 uur
Brussel Noord - Dinant: vertrek 10.15 uur -  Aankomst Brussel Luxemburg 10.27 uur.
 
Het museum ligt op nog geen 10 minuten wandelen van station Brussel Luxemburg (Leopoldwijk).  Verlaat het station langs de kant van de machtige kantoorgebouwen van de Europese Instellingen en sla, als je op straat staat, rechtsaf.  Bij het rond punt ga je naar links, de stijgende Vautierstraat in.


 
Je bent veel jonger dan je denkt!
 
Van iemand die meer dan twintig jaar is, mogen we gerust zeggen dat het grootste deel van zijn lichaam maar tien jaar oud is en sommige delen ervan zijn zelfs nog veel jonger!
 
Inderdaad, doordat de weefsels van onze organen voortdurend vernieuwd worden, is het niet zo dat als je kalenderleeftijd bijvoorbeeld vijftig jaar is, je lichaam ook in zijn geheel vijftig jaar oud is.  Er sterven in het menselijke lichaam immers iedere minuut 200 tot 300 miljoen cellen, die door nieuwe cellen vervangen worden.  En zo verjongt je lichaam voortdurend...
 
Methode om de leeftijd van een weefsel te bepalen
 
Professor dr. Jonas Frisen, een bioloog van het Karolinkska Instituut van Stockholm in Zweden, heeft een methode ontwikkeld om de leeftijd van de lichaamscellen redelijk nauwkeurig na te gaan.  In grote trekken komt die methode hierop neer. 
 
Tot 1963 werden bovengronds kernwapens getest en tot dat jaar kwam daardoor radioactief koolstof-14 in de atmosfeer terecht.  De meest voorkomende vorm van koolstof is koolstof-12 (6 neutronen en 6 protonen).  Hier gaat het over radioactief C14 – verder C-14 genoemd – dat in de atmosfeer tot radioactief CO2 geoxideerd wordt.  Die C-14 werd dus met CO2 opgenomen door de planten en verwerkt in het fotosyntheseproces.  Mens en dier eten deze planten en C-14 wordt vastgelegd in het DNA van de celkernen.  Nu worden de meeste moleculen in een cel wel voortdurend vervangen, maar dat is niet het geval voor het DNA in de celkernen.  Een eicel en een ermee versmeltende zaadcel, gevormd vanaf de eerste bovengrondse kernproeven, bevatten dus DNA met C-14 en bij de miljarden celdelingen die volgen op de eerste deling van de bevruchte eicel tot op het ogenblik van de dood, wanneer de celdelingen ophouden, worden er voortdurend cellen geproduceerd met celkernen die DNA met C-14 bevatten.  We zouden kunnen zeggen dat die celkernen "gemarkeerd" zijn met C-14.
 
Vanaf 1963 tot heden is de hoeveelheid CO2 met C-14 in de lucht afgenomen, zodat we mogen aannemen dat als bijvoorbeeld iemand geboren is in 1965 er meer C-14 in zijn weefsels aanwezig is, dan bij iemand die geboren is in 2004.  Dr. Frisen werkte dat uit door een schaal op te stellen uitgaande van het C-14-gehalte in de jaarringen van Zweedse dennen waarvan hij via een plantenanatomische analyse de leeftijd makkelijk kon vastleggen.  Hoe ouder de jaarring, hoe meer C-14 en omgekeerd.  Uitgaande van die schaal kon hij dus uit de bepaling van het C-14-gehalte van een weefsel nagaan wanneer dat weefsel gevormd werd.
 
Leeftijd van onze weefsels
 
Als illustratie bij een biologieles zijn vooral de resultaten van het onderzoek van dr. Frisen van belang.
Volgens dr. Frisen zijn bijna alle hersencellen van de hersenschors vanaf de geboorte tot de dood dezelfde.  Toch zijn er onderzoekers geweest die ontdekt hebben dat er toch nog nieuwe hersenneuronen gevormd kunnen worden.  Dit vraagt in alle geval nader onderzoek.  Volgens bepaalde geleerden zouden actieve en afwisselende hersenactiviteiten toch aanleiding geven tot het vormen van nieuwe hersencellen en dus nieuwe intellectuele vaardigheden mogelijk maken.  Met de tsunami van de vergrijzing die in Vlaanderen op ons aankomt, zou een grondiger kennis van dit verschijnsel van groot belang kunnen zijn.  Hoe ouder we worden, hoe beter het zou kunnen zijn om lang geestelijk actief te blijven.  Een van onze kennissen is 88 jaar en nu nog begonnen met te "computeren", dit tot zijn groot genoegen en dit houdt hem, naar eigen zeggen, geestelijk fit en alert.  Er zijn immers leuke dingen te leren en te zien op het "Wereld-Wijde-Web" (www).
 
Cellen van de tussenribspieren zijn gemiddeld 15,1 jaar oud.  De cellen van de binnenbekleding van de maag en het darmkanaal – de epitheel- of dekweefselcellen – leven maar een vijftal dagen.  Een volwassene verliest inderdaad met de uitwerpselen dagelijks onge-veer 30 gram dode cellen, overeenkomend met 70 miljard cellen!  De andere cellen van de darm blijven 15,9 dagen in leven.
 
Wie in de klas dierlijke cellen wil laten zien, kan daarvoor cellen gebruiken die met een luciferstokje aan de binnenkant van de wang makkelijk afgewreven kunnen worden (eventueel kleuren met een jodiumoplossing).  Een bewijs dat we daar voortdurend cellen verliezen.
 
Ook de spiercellen van het hart worden vernieuwd, maar dr. Frisen heeft nog niet kunnen nagaan hoe lang ze leven.
 
Van de rode bloedcellen weten we al lang dat ze gemiddeld maar 120 dagen leven tot ze afgebroken worden en in de lever en de milt aan hun eind komen.
 
De cellen van de opperhuid worden ongeveer om de twee weken volledig vervangen.  De hele huid vernieuwt zich in 100 tot 120 dagen, d.w.z. dat we tot driemaal per jaar met een volledig nieuwe huid bekleed zijn.  Het gevolg is dat 50 tot 60 procent van het stof in een huis uit huidcellen bestaat.
Net zoals een broek of een rok verslijten door wrijving met het zitvlak van een stoel, zo "verslijt" ook de huid door wrijving met onze kleren.  En we kunnen in de klas het afslijten van de huid makkelijk aantonen.  Met een vlijmscherp scalpel kan men de cellen tussen de plooien aan de basis van de vingers mooi wegkrabben.  En als we een heel klein druppeltje salpeterzuur op een vingertop brengen, krijgen we het gevormde geeloranje vlekje niet weg door het met zeep te wassen, maar toch is het vlekje na enkele dagen weggesleten.  Na het nemen van een bad blijft er op het water een laagje smurrie achter, bestaande uit zeepresten en afgewreven cellen.
 
Levercellen zouden om de 300 tot 500 dagen vervangen worden.  De cellen van de skeletbeenderen gaan een tiental jaar mee, zodat we om de tien jaar een geheel nieuw geraamte bezitten.
 
Deze soms merkwaardige gegevens kunnen een les over de mitose concreet maken (zie de webstek van de VOB, rubriek "Nieuw", "Begrippenkaarten over celdelingen", begrippenkaart "1. Cellen ontstaan uit cellen").
 
Meer onderzoekingen kunnen de resultaten nog verfijnen, maar we weten toch al zeker dat we lichamelijk jonger zijn dan wat uit onze identiteitskaart af te leiden is.  En hopelijk heeft het schrijven van dit stukje voor BIO de ondergetekende aan enkele nieuwe hersenneuronen kunnen helpen of toch ten minste enkele nieuwe neurale verbindingen kunnen bezorgen...  Hoop doet leven.
 
Walter Deconinck (Kortrijk)


 
 
Heb je vragen over DNA-onderzoek?
 
Prof. dr. Dieter Deforce (faculteit Farmaceutische Wetenschappen UGent) heeft toegezegd om op het 12de Vlaams Congres van Leraars Wetenschappen een lezing te houden over forensische DNA-analyse.
Professor Deforce is een specialist in het analyseren van DNA, DNA-fingerprinting enz. en is o.m. expert voor gerechtelijke onderzoeken.
Als je met vragen zit rond dit onderwerp kun je die deze maand aan VOB bezorgen.  Eind maart worden ze dan doorgegeven aan de professor, die ze in zijn lezing zal beantwoorden.
Stuur je vragen per post naar de redacteur van BIO of doe het per e-mail.  Zie colofon voor de adressen.
 
Het congres gaat dit jaar door op 18 november.


 
 
Exit NICHE
 
In december 2005 verscheen het laatste nummer van het Tijdschrift NICHE van onze Nederlandse zustervereniging NIBI.
NICHE was de voortzetting van het bij oudere collega's zeker nog bekende BULLETIN VOOR HET ONDERWIJS IN DE BIOLOGIE.  De opeenvolgende redacties hebben het 35 jaar volgehouden.
Het tijdschrift verscheen 5 maal per jaar, op A4-formaat en in kleurendruk en er stonden steeds interessante artikels (veel 'gesneden brood...') in.  Het verscheen ook in digitale vorm.
Maar nu is het er niet meer.  Het aantal abonnees daalde steeds en het waren altijd dezelfde vrijwillige medewerkers die voor de nodige kopij zorgden.
In Nederland krijgt het onderwijs in de biologie nu nog 1 tabloidpagina in BIONIEUWS, het tweewekelijkse krantje van NIBI.
 
Gaan BIO en het JAARBOEK dezelfde weg op?  Gelukkig blijft het aantal VOB-leden vrij constant: op het einde van elk werkingsjaar worden er rond 1150 BIO's verstuurd.  Maar...
 
In 1980 verscheen ons eerste jaarboek omdat we niet voldoende artikels meer toegezonden kregen om zoals voordien (1955 - 1979) vier maal per jaar een tijdschrift te laten verschijnen.  Ondertussen werd het steeds moeilijker om interessante artikels voor het jaarboek te verzamelen en moesten de leden van het bestuur telkenmale bij bevriende collega's gaan bedelen om kopij.  Sinds 2000 bestaat de inhoud van het jaarboek nog in hoofdzaak uit teksten die op het Vlaams Congres van Leraars Wetenschappen door de werkgroepleiders worden rondgedeeld.  En de werkelijk nieuwe artikels worden meestal geschreven door enkele gepensioneerde collega's, waarbij steeds Michel Asperges.
 
BIO (verschijnt sinds 1971) gaat dezelfde weg op.  De 'Vragenrubriek' (waarop niemand nog antwoordt) en de rubriek 'Onderwijstips'  liggen al lang plat.  Natuurlijk is er de informatie die door allerlei instanties naar de redacteur wordt gestuurd en die onze leden kan interesseren.  Maar wie zorgt verder voor de meeste artikeltjes?  Sinds 2000: Frans Desfossés (gepensioneerd),  Walter Deconinck (gepensioneerd) en af en toe nog enkele leden van het VOB-bestuur.  Als redacteur (gepensioneerd) vul ik verder aan.
Dezelfde namen als hierboven vind je rond 1980 reeds terug in de jaarboeken en het tijdschrift!
 
Eens moeten wij, gepensioneerden, er toch mee stoppen.  Wie gaat er het JAARBOEK en BIO dan 'vullen' ?
 
Herman Snoeck (Antwerpen)


 
 
'De zaak DNA'
 
Tentoonstelling van 31 maart 2006 tot 18 maart 2007 in de Kunsthal Sint Pietersabdij in Gent. 
 
Ze leidt je binnen bij de familie Van Gent.  Aan de hand van hun verhaal kom je meer te weten over erfelijkheid en over de rol van biotech-nologie in onze geneeskunde.  Zo kun je ontdekken hoe biotechnologie ons helpt ons lichaam beter te begrijpen en hoe het aan de basis ligt van diagnoses en behandelingen van aandoeningen.
 
Op www.dezaakdna.be meer gedetailleerde info.  Op deze website is ook meer informatie over de tentoonstelling beschikbaar.
 
Gratis lerarendagen: woensdag 12 en zaterdag 15 april 2006
 

Begeleid bezoek aan de tentoonstelling, duur 2 uur.  De rondleidingen starten om 9.45 uur, 11.45 uur, 14.00 uur en 16.00 uur.  Na afloop van het bezoek wordt het educatieve pakket voorgesteld bij een kop koffie.  Inschrijving is verplicht via www.lerarenkaart.be.  Uw partner mag ook gratis meekomen.

Educatief pakket
  
-  Vragenlijst met antwoorden die de bezoeker door de tentoonstelling leiden.
-  Een voor leerkrachten uitgeschreven par-cours door de tentoonstelling met accenten die aansluiten bij de eindtermen voor 2de en 3de graad secundair onderwijs.
-  De teksten voor de audioguides bevatten informatie om je klas doorheen de tentoonstelling te leiden.  Via een microfoon kan je ze voorlezen of vertellen; de leerlingen horen je via een hoofdtelefoontje.
-  Lespakketten over verschillende thema's uit de tentoonstelling: erfelijkheid,  genetische testen, vaccinaties, geneesmiddelen, stamcellen, gentherapie, kanker.   Elk pakket bevat een uitgewerkte les, extra achtergrondinformatie en beeldmateriaal
-  Een bijlage van het jongerenmagazine Explore dat volledig aan biotechnologie gewijd is: mogelijke studierichtingen en beroeps-keuzes in dit vakgebied; een bespreking van 'De zaak DNA'; op twee thema's uit 'De zaak DNA' wordt dieper ingegaan nl. de ziekte van Crohn en het gebruik van EPO.
 
De tentoonstelling is te bezoeken met klassen van maximum 25 leerlingen, reservatie verplicht.  Prijs per leerling: 2 euro, begeleidende leerkracht gratis


 
 
Biologie op Internet
 
Nieuw op de VOB-webstek
 
Eind december 2005 werd het tiende deel van de "Kernachtige uitspraken over wetenschap, biologie, biologieonderwijs, onderwijs en opvoeding" op de website van onze Vereniging gezet (zie rubriek "Uitspraken" van http://www.vob-ond.be). In het totaal komen die tien delen overeen met tienmaal twintig, d.i. tweehonderd getypte A4-bladen.  In die vele uitspraken is er "voor elk wat wils", van een eenregelige boutade tot een langer citaat dat een biologieleerkracht kan interesseren.
 
In de rubriek "Nieuw" vind je een verwijzing naar "Begrippenkaarten over celdelingen".  Daar worden negen begrippenkaarten voorgesteld over de mitose, de celcyclus en de meiose.  Deze kaarten mogen met toelating van de auteur afgedrukt en eventueel aan leerlingen ter beschikking gesteld worden.  Begrippenkaarten worden wereldwijd in het onderwijs gebruikt.  In het Engels heet zo'n kaart een "concept map" en onder die naam verwijst Google naar honderden webstekken.  Een idee voor een eindwerk in de leraren-opleiding: een deel leerstof omzetten in een reeks begrippenkaarten.


 
 
E-zine ANNET
 
Antwerps Netwerk natuur- en milieueducatie
 
Zoek je interessante lesmaterialen of studiedagen in verband met natuur en milieu?  Wil je weten wat er in de provincie Antwerpen reilt en zeilt op het vlak van natuur- en milieueducatie?  Stuur dan een mailtje naar nathalie.dillen@pime.provant.be en je ontvangt drie keer per jaar het E-zine ANNET in je mailbox.


 
 
Stages – bijscholingen – symposia
 
Houtkant en hooiland
 
Datum: dinsdag 25 april 2006 (13.30 tot 16.30 uur)
Plaats: Sint-GabriÔlcollege, Lange Kroonstraat 72, 2530 Boechout
Onderwerp: zijn een houtkant en hooiland in een Educatief Reservaat
Programma: voor beide biotopen gaan we dieper in op de aanleg, het onderhoud en de educatieve aanpak samen met leerlingen, leerkrachten en schoolpersoneel. Op het programma staan onder andere determineeroefeningen en opdrachten in verband met de relatie tussen plantengroei en bodemkenmerken. We voorzien ruim de tijd om ervaringen uit te wisselen. 
Onkosten: de deelneming is gratis
Inschrijven: voor 18 april noodzakelijk, via e-mail karin.keustermans@pime.provant.be of tel. 015/30 61 28
 
Hoe waardevol is de natuur om de hoek?
 
Datum: woensdag 14 juni (9-16.30 uur)
Plaats: CNO,  Universiteitsplein 1, 2610 Wilrijk
Programma: een ecologisch practicum organiseren op een terrein in de buurt van de school.
Onkosten: euro 45,00
Info en inschrijving: cno@ua.ac.be, 03/820 29 60


 
 
Mammoet
 
Met welke olifantensoort is de mammoet het meest verwant?
 
In 'Wetenschap', een katern uit De Standaard van 22.12.2005, beschnjft Hilde Van den Eynde onder de titel 'Mammoetrecept gevonden' enkele DNA-onderzoeken met celmateriaal van de wolharige mammoet (Mammuthus primigenius).
 
Een eerste onderzoek aan het Leipziger Max-Planck-Institut fÙr Evolution¹re Anthropologie werd geleid door Michael Hofreiter.  Uit fossiel mammoetbot werd mitochondriaal DNA geÔxtraheerd.  Door muitiplexpolymerase-kettingreactie werden 46 deels overlappende strookjes DNA gekopieerd, nagespeld en in de juiste volgorde achter elkaar gelegd.  In het totaal werden ca. 5 000 DNA-letters ontrafeld, bijna het volledige erfelijke 'recept' uit een mammoetmitochondrion.
Door vergelijking met het DNA van hedendaagse olifanten stelde het team een iets grotere verwantschap vast met de Indische dan met de Afrikaanse olifant.  De Afrikaanse olifant zou ± 6 miljoen jaar geleden zijn ontstaan en ± 440 000 jaar later zouden de mammoet en de Indische olifant hiervan afgesplitst zijn.
Het volledige onderzoek werd gepubliceerd in het gereputeerde vakblad Nature.
 
Het concurrerende vakblad Science kon niet achterblijven en publiceerde op zijn beurt een onderzoek naar mammoet-DNA.  Hendrik Poinar van de Canadese McMasteruniversiteit haalde met de hulp van collega's uit Rusland, Duitsland, Engeland en de V.S. kern-DNA uit het kaakbeen van een mammoet.  Ze bepaalden de lettervolgorde van dat DNA met pyrosequeneren.  Volgens hen komt het DNA het meest overeen met dat van de Afrikaanse olifant.
 
In onze streken kwam de wollige mammoet voor op de koude steppe van ca. 200 000 jaar tot ± 10 000 jaar geleden.  Door het snel warm worden van het klimaat verdween de toenmalige steppebegroeiing.  Alleen in het uiterste oosten van SiberiÔ hebben mammoets tot ca. 6000 jaar geleden geleefd.
 
Welke BIO-lezer kan meer (recente!) informatie geven over de afstamming van olifanten in het algemeen en de wolharige mammoet in het bijzonder?
 
Frans Desfossés  (Edegem)


 
 
Waardoor hebben naaldbomen niet 'de duimen moeten leggen'  voor loofbomen?
 
Wetenschappers aan de universiteit van Utah hebben een artikel over dit onderwerp gepubliceerd in het wetenschappelijk vakblad Science.  Zij onderzochten waardoor - in de loop van de evolutie - naaldbomen zich hebben kunnen handhaven tegen de opmars van loofbomen in.
Een factor in het voordeel van de meeste gymnospermen is dat hun bladeren jarenlang meegaan.  Maar de vraag ging eerder naar het transportsysteem.  Als we radiale en tangentiÔle coupes maken door het hout van een naaldboom en van een loofboom, dan vallen duidelijke verschillen op.  In naaldboomhout vinden we als geleidingsweefsel uitsluitend tracheïden, die door middel van stippels in verbinding staan met de volgende tracheïden.  Bij angiospermen daarentegen vinden we tracheïden èn houtvaten.  Als we uitsluitend op die coupes voortgaan, dan zijn naaldbomen duidelijk 'gehandicapt'.  Een houtvat staat tegenover een tracheïde als een snelweg tegenover een dorpsstraat.
De Amerikaanse onderzoekers hebben echter ontdekt dat de stippels, die de tracheïden in naaldbomen onderling verbinden, veel meer waterdoorlatend zijn dan de stippels in tracheïden van loofbomen.  De stroom van water en mineralen verloopt tot 59 keer gemakkelijker door een stippel van een fijnspar dan van een eik.  Daardoor verloopt de sapstroom in een naaldboom - ondanks het ontbreken van vaten - ongeveer even vlot of zelfs vlotter dan in een loofboom.
Over het verschil in transport van de dalende sapstroom door het floÔem wordt geen melding gemaakt.  Als u, beste collega, hierover meer zou weten, gelieve dat dan te meiden aan de redacteur van dit blad.
 
Frans Desfossés (Edegem)


 
 
IG-NOBEL-prijzen
 
In oktober worden aan de Harvarduniversiteit de jaarlijkse Ig-nobelprijzen uitgereikt.  Die prijzen gaan naar de meest excentrieke of overbodige wetenschappelijke onderzoeken.  We weerhouden twee genomineerde teams.
 
Ecologie
Onderzoekers van het Centrum voor Mariene Tropenecologie in Bremen wilden meer te weten komen over het pendelen van vissen tussen de open zee en de mangroven.  Ze lieten daarvoor een speciale sonar bouwen.  Het was de bedoeling daarmee de echo te meten van de zwemblaas van de voorbijzwemmende vissen.  Ze gingen van de stelling uit dat grotere vissen een grotere zwemblaas hebben.  Na een hele reeks metingen kwamen ze tot het besluit dat de vissen zich bij vloed massaal lieten landinwaarts voeren door de stroming.  De terugkeer begon telkens al vóór het begin van de eb.
Aan hen werd achteraf gevraagd de vangstmethode van de plaatselijke vissers te bestuderen.  Het bleek dat die vissers tijdens het einde van de vloed hun visnetten plaatsten met de opening landinwaarts gekeerd.  Opeenvolgende generaties vissers hadden van elkaar geleerd dat ze zo de meeste vissen konden vangen, als die begonnen terug te keren naar zee.
De sonar had ± 50 000 EUR gekost en het onderzoek in de Braziliaanse mangroven had 15 maand in beslag genomen.
 
Biologie
Wordt ontrouw van vrouwen aan mannelijke zijde gepareerd met grotere teelballen?  Bij concurrentie is het immers belangrijk tot een grotere zaadproductie te komen.  De vorming van teelballen eist echter - net zoals de vorming van het zenuwstelsel - zeer veel energie.
Wat in teelballen geïnvesteerd wordt, kan niet in hersenen worden geïnvesteerd, moeten Amerikaanse wetenschappers gedacht hebben.  Mannen met grotere teelballen hebben dus kleinere hersenen.
Biologen van drie Amerikaanse universiteiten (Syracuse, Columbia en Maryland) besloten daarvoor samen een sluitend bewijs te leveren.
 
Mensen als 'proefkonijnen' gebruiken was uitgesloten.  Daarenboven zouden mensen slecht vergelijkbaar cijfermateriaal opleveren.  Een gezonde, jonge man van 70 kg kan teelballen hebben die samen 60 gram wegen, terwijl de hersenen bv. 1450 gram kunnen wegen.  De teelballen nemen dan 0,086 % in van de lichaamsmassa, terwijl de hersenen 2,07 % voor hun rekening nemen.  Dat is 24 maal meer.  De getallen zijn onderling van die aard, dat ze geen erg betrouwbare statische waarden kunnen opleveren.
 
Dus werd er gezocht naar zoogdieren waarbij de massaverhouding teelballen/hersenen veel groter is.  Bijna automatisch kom je dan bij vleermuizen terecht.  De watervleermuis (Myotis daubentonii) bv. weegt ± 9,0 g. De teelballen wegen samen 0,60 g en de hersenen slechts 0,29 g.  Dat betekent respectievelijk 6,7 % en 3,2 % van de lichaamsmassa.  Een verhouding van teelballen/hersenen van ± 211.
Daarenboven weren vrouwelijke watervleermuizen de mannetjes uit hun slaapnesten, terwijl bv. de rosse vleermuis vrij toegang heeft.  Als dat geen provocatie is!
 
De onderzoekers bestudeerden hersenmassa, teelbalmassa en paargedrag van 334 verschillende soorten vleermuizen. 
Conclusie: ontrouw bleek geen effect te hebben op de hersengrootte, noch op de grootte van de teelballen.
 
Frans Desfossés (Edegem)


 
 
Vragenrubriek
 
Vraag 36/2/285 – Medewerking gevraagd
 
Voor een artikel met practica i.v.m. de ademhaling bij de mens, zoek ik een collega die het nodige talent bezit om enkele verzorgde tekeningen te maken die dat artikel moeten illustreren.
Het artikel is bedoeld voor het Jaarboek 2007. Het gaat om een tiental lijntekeningen waarvoor ik onvolmaakte schetsen zou bezorgen. Alles kan schriftelijk geregeld worden.
Graag een reactie op het adres: Walter Deconinck, Loncinstraat 15, 8500 Kortrijk.


 
Koninklijk Antwerps Genootschap voor Micrografie
 
20/03 – Preparaat:  de huid van een gifpijlkikker. 
27/03 – Preparaat: stengel van een pompoen.
03/04 – Preparaat: kleine kreeftachtigen.   
10/04 – Preparaat:  planten of coupe van een pissenbed.  
24/04 – Plantenpreparaat.  
08/05 – Vers plankton onder de microscoop.


 

 

 

Lidgeld (per kalenderjaar)
je ontvangt het Jaarboek en BIO en een lidkaart met vrije toegang tot de Zoo, Planckendael, de Plantentuin in Meise, het Zwin, het KBIN, het Arboretum in Kalmthout, het Afrikamuseum in Tervuren.

- Werkende leden: 15 €
- Studenten: 7 €
- Gepensioneerden: 8 €
- Verenigingen, scholen e.a.: 15 €

Jaarboek en BIO
Stort het lidgeld op nr. 068-0 666 550-90 van de Vereniging voor het Onderwijs in de Biologie, de Milieuleer en de Gezondheidseducatie
p.a. E. Van Damme,Hoge Weg 234 – 8200 Sint-Andries (Brugge)
Om het driemaandelijks tijdschrift ZOO van de Antwerpse dierentuin te ontvangen voeg je bij je lidgeld een supplement van 12,39 € met de vermelding ZOO. Let wel: ZOO verschijnt in juli, oktober, januari en april.

Voorzitter
Ignace Nerinckx
(Vrij Gesubsidieerd Onderwijs)
Muizenhoekstraat 6,
B-2812 Mechelen

e-mail: ignace.nerinckx@pandora.be

Ondervoorzitter

Marleen Van Strydonck
(Officieel Onderwijs)
Te Boelaerlei 119/1 – 2140 Borgerhout
E-mail: marleen.vanstrydonck@ua.ac.be

Secretaris
Victor Rasquin
Minister De Clercklaan 2 – 8500 Kortrijk
E-mail: [email]

Penningmeester
Emiel Van Damme
Hoge Weg 234 – 8200 Sint-Andries (Brugge)
E-mail: emiel.vandamme@skynet.be

Redacteur Jaarboek
Vik Casteels
Witveld 1 - 2811 Leest
e-mail : Vik.Casteels@advalvas.be

Adreswijzigingen en lidkaarten

Herman Snoeck
Jan van Rijswijcklaan 277 – 2020 Antwerpen
E-mail: herman.snoeck@antwerpen.be